Zakelijke brief / ambtelijke kennisgeving.
Origineel
Zakelijke brief / ambtelijke kennisgeving. 16 oktober 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten, Amsterdam). extra
vP/HG.
den Heer F.J.W. Konicek,
Ten Katestraat 125,
Amsterdam-West.
Wijk 12.
27/85/2 M. 16 October 1940.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 5 dezer bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor inwilliging in aanmerking kan komen. Indien U voortaan Uw plaats op de markt Ten Katestraat niet ten minste twee maal per week bezet, moet de bedoelde plaats worden ingetrokken, overeenkomstig de desbetreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, In deze brief wordt een formeel verzoek van de heer Konicek afgewezen. Hoewel de precieze inhoud van zijn verzoek (van 5 oktober 1940) niet wordt herhaald, kan uit de waarschuwing die volgt worden opgemaakt dat het te maken had met zijn aanwezigheid op de markt.
De kern van de brief is een sommatie: de geadresseerde wordt herinnerd aan de regels van het 'Reglement op de Markten'. Hij is verplicht zijn standplaats op de Ten Katemarkt minimaal twee keer per week te bezetten. Indien hij dit nalaat, zal zijn vergunning voor de standplaats worden ingetrokken. De toon is zakelijk, streng en onverbiddelijk, wat wordt benadrukt door het onderstrepen van het woord "niet". Het document dateert van oktober 1940, enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode nam de administratieve druk op burgers toe en werden reglementen strikt gehandhaafd. De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was (en is) een belangrijke volksmarkt.
Gezien de datum en de achternaam 'Konicek' (die Centraal-Europees/Tsjechisch aandoet), is het van belang te weten dat de bezetter in deze periode begon met het inventariseren en beperken van de economische activiteiten van specifieke bevolkingsgroepen, met name Joodse marktkooplieden. Hoewel deze brief op het eerste gezicht een standaard administratieve maatregel lijkt over marktaanwezigheid, kan dergelijke strikte handhaving van reglementen in 1940 een voorbode zijn geweest van de systematische uitsluiting van bepaalde ondernemers van de openbare markten. De handgeschreven notitie "extra" kan erop wijzen dat dit een specifiek afschrift was voor een dossier of een controle-instantie. F.J.W. Konicek