Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt bijblad (Model No. 14).
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt bijblad (Model No. 14). Augustus 1940 (diverse data: 7/8, 20/8, 21/8, 28/8 en 29/8). [Links boven in kader:]
B I J B L A D V A N :
M. No. 26/59/8 1940
DOORGEZONDEN: 8/8
[Rechts boven:]
590
[Hoofdtekst:]
M. Dresden [da?] pl 60 Dapperstraat
opgeroepen p 7/8 '40: „geen handel; zal
nu uitstel schrijven” (26/59/1 afd 7/8)
~~geen~~ oproepen
[Paraaf] 21/8 '40
p 20/8
verkoopt handschoenen uit Tsjecho Sl.
en Deutschland; kan daar thans geen
handel vandaan krijgen. M. i. geen bezwaar
tegen maximaal 2 maanden uitstel
v. plaatsbezetten, mits marktgeld regelmatig
wordt doorbetaald.
[Paraaf] 28/8 '40
[Onderaan:]
29/8/40 [Paraaf]
[Stempel in rood:] 26/59/9 M
9.
[Linksonder voorgedrukt:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een administratieve notitie betreffende een marktkoopman, M. Dresden, die een staanplaats (nummer 60) had op de Dappermarkt in Amsterdam. De kern van het document is een verzoek om uitstel van de verplichting om de marktplaats fysiek te bezetten.
Dresden geeft als reden op dat hij momenteel geen handelswaar heeft. Hij specialiseert zich in de verkoop van handschoenen geïmporteerd uit Tsjecho-Slowakije en Duitsland. Door de oorlogsomstandigheden (augustus 1940, kort na de Duitse inval) zijn de aanvoerlijnen gestremd ("kan daar thans geen handel vandaan krijgen").
De behandelend ambtenaar adviseert positief op het verzoek: Dresden krijgt maximaal twee maanden uitstel van de bezettingsplicht, onder de strikte voorwaarde dat hij het verschuldigde marktgeld (het stageld) wel blijft doorbetalen. Dit wijst op een pragmatische houding van de marktmeester of de betreffende dienst: zolang de inkomsten voor de gemeente gewaarborgd blijven, krijgt de koopman de ruimte om zijn voorraadproblemen op te lossen. De datum van het document (augustus 1940) is cruciaal. Nederland was op dat moment drie maanden bezet door nazi-Duitsland. De internationale handel lag nagenoeg stil door de oorlogssituatie, wat direct gevolgen had voor kleine zelfstandigen zoals marktkooplui die afhankelijk waren van import.
De Dappermarkt in Amsterdam-Oost lag in een buurt met een grote Joodse populatie. De achternaam Dresden komt veelvuldig voor in Joodse families in deze regio en periode. Hoewel er in augustus 1940 nog geen specifieke anti-Joodse verordeningen waren die het werken op de markt onmogelijk maakten (die volgden later), laat dit document de vroege economische ontwrichting door de bezetting zien. Het document biedt een inkijkje in de dagelijkse overlevingsstrijd van een kleine ondernemer aan het begin van de Tweede Wereldoorlog en de bureaucratische afhandeling daarvan door de gemeente Amsterdam. M. No M. Dresden Gemeente Amsterdam