Handgeschreven concept of afschrift van een ambtelijke notitie/brief op een los blad (mogelijk hergebruikt papier).
Origineel
Handgeschreven concept of afschrift van een ambtelijke notitie/brief op een los blad (mogelijk hergebruikt papier). 23 augustus 1940 (gebaseerd op de rood-inkt aantekening). (Linkerkolom/bovenzijde)
195
~~hulp verlichting~~
noodverlichting
schoonmaken machinedeels
ontdooilampen
kooks
voorraad brandstoffen
(Rode inkt)
7 / 17 / 517 23/8/’40 № 86
(Hoofdtekst)
N. aanl. v. d. laatste
alinea van Uw circulaire
a. d. Wegverz (No.
5/18 GMW) heb ik de eer U te
berichten, dat petroleum
voor nood- en hulpverlichting
eventueel kan worden
vervangen door kaarsen,
~~ten~~ indien deze althans,
met de noodige lantarens, nog
verkrijgbaar zijn.
(Rechterkolom)
232
cor [onleesbaar]
15 ½ - 15 ⅞ br L [onleesbaar]
30 L Het document bevat een concept-antwoord op een circulaire betreffende brandstofbesparing en noodvoorzieningen. De auteur reageert op een specifiek verzoek (mogelijk van een hogere instantie zoals 'Wegverzorging' of 'Gemeentewerken' - afgekort als GMW) over het gebruik van petroleum.
Vanwege de schaarste aan brandstoffen wordt voorgesteld om petroleum voor nood- en hulpverlichting te vervangen door kaarsen. De schrijver voegt hier echter een voorbehoud aan toe: dit is alleen mogelijk mits de kaarsen en de bijbehorende lantaarns nog leverbaar zijn. De termen "machinedeels" (machineonderdelen) en "ontdooilampen" suggereren dat dit een technisch-facilitaire omgeving betreft, mogelijk gerelateerd aan infrastructuur of transport.
De rode aantekeningen zijn typische archiefkenmerken (dossiernummers en datum van ontvangst of verwerking), wat erop wijst dat dit document deel uitmaakte van een geordend administratief systeem. De datum, 23 augustus 1940, plaatst dit document in de vroege maanden van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode begonnen de eerste tekorten aan brandstoffen zoals petroleum nijpend te worden door distributiemaatregelen en vorderingen door de bezetter.
Het document illustreert hoe de Nederlandse bureaucratie onder bezettingstijd zocht naar praktische oplossingen voor schaarste. Het gebruik van kaarsen in plaats van olie- of petroleumlampen was een van de vele noodgrepen om vitale diensten (zoals wegonderhoud of machinekamers) draaiende te houden terwijl de reguliere brandstofvoorraden uitgeput raakten. De vermelding van "ontdooilampen" kan wijzen op voorbereidingen voor de komende wintermaanden.