Archief 745
Inventaris 745-315
Pagina 210
Dossier 24
Jaar 1940
Stadsarchief

Officiële brief/kennisgeving van strafoplegging.

Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Dossier: 25/211/3

Origineel

Officiële brief/kennisgeving van strafoplegging. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). [Handgeschreven linksboven:] 25/97/2
[Stempel linksboven:] 25/79/2 M.

[Midden boven:] VP/HG.

[Handgeschreven rechtsboven:] 20 en l. de l...
[Handgeschreven schuin in het midden:] Verzonden 21/6

[Rechtsonder de kop:] 21 Juni 1939.

den Heer S.Zoute,
Louis Bothastraat 12 II,
Amsterdam-Oost.
Wijk 20.

Mij is gerapporteerd, dat U zich op 20 Juni jl. op de markt Albert Cuypstraat heeft schuldig gemaakt aan verstoring van de orde. U heeft daarmede de voorwaarde overtreden, die was verbonden aan de U voorwaardelijk opgelegde straf, waarvan U met mijn brief d.d. 22 November jl. (No.25/211/3 M.) mededeeling is gedaan. De bedoelde straf, zijnde ontneming van het recht om op de markten hier ter stede een plaats in te nemen voor den tijd van twee dagen, wordt thans ten uitvoer gelegd. Bovendien straf ik U, op grond van de misdraging van 20 Juni jl., met ontneming van het recht om op de markten hier ter stede een plaats te bezetten voor den tijd van veertien dagen, terwijl ik aan Burgemeester en Wethouders de vraag heb voorgelegd, of U voor nog langeren tijd van de markten behoort te worden uitgesloten. De dezerzijds opgelegde straffen gaan in op 23 Juni a.s.; zij gelden, onverminderd hetgeen eventueel verder door Burgemeester en Wethouders wordt besloten, tot en met 8 Juli a.s.

De Directeur, Dit document is een formele aanzegging van een marktverbod. De kern van de zaak is de "verstoring van de orde" door de heer S. Zoute op de Albert Cuypmarkt op 20 juni 1939.

De juridische opbouw van de straf is interessant:
1. Tenuitvoerlegging oude straf: Omdat de heer Zoute een eerdere voorwaarde heeft overtreden (gekoppeld aan een brief uit november 1938), wordt een voorwaardelijke straf van 2 dagen marktverbod nu effectief.
2. Nieuwe straf: Bovenop de oude straf krijgt hij een nieuw verbod van 14 dagen voor het recente incident.
3. Escalatie: De Directeur heeft de zaak voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een mogelijk nog langduriger uitsluiting.

De totale uitsluiting loopt in dit schrijven van 23 juni tot en met 8 juli 1939. De taal is ambtelijk en streng, passend bij de disciplinaire controle op de Amsterdamse markten in die tijd. Het document dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Louis Bothastraat, waar de ontvanger woonde, ligt in de Transvaalbuurt, een wijk die in 1939 een grote Joodse populatie kende.

In deze periode was het marktwezen strak gereguleerd door de gemeente. Ordeverstoringen konden leiden tot directe uitsluiting, wat voor marktplatshouders een zware economische sanctie was, aangezien het hun bron van inkomsten direct trof. De verwijzing naar "Wijk 20" duidt op de administratieve indeling van de stad voor de distributie of politiecontrole in die tijd. De handgeschreven notitie "Verzonden 21/6" bevestigt de snelheid van de administratieve afhandeling: de overtreding vond plaats op de 20e, de brief werd de 21e verzonden, en de straf ging de 23e in. S. Zoute Marktwezen

Samenvatting

Dit document is een formele aanzegging van een marktverbod. De kern van de zaak is de "verstoring van de orde" door de heer S. Zoute op de Albert Cuypmarkt op 20 juni 1939.

De juridische opbouw van de straf is interessant:
1. Tenuitvoerlegging oude straf: Omdat de heer Zoute een eerdere voorwaarde heeft overtreden (gekoppeld aan een brief uit november 1938), wordt een voorwaardelijke straf van 2 dagen marktverbod nu effectief.
2. Nieuwe straf: Bovenop de oude straf krijgt hij een nieuw verbod van 14 dagen voor het recente incident.
3. Escalatie: De Directeur heeft de zaak voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een mogelijk nog langduriger uitsluiting.

De totale uitsluiting loopt in dit schrijven van 23 juni tot en met 8 juli 1939. De taal is ambtelijk en streng, passend bij de disciplinaire controle op de Amsterdamse markten in die tijd.

Historische Context

Het document dateert van vlak voor de uitbraak van de Tweede Wereldoorlog. De Albert Cuypmarkt was (en is) een van de belangrijkste markten van Amsterdam. De Louis Bothastraat, waar de ontvanger woonde, ligt in de Transvaalbuurt, een wijk die in 1939 een grote Joodse populatie kende.

In deze periode was het marktwezen strak gereguleerd door de gemeente. Ordeverstoringen konden leiden tot directe uitsluiting, wat voor marktplatshouders een zware economische sanctie was, aangezien het hun bron van inkomsten direct trof. De verwijzing naar "Wijk 20" duidt op de administratieve indeling van de stad voor de distributie of politiecontrole in die tijd. De handgeschreven notitie "Verzonden 21/6" bevestigt de snelheid van de administratieve afhandeling: de overtreding vond plaats op de 20e, de brief werd de 21e verzonden, en de straf ging de 23e in.

Genoemde Personen 1

Locaties

Albert Cuypmarkt

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 4