Archief 745
Inventaris 745-319
Pagina 189
Dossier 25
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verklaring).

25 juni 1940. Van: J. Renz. Aan: Den Heer Inspecteur.

Origineel

Handgeschreven brief (verklaring). 25 juni 1940. J. Renz. Den Heer Inspecteur. Dapperstraat 25 Juni 1940

Den Heer Inspecteur


Uit het schrijven van Dhr: J. de Groot, is het mij niet
mogelijk te begrijpen wat hij bedoelt. Alleen is
mij bekend dat Mevr: Emrich wel eens aan Mevr:
de Groot behulpzaam is, in verband met het
schrijven van de bonnetjes voor de verkoop.
Noch Mevr: Park, noch Mevr: Matteman, is mij
bekend, zeker niet aan de stal van Dhr:
A. de Groot.

J. Renz De brief is een formele verklaring van ene J. Renz, gericht aan een inspecteur. De aanleiding lijkt een eerdere correspondentie of klacht van een zekere heer J. de Groot te zijn. Renz verklaart de strekking van dat schrijven niet te begrijpen, maar geeft wel opheldering over de aanwezige personen bij een verkoopkraam (waarschijnlijk op de Dappermarkt).

Renz bevestigt dat een zekere Mevrouw Emrich af en toe Mevrouw de Groot hielp met het uitschrijven van bonnetjes. Tegelijkertijd ontkent Renz stellig dat hij/zij Mevrouw Park of Mevrouw Matteman kent, en benadrukt dat deze vrouwen zeker niet werkzaam zijn bij de stal van de heer A. de Groot.

De toon is zakelijk en enigszins defensief, wat suggereert dat er een onderzoek gaande was naar de bezetting of de administratie van de betreffende marktkraam. Het onderscheid tussen J. de Groot (in de eerste regel) en A. de Groot (bij de stal) kan duiden op verschillende familieleden binnen een bedrijfje. De datum van de brief, 25 juni 1940, is zeer kort na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting (mei 1940). In deze periode werden regels omtrent handel en marktvergunningen aangescherpt. De vermelding van het schrijven van "bonnetjes" is cruciaal; in juni 1940 was de distributie van goederen via bonnen al in volle gang. Inspecteurs controleerden streng of de administratie en de personeelsbezetting van marktkramen voldeden aan de verordeningen.

De namen in de brief (zoals Matteman) komen in die tijd veelvuldig voor in de Joodse buurt rond de Dapperstraat. Gezien het tijdstip en de betrokkenheid van een inspecteur, zou deze brief onderdeel kunnen zijn van een dossier over de registratie of de "gelijkschakeling" van markthandelaren, hoewel de tekst zelf primair lijkt te gaan over een administratieve onduidelijkheid of een geschil over wie er precies bij de kraam werkzaam was. A. de Groot Emrich af (Mevrouw) J. Renz J. de Groot Park of (Mevrouw)

Samenvatting

De brief is een formele verklaring van ene J. Renz, gericht aan een inspecteur. De aanleiding lijkt een eerdere correspondentie of klacht van een zekere heer J. de Groot te zijn. Renz verklaart de strekking van dat schrijven niet te begrijpen, maar geeft wel opheldering over de aanwezige personen bij een verkoopkraam (waarschijnlijk op de Dappermarkt).

Renz bevestigt dat een zekere Mevrouw Emrich af en toe Mevrouw de Groot hielp met het uitschrijven van bonnetjes. Tegelijkertijd ontkent Renz stellig dat hij/zij Mevrouw Park of Mevrouw Matteman kent, en benadrukt dat deze vrouwen zeker niet werkzaam zijn bij de stal van de heer A. de Groot.

De toon is zakelijk en enigszins defensief, wat suggereert dat er een onderzoek gaande was naar de bezetting of de administratie van de betreffende marktkraam. Het onderscheid tussen J. de Groot (in de eerste regel) en A. de Groot (bij de stal) kan duiden op verschillende familieleden binnen een bedrijfje.

Historische Context

De datum van de brief, 25 juni 1940, is zeer kort na de Nederlandse capitulatie en het begin van de Duitse bezetting (mei 1940). In deze periode werden regels omtrent handel en marktvergunningen aangescherpt. De vermelding van het schrijven van "bonnetjes" is cruciaal; in juni 1940 was de distributie van goederen via bonnen al in volle gang. Inspecteurs controleerden streng of de administratie en de personeelsbezetting van marktkramen voldeden aan de verordeningen.

De namen in de brief (zoals Matteman) komen in die tijd veelvuldig voor in de Joodse buurt rond de Dapperstraat. Gezien het tijdstip en de betrokkenheid van een inspecteur, zou deze brief onderdeel kunnen zijn van een dossier over de registratie of de "gelijkschakeling" van markthandelaren, hoewel de tekst zelf primair lijkt te gaan over een administratieve onduidelijkheid of een geschil over wie er precies bij de kraam werkzaam was.

Genoemde Personen 5

A. de Groot Emrich af (Mevrouw) J. Renz J. de Groot Park of (Mevrouw)

Locaties

Dappermarkt

Producten

Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Gerelateerde Documenten 6