Administratief bijblad (onderdeel van een groter dossier).
Origineel
Administratief bijblad (onderdeel van een groter dossier). [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 24/20/1 1940
DOORGEZONDEN: 29/8-140.
[Rechtsboven, handgeschreven]
Amstelveld 682
Th. de Vries
advies
4-9-40
deHaer
[Hoofdtekst, handgeschreven]
Den Heer v. Gelder mach m.i. worden be-
richt, dat wil hij het recht op zijn plaats op
de markt Amstelveld behouden, hij geregeld, d.w.z.
drie maal in de vier weken deze plaats moet
innemen, daar de plaats anders aan een ander
wordt toegewezen.
[Rechtsonder tekst]
26-9-40
deHaer
[Midden onder, in rood en potlood]
2.
24/20/2 [in rood]
30/9/40 AB [initialen in potlood]
[Voetnoot drukwerk]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document betreft een ambtelijke correspondentie over het behoud van een marktstandplaats op het Amstelveld in Amsterdam door de heer Van Gelder. De kern van de instructie is dat Van Gelder bericht moet worden over de geldende aanwezigheidsplicht: hij moet minimaal drie van de vier weken op de markt aanwezig zijn. Indien hij hier niet aan voldoet, verliest hij zijn standplaatsrecht en zal de plek aan een ander worden vergeven.
De tekst is geschreven in een zakelijke, ambtelijke toon ("mach m.i. worden bericht"). De verschillende data en parafen wijzen op een lopend administratief proces waarbij een advies (4 september) uiteindelijk is verwerkt in een besluit of verzending (26 september) en gearchiveerd (30 september). De context van dit document is historisch beladen vanwege de datum: september 1940. Nederland bevond zich in de eerste maanden van de Duitse bezetting. Hoewel de instructie over de aanwezigheidsplicht op zichzelf een standaard marktregel lijkt, is de timing en de naam van de betrokkene ("v. Gelder") opvallend.
In deze periode begonnen de bezettingsautoriteiten en het collaborerende Amsterdamse stadsbestuur met het inventariseren en beperken van de bewegingsvrijheid van Joodse burgers en ondernemers. "Van Gelder" is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam. In de loop van 1941 zouden Joodse marktkooplieden volledig van de algemene markten worden geweerd en verbannen naar specifieke "Joodse markten". Dit document kan een vroeg voorbeeld zijn van strikte ambtelijke handhaving die, al dan niet bewust, werd ingezet om de positie van Joodse handelaren te bemoeilijken of te controleren kort voordat de openlijke uitsluiting begon. M. No