Getypte brief (doorslag/kopie).
Origineel
Getypte brief (doorslag/kopie). 13 juli 1940. De Directeur (vermoedelijk van een Amsterdamse gemeentelijke dienst, zoals de Marktwezen of Havenbeheer). Den Heer M.v.Marsbergen, Singel 379, Amsterdam-Centrum (Wijk 6). extra
den Heer M.v.Marsbergen,
Singel 379,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 6.
21/31/2 M. 13 Juli 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 2 Juli jl. bericht ik
U, dat aan het daarin vervatte verzoek niet kan worden voldaan
zooals uit ambtelijke rapporten blijkt, ligt Uw vaartuig ge-
laden aan de markt. Er bestaat mijnerzijds geen bezwaar, dat
U eenig uitstel van het terzake verschuldigde marktgeld wordt
verleend. U kunt derhalve uiterlijk op 1 Augustus a.s. een
bedrag van ƒ 10,25 betalen, terwijl het restant van het ter-
zake verschuldigde marktgeld voor het kalenderjaar ad ƒ 11,75
op 1 October a.s. moet worden betaald.
De Directeur,
[In de linkerkantlijn handgeschreven:] 1 van betaling De brief is een formele ambtelijke reactie op een verzoek van de heer Van Marsbergen. De toon is zakelijk en beslist. Uit de tekst valt op te maken dat de geadresseerde een schipper of handelaar was die met een geladen vaartuig aan de markt lag. Hij had blijkbaar verzocht om een uitzondering of kwijtschelding, wat op basis van "ambtelijke rapporten" wordt afgewezen; de aanwezigheid van de lading rechtvaardigt de heffing.
Wel wordt er coulance getoond in de vorm van een betalingsregeling. Het totale marktgeld voor het kalenderjaar 1940 bedraagt ƒ 22,00 (ongeveer gelijk aan € 200,- in huidige koopkracht). Dit wordt opgesplitst in twee termijnen: één van ƒ 10,25 en een restant van ƒ 11,75. De handgeschreven kanttekening "1 van betaling" duidt waarschijnlijk op de eerste termijn of een administratieve sortering van dit document. Dit document stamt uit de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland (slechts twee maanden na de capitulatie). Ondanks de oorlogssituatie bleven de gemeentelijke bureaucratie en de inning van lokale belastingen zoals marktgeld grotendeels ongewijzigd doorfunctioneren.
De locatie van de ontvanger, Singel 379 in Amsterdam, is een historisch pand in het centrum. De vermelding "Wijk 6" refereert aan de oude administratieve wijkindeling van de stad. Gezien de inhoud heeft de correspondentie waarschijnlijk betrekking op de binnenvaart en de handel op een van de Amsterdamse markten (bijvoorbeeld de Centrale Markthallen of de markten langs de grachten). Het verzoek om uitstel kan wijzen op economische moeilijkheden voor kleine zelfstandigen in het eerste oorlogsjaar. Marktwezen