Archief 745
Inventaris 745-314
Pagina 375
Dossier 23
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels.

6 april 1940. Van: C. van Starckenborg van Straten. Aan: Den heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam (W).

Origineel

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 6 april 1940. C. van Starckenborg van Straten. Den heer Directeur van het Marktwezen, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam (W). [Briefhoofd]
C. van Starckenborg van Straten
Naarderstraat 71
Laren N.H.

LAREN, Naarderstraat 71
AMSTERDAM, Heerengracht 493, tel. 46670
6 April 1940

[Stempel: Nº 24/0/1 M. 1940 8/4]
[Handgeschreven: Spoed / direct / loop]

Weledelgeboren heer,

In "het Volk", ik meen van 1 April j.l. las ik toevalligerwijze een correspondentie uit Utrecht over het schandelijke bedrog, dat daar op de markt wordt gepleegd met afgeleefde en niet meer tot bloeien in staat zijnde en daarom in het Westland afgedankte trekrozen, welke in handen van handelaars blijken te zijn gekomen, die dat spul aan den man brengen. Dit geschiedt klaarblijkelijk ook te Amsterdam. Herhaaldelijk zie ik zoowel op het Singel als 's Maandags op het Amstelveid partijen rozen verkoopen met naakte en daardoor uitgedroogde wortels. Waarschijnlijk is dit hetzelfde afgedankte goed van kas-kweekers. In ieder geval, ook goede rozen worden non-valeurs, indien zij met open wortels liggen, een roos kan daar volstrekt niet tegen.

Op het Amstelveid staat een koopman, verleden week en daarvoor stond hij vóór de schuilgelegenheid [u handgeschreven ingevoegd boven schilgelegenheid] met het gezicht naar de Utrechtsche straat, die Maandag j.l. 5 rozen voor een kwartje verkocht met de vermelding, dat ze prachtige bloemen zouden geven etc.; het is een schande, dat smeerlappen dergelijke praktijken ongestraft kunnen uitoefenen op van de gemeente Amsterdam gehuurd marktterrein. De week daarvoor heb ik gewaarschuwd tegen het koopen van rozen met blootliggende wortels (ik had het artikel in "het Volk" toen natuurlijk nog niet gelezen) en kreeg van iemand, een der kleine luyden, die daar met voorbedachte rade werden bedrogen, ten antwoord: "meneer, dat gaat U niet aan, dat is die man z'n brood". Fraaie mentaliteit. Wellicht was het een handlanger, die tot taak had de menschen aan te sporen tot koopen?

Enfin, ik signaleer slechts. Maar is dit alles nu maar toelaatbaar? Het publiek moet toch tegen zoo iets worden beschermd. Komt er een verbod zulk spul te verkoopen, dan is de moeilijkheid, tenzij tot in beslagneming en vernietiging wordt over gegaan, dat het rommeltje een dot nat mos om de wortels wortels krijgt met een handvol houtwol en dan kan de fraaie praktijk door gaan. Mag ik bij gelegenheid eens van U hooren of er wat kan worden gedaan?

Hoogachtend,
[Signatuur: C Starckenborg]

Den heer Directeur van het
Marktwezen, Jan van Galenstraat 14
_ A M S T E R D A M ( W ) _

P.S. De rozentijd is gauw voorbij, dus, indien U iets kunt doen, zou het m.i. spoedig moeten geschieden.
[Paraaf: S] * Onderwerp: Een klacht over consumentenbedrog op Amsterdamse markten (Singel en Amstelveld). Er worden kwalitatief slechte "trekrozen" verkocht die feitelijk afvalproducten uit de Westlandse kassen zijn.
* Toon: De brief is formeel maar verontwaardigd. De schrijver gebruikt krachtige termen zoals "schandelijk bedrog", "smeerlappen" en "fraaie praktijk" (sarcastisch bedoeld).
* Taalgebruik: Typisch voor de vroege 20e eeuw (bijv. "non-valeurs", "kleine luyden", "aan den man brengen"). Opvallend is de typefout in de tekst ("wortels wortels"), wat duidt op een haastig of emotioneel getypte passage.
* Handgeschreven correctie: In de tweede alinea is "schilgelegenheid" handmatig gecorrigeerd naar "schuilgelegenheid" (waarschijnlijk verwijzend naar een urinoir of wachthuisje op het plein). Deze brief is geschreven op 6 april 1940, slechts vijf weken voor de Duitse inval in Nederland. Het geeft een inkijkje in de dagelijkse beslommeringen en de handhaving van de marktorde in Amsterdam vlak voor het uitbreken van de oorlog. De referentie naar de krant "Het Volk" duidt op een sociaaldemocratische bron. De auteur, C. van Starckenborg van Straten, behoorde tot een vooraanstaande familie; een familielid (Tjarda van Starkenborgh Stachouwer) was op dat moment de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië. De brief illustreert de sociale betrokkenheid (of bemoeizucht, afhankelijk van het perspectief) van de gegoede burgerij bij het lot van de "kleine luyden" die op de markt werden opgelicht.

Samenvatting

  • Onderwerp: Een klacht over consumentenbedrog op Amsterdamse markten (Singel en Amstelveld). Er worden kwalitatief slechte "trekrozen" verkocht die feitelijk afvalproducten uit de Westlandse kassen zijn.
  • Toon: De brief is formeel maar verontwaardigd. De schrijver gebruikt krachtige termen zoals "schandelijk bedrog", "smeerlappen" en "fraaie praktijk" (sarcastisch bedoeld).
  • Taalgebruik: Typisch voor de vroege 20e eeuw (bijv. "non-valeurs", "kleine luyden", "aan den man brengen"). Opvallend is de typefout in de tekst ("wortels wortels"), wat duidt op een haastig of emotioneel getypte passage.
  • Handgeschreven correctie: In de tweede alinea is "schilgelegenheid" handmatig gecorrigeerd naar "schuilgelegenheid" (waarschijnlijk verwijzend naar een urinoir of wachthuisje op het plein).

Historische Context

Deze brief is geschreven op 6 april 1940, slechts vijf weken voor de Duitse inval in Nederland. Het geeft een inkijkje in de dagelijkse beslommeringen en de handhaving van de marktorde in Amsterdam vlak voor het uitbreken van de oorlog. De referentie naar de krant "Het Volk" duidt op een sociaaldemocratische bron. De auteur, C. van Starckenborg van Straten, behoorde tot een vooraanstaande familie; een familielid (Tjarda van Starkenborgh Stachouwer) was op dat moment de Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië. De brief illustreert de sociale betrokkenheid (of bemoeizucht, afhankelijk van het perspectief) van de gegoede burgerij bij het lot van de "kleine luyden" die op de markt werden opgelicht.

Gerelateerde Documenten 6