Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte ambtelijke brief met handgeschreven kanttekeningen. 9 juli 1940. De Directeur van het Marktwezen (vermoedelijk Amsterdam, gezien de terminologie). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier. [Rechtsboven, handgeschreven in blauwe inkt:]
C.v. Duijnhoven
[met daaronder een paraaf/teken]
[Adressering:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Kenmerk links:]
SB/10/1 M.
[Datum rechts:]
9 Juli 1940
[Inhoud:]
Ter voldoening aan de missive van Uw Ambtsgenoot
voor de Pensioenen d.d. 27 Januari 1936 No.201 A.P.B. (No.
86 L.M.) heb ik de eer U te berichten, dat gedurende het
tweede kwartaal 1940 bij het Marktwezen geen werkzaamheden
zijn opgedragen aan personen, wien pensioen ex de Pensioen-
wet 1922 (S.240) was toegekend.
[Ondertekening:]
De Directeur,
[Handgeschreven notaties linksonder:]
[In rood potlood:] 8B/12/111
[In blauwe inkt:] 10/12/40 SB
[In blauwe inkt:] ZZ [?] [...] [onleesbare krabbel/paraaf] Dit document is een formele, negatieve rapportage van de Directeur van het Marktwezen aan de Wethouder voor de Levensmiddelen. De directeur stelt vast dat er in het tweede kwartaal van 1940 geen gepensioneerden (volgens de Pensioenwet van 1922) werkzaam zijn geweest bij zijn dienst.
Dergelijke rapportages waren destijds verplicht op basis van een besluit uit 1936, waarschijnlijk om te controleren op "dubbel inkomen" (cumulatie van pensioen en salaris) of om de werkgelegenheid voor niet-gepensioneerden te beschermen. De brief is kort na de Duitse inval (mei 1940) geschreven, wat aantoont dat de reguliere gemeentelijke bureaucratie in de eerste maanden van de bezetting nagenoeg ongewijzigd doorliep. * Bestuurlijke context: De term "Alhier" in de adressering duidt op een interne correspondentie binnen hetzelfde gemeentebestuur.
* Wetgeving: De genoemde "Pensioenwet 1922 (S.240)" (Staatsblad 240) was de standaardwet die de pensioenen voor burgerlijke ambtenaren regelde.
* Archivistische context: De rode en blauwe cijfers en parafen linksonder zijn typische kenmerken van een registratuurstelsel. Het rode nummer 8B/12/111 verwijst waarschijnlijk naar de specifieke archiefmap of het dossiernummer waarin dit document werd opgeborgen. De datum 10/12/40 suggereert een latere afhandeling of archivering van het stuk.