Ambtsbericht / Rapportage van een markttoezichthouder.
Origineel
Ambtsbericht / Rapportage van een markttoezichthouder. 20 maart 1940 (handgeschreven), 21 maart 1940 (stempel). [Linksboven, handgeschreven:]
Inschrijven daarna aan mij terug.
20-3-40 d’Alber
Kramen varia Amstelveld
[Middenboven, stempel:]
№ 24 / 6 / I M. 1940 21/3
[Hoofdtekst:]
Den Heer Inspecteur.
Den koopman C. J. Vernet, adres Barndesteeg 11 is per 85/100/2.M d.d. 29-11-’39 door den Heer Directeur van het Marktwezen toestemming verleend om, gedurende de aanstaande winter maanden op het Amstelveld met eigen bakfiets een plaats in te nemen.
Ik heb Hr. Vernet Maandag j.l. aangezegd dat hij met ingang van April a.s. deze beschikking als geëindigd moet beschouwen. Voor zijn artikel (verfwaren) komt dan de drukste tijd weer aan.
De koopman J. de Leeuwe (Petten Jaap) die steeds 2 stallen van v. Rooyen heeft, kon op Maandag j.l. een van deze stallen niet gebruiken wegens slecht en zeer lekkend bovenzeil. De Leeuwe nam de zaak makkelijk op en liet de oplossing geheel aan de stallenbaas over; deze beweerde echter geen heel zeil te hebben zoodat d’ stal onverhuurd bleef.
De losse koopman v. Dijk met planten bestelde bij v. Rooyen een dubbele stal zonder bladen. Hij kreeg: 2 schragen, 3 latten van 6 M. en één zeil van 3 M. (Tweede zeil was er volgens knecht van v. Rooyen niet) Volgens Hr. v. Gelder waren er wel zeilen. Hr. v. Gelder had de bewuste stal genoteerd voor f 1.- de knecht van v. Rooyen vroeg echter f 1.25 waartegen de huurder bezwaar maakte. Ik kon niet anders dan konstateren dat hier een drie meter stal zonder bladen was verhuurd met 3 bovenlatten van 6 M. Ik moest dus de koopman gelijk geven dat hier overvraagd werd. Hr. v. Rooyen heeft deze kwestie geschikt en met f 0.75 genoegen genomen. Het document is een rapportage gericht aan de Inspecteur van het Marktwezen in Amsterdam. Het geeft een inkijkje in de dagelijkse gang van zaken en de handhaving op de markt op het Amstelveld, vlak voor de Duitse inval in Nederland.
Er worden drie specifieke situaties beschreven:
1. C.J. Vernet: Een handelaar in verfwaren die een tijdelijke wintervergunning had om vanaf zijn bakfiets te verkopen. De toezichthouder herinnert hem eraan dat deze gunst in april afloopt, omdat het hoogseizoen voor schildersartikelen dan begint en de ruimte anders benut moet worden.
2. J. de Leeuwe (bijnaam 'Petten Jaap'): Een vaste klant van stallenverhuurder Van Rooyen. Hier wordt melding gemaakt van achterstallig onderhoud (lekkend zeil) waardoor een standplaats onbezet bleef.
3. Kwestie Van Dijk / Van Rooyen: Een conflict over de huurprijs en de geleverde materialen. De knecht van de stallenverhuurder probeerde meer geld te vragen (f 1.25) voor een incomplete set materialen, terwijl de officiële prijs (f 1.00) lager lag. De rapporteur greep in, wat resulteerde in een schikking waarbij de huurder uiteindelijk slechts f 0.75 hoefde te betalen. Dit document is representatief voor de bureaucratische nauwkeurigheid van de gemeentelijke diensten in Amsterdam in de jaren '30 en '40. Het marktwezen was streng gereguleerd om wildgroei te voorkomen en eerlijke handel te waarborgen.
Interessant is de vermelding van de bijnaam "Petten Jaap", wat duidt op de informele maar gekende cultuur onder de marktkooplieden. Daarnaast weerspiegelt de discussie over dubbeltjes en kwartjes (f 0.75 t.o.v. f 1.25) de economische realiteit van die tijd, waarin kleine bedragen cruciaal waren voor de winstgevendheid van kleine zelfstandigen. De datum (maart 1940) plaatst het document in de 'Schemeroorlog', de laatste maanden van relatieve rust in Nederland voordat de Tweede Wereldoorlog het dagelijks leven ingrijpend zou veranderen. C.J. Vernet J. Vernet J. de Leeuwe M. Ik Marktwezen