Archief 745
Inventaris 745-311
Pagina 247
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of origineel op officieel papier).

23 april 1940. Van: Vermoedelijk een directielid of functionaris van de Centrale Markt te Amsterdam (gezien de verwijzing naar "mijn dienst" en de locatie).

Origineel

Getypte brief (doorslag of origineel op officieel papier). 23 april 1940. Vermoedelijk een directielid of functionaris van de Centrale Markt te Amsterdam (gezien de verwijzing naar "mijn dienst" en de locatie). VP/HG.

10/20/2 M.

M. Küfler.

23 April 1940.

de Directie van het
Gemeente Energie Bedrijf,
Tesselschadestraat 1,
Amsterdam-West.
Wijk 21.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 15 dezer (Afd. GSB) bericht ik U, dat openbreking van een munt electriciteitsmeter in het kantoor no.59 in de hal op de Centrale Markt niet is gebleken. Het bedoelde kantoor dient voor inkwartiering van militairen, die daar een munt electriciteitsmeter deden plaatsen en die zelf het stroomverbruik betaalden. De sergeant, die de leiding over de bedoelde militairen heeft deelde mede, dat hij eenige maanden geleden Uw dienst heeft gewaarschuwd, omdat een gulden niet in den meter kon worden doorgedraaid. Een storingsmonteur heeft daarop den meter nagezien en hieraan een label gehecht. Deze label is, volgens den sergeant, kort daarna weer verwijderd door een meteropnemer van Uw dienst, althans door iemand met een uniformpet, zooals die door Uw personeel wordt gedragen. Tevens werd de meter toen gelicht en er zou toen ƒ 3,- uit zijn genomen. Bij een volgende meteropneming werd den sergeant meegedeeld, dat slechts ƒ 1,- in den meter aanwezig was, terwijl daar, volgens het telwerk, ƒ 4,- in moest zijn. De sergeant zou het bovenstaande ook reeds mondeling aan een inspecteur van Uw dienst hebben verklaard. De heer Nijmeier van Uw dienst, die over deze aangelegenheid telephonisch sprak met den hoofdopzichter Jonkman van mijn dienst, verklaarde nog, dat sporen van braak aan den meter niet zijn * Onderwerp: Een onderzoek naar een vermoedelijke onregelmatigheid of diefstal bij een munt-elektriciteitsmeter. Er is een discrepantie tussen het bedrag dat volgens het telwerk in de meter zou moeten zitten (ƒ 4,-) en het daadwerkelijk aangetroffen bedrag (ƒ 1,-).
* Plaats delict: Kantoor no. 59 in de hal van de Centrale Markt in Amsterdam.
* Betrokkenen:
* Een ongenoemde sergeant (verantwoordelijk voor de ingekwartierde militairen).
* Een onbekende persoon in uniformpet (mogelijk een fraudeur of een meteropnemer).
* De heer Nijmeier (medewerker GEB).
* De heer Jonkman (hoofdopzichter van de Centrale Markt).
* Kern van de zaak: Hoewel het GEB klaarblijkelijk informeerde naar een "openbreking" (braak), stelt de schrijver vast dat daar geen sprake van is. Er lijkt eerder sprake te zijn van een onbevoegde lichting van de meter door iemand die zich voordeed als GEB-personeel, of een administratieve/procedurele fout binnen de keten van meteropname.
* Staat van het document: De tekst eindigt abrupt onderaan de pagina bij het woord "zijn", wat suggereert dat er een tweede blad was. * Historische periode: De brief is gedateerd op 23 april 1940. Dit is minder dan drie weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940).
* Mobilisatie: De vermelding van "inkwartiering van militairen" is tekenend voor deze periode van de Nederlandse mobilisatie. Veel openbare gebouwen en locaties zoals de Centrale Markt werden gebruikt om soldaten te huisvesten.
* Technologie: De "munt-electriciteitsmeter" was een gangbaar systeem waarbij men met guldens vooraf betaalde voor stroom, vergelijkbaar met een prepaid-systeem.
* Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "electriciteit", "telephonisch", "eenige") en een formele, ambtelijke toon die gebruikelijk was in de correspondentie tussen gemeentelijke diensten.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een onderzoek naar een vermoedelijke onregelmatigheid of diefstal bij een munt-elektriciteitsmeter. Er is een discrepantie tussen het bedrag dat volgens het telwerk in de meter zou moeten zitten (ƒ 4,-) en het daadwerkelijk aangetroffen bedrag (ƒ 1,-).
  • Plaats delict: Kantoor no. 59 in de hal van de Centrale Markt in Amsterdam.
  • Betrokkenen:
    • Een ongenoemde sergeant (verantwoordelijk voor de ingekwartierde militairen).
    • Een onbekende persoon in uniformpet (mogelijk een fraudeur of een meteropnemer).
    • De heer Nijmeier (medewerker GEB).
    • De heer Jonkman (hoofdopzichter van de Centrale Markt).
  • Kern van de zaak: Hoewel het GEB klaarblijkelijk informeerde naar een "openbreking" (braak), stelt de schrijver vast dat daar geen sprake van is. Er lijkt eerder sprake te zijn van een onbevoegde lichting van de meter door iemand die zich voordeed als GEB-personeel, of een administratieve/procedurele fout binnen de keten van meteropname.
  • Staat van het document: De tekst eindigt abrupt onderaan de pagina bij het woord "zijn", wat suggereert dat er een tweede blad was.

Historische Context

  • Historische periode: De brief is gedateerd op 23 april 1940. Dit is minder dan drie weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940).
  • Mobilisatie: De vermelding van "inkwartiering van militairen" is tekenend voor deze periode van de Nederlandse mobilisatie. Veel openbare gebouwen en locaties zoals de Centrale Markt werden gebruikt om soldaten te huisvesten.
  • Technologie: De "munt-electriciteitsmeter" was een gangbaar systeem waarbij men met guldens vooraf betaalde voor stroom, vergelijkbaar met een prepaid-systeem.
  • Taalgebruik: Het document hanteert de toenmalige spelling (bijv. "electriciteit", "telephonisch", "eenige") en een formele, ambtelijke toon die gebruikelijk was in de correspondentie tussen gemeentelijke diensten.

Kooplieden in dit dossier 26

Gebouw Jan van Galenstraat 8/22 Waterlooplein
Sportveld nabij terrein Waterloosing [doorgehaald]
Stads-bank-van-leening, rek. 49
Strook Visseringkade gratis
Strook Vlissingkade zie 96/12/1 m
Terrein, bestemd voor de uitbreiding van het marktterrein Waterlooplein
Terreinstuk langs kade F id.
Waterleidingen, rek. 43

Gerelateerde Documenten 6