Administratieve notitie / ambtelijk memorandum (Model No. 14, Algemene Zaken).
Origineel
Administratieve notitie / ambtelijk memorandum (Model No. 14, Algemene Zaken). 25 september 1940 t/m 4 oktober 1940. [Stempel linksboven:]
BIJBLAD VAN:
M. No. 26768/1 1940
DOORGEZONDEN: 27/9 [handgeschreven]
[Rechtsboven:]
799
[Hoofdtekst:]
S. Blitz pl 27 Dapperstraat
25/9 '40 gewaarschuwd
om geregeld van plaats gebruik
te maken.
Heeft ook plaats 48a Waterlooplein.
[Diagonaal geschreven:]
Sport [onderstreept]
Het verzoek van S. Blitz dient m.i. te
worden afgewezen.
Aan S. Blitz moet m.i. worden bericht
dat hij zijn plaats op de markt aan de
Dapperstraat geregeld, d.w.z. een maal
per week moet innemen, daar anders de
plaats wordt ingetrokken.
[Linksonder in rood:]
28/68/2
[Middenonder:]
4/10/40 [geparafeerd]
4
[Rechtsonder:]
1-10-40
deHaer [onderstreept]
[Voetnoot gedrukt:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een ambtelijke notitie betreffende de marktvergunningen van een zekere S. Blitz in Amsterdam. Uit de tekst valt op te maken dat Blitz twee marktplaatsen toegewezen heeft gekregen: één in de Dapperstraat (nummer 27) en één op het Waterlooplein (nummer 48a).
Op 25 september 1940 is Blitz officieel gewaarschuwd omdat hij zijn standplaats in de Dapperstraat onvoldoende gebruikte. Er schijnt door Blitz een verzoek te zijn ingediend (de aard van het verzoek wordt niet expliciet genoemd, maar het kan gaan om behoud van beide plaatsen of een vrijstelling van de aanwezigheidsplicht).
De ambtenaar (ondertekend als 'deHaer' op 1 oktober 1940) adviseert negatief over dit verzoek. De instructie is streng: Blitz moet worden medegedeeld dat hij de verplichting heeft om minimaal één keer per week op de Dapperstraat te staan, op straffe van intrekking van zijn vergunning voor die plek. De paraaf van 4 oktober 1940 lijkt de definitieve afhandeling of goedkeuring van dit advies te markeren. De diagonale notitie "Sport" verwijst vermoedelijk naar de aard van de handel (sportartikelen of kleding). Dit document dateert van de herfst van 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam "Blitz" is een veelvoorkomende Joodse achternaam, en zowel de Dapperstraat als het Waterlooplein waren markten in Amsterdamse buurten met een grote Joodse populatie.
Hoewel de tekst op het eerste gezicht een routineuze administratieve kwestie lijkt over marktverordeningen, krijgt het binnen de historische context van 1940 een beladen betekenis. Vanaf het najaar van 1940 begonnen de bezettingsautoriteiten met het stapsgewijs uitsluiten van Joden uit het economische leven. Het streng handhaven van regels (zoals de aanwezigheidsplicht) en het dreigen met het intrekken van vergunningen was een methode die door de bureaucratie werd ingezet om de druk op Joodse ondernemers en marktkooplieden op te voeren, nog voordat er sprake was van een totaal verbod op Joodse handel op openbare markten (wat later in 1941 werd ingevoerd). M. No S. Blitz