Archief 745
Inventaris 745-324
Pagina 360
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie).

25 september 1940. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Marktwezen, Amsterdam).

Origineel

Doorslag van een officiële brief (ambtelijke correspondentie). 25 september 1940. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Marktwezen, Amsterdam). [Linksboven, handgeschreven in potlood/pen:]
Verzonden 25/9

[Rechtsboven, handgeschreven:]
M. de Boer [of: M. de Beer]

[Rechtsboven, getypt:]
VP/HG.

[Adresblok, gecentreerd/rechts:]
den Heer D. Davidson,
Jacob van Lennepstraat 75 I,
Amsterdam-West.
Wijk 12.

[Kenmerk en datum, links en rechts:]
33/77/12 M.
25 September 1940.

[Inhoud:]
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 13 dezer bericht ik U, dat Uw plaats op de markt Westerstraat nog niet is ingetrokken. U dient echter zorg te dragen, dat U de bedoelde plaats voortaan regelmatig, dat wil zeggen ten minste drie maal in de vier weken, bezet, daar anders intrekking niet kan uitblijven.

[Ondertekening:]
De Directeur, * Onderwerp: De brief betreft een waarschuwing over het behoud van een marktplaats op de Westerstraat-markt in Amsterdam.
* Kernboodschap: De heer Davidson heeft blijkbaar zijn marktplaats een tijd niet gebruikt. De directeur laat weten dat de vergunning "nog niet" is ingetrokken, maar stelt een harde eis voor de toekomst: de plek moet minimaal 75% van de tijd (3 op de 4 weken) bezet zijn, anders vervalt het recht op de standplaats.
* Taalgebruik: Formeel-ambtelijk ("d.d. 13 dezer", "intrekking niet kan uitblijven").
* Administratieve context: De code "33/77/12 M." duidt waarschijnlijk op een dossiernummer binnen de afdeling Marktwezen (de 'M'). De handgeschreven aantekening "Verzonden 25/9" bevestigt de administratieve verwerking op de dag van datering. Dit document is gedateerd op 25 september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam van de geadresseerde, D. Davidson, is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam.

Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve waarschuwing lijkt over marktreglementen, is de historische context van belang. In de loop van 1940 en 1941 werden Joodse marktkooplieden steeds verder beperkt in hun bewegingsvrijheid en economische mogelijkheden door anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Het feit dat de heer Davidson zijn plaats niet bezette (wat leidde tot zijn brief van 13 september en deze reactie), zou te maken kunnen hebben met de toenemende spanningen, onzekerheid of beginnende restricties voor Joodse Amsterdammers in het openbare leven. De Westerstraat-markt, gelegen in de Jordaan, was destijds een belangrijke handelsplek waar veel Joodse kooplui werkzaam waren.

Samenvatting

  • Onderwerp: De brief betreft een waarschuwing over het behoud van een marktplaats op de Westerstraat-markt in Amsterdam.
  • Kernboodschap: De heer Davidson heeft blijkbaar zijn marktplaats een tijd niet gebruikt. De directeur laat weten dat de vergunning "nog niet" is ingetrokken, maar stelt een harde eis voor de toekomst: de plek moet minimaal 75% van de tijd (3 op de 4 weken) bezet zijn, anders vervalt het recht op de standplaats.
  • Taalgebruik: Formeel-ambtelijk ("d.d. 13 dezer", "intrekking niet kan uitblijven").
  • Administratieve context: De code "33/77/12 M." duidt waarschijnlijk op een dossiernummer binnen de afdeling Marktwezen (de 'M'). De handgeschreven aantekening "Verzonden 25/9" bevestigt de administratieve verwerking op de dag van datering.

Historische Context

Dit document is gedateerd op 25 september 1940, slechts enkele maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De naam van de geadresseerde, D. Davidson, is een veelvoorkomende Joodse achternaam in Amsterdam.

Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve waarschuwing lijkt over marktreglementen, is de historische context van belang. In de loop van 1940 en 1941 werden Joodse marktkooplieden steeds verder beperkt in hun bewegingsvrijheid en economische mogelijkheden door anti-Joodse maatregelen van de bezetter. Het feit dat de heer Davidson zijn plaats niet bezette (wat leidde tot zijn brief van 13 september en deze reactie), zou te maken kunnen hebben met de toenemende spanningen, onzekerheid of beginnende restricties voor Joodse Amsterdammers in het openbare leven. De Westerstraat-markt, gelegen in de Jordaan, was destijds een belangrijke handelsplek waar veel Joodse kooplui werkzaam waren.

Gerelateerde Documenten 6