Formulier voor de aanvraag van kostwinnersvergoeding, vrijstelling of uitstel van militaire dienst.
Origineel
Formulier voor de aanvraag van kostwinnersvergoeding, vrijstelling of uitstel van militaire dienst. (Getypte tekst is gecursiveerd weergegeven)
1. Doel van de aanvraag.
(Kostwinnersvergoeding, vervroeging, uitstel of vrijstelling van opkomst, enz.)
2. a. Beroep van den dienstplichtige ................. Gemeente-Ambtenaar(contrôleur)
b. In wiens dienst hij het beroep uitoefent ...... Gemeente Amsterdam(Marktwezen)
c. Indien hij een bedrijf voor eigen rekening uitoefent...
d. Verdiensten uit het beroep, gemiddeld per week d. f. 34,—
e. Andere inkomsten van den dienstplichtige, gemiddeld per week. e. f. XXXXXX
f. Bedrag van de onder d en e bedoelde inkomsten, hetwelk tijdens het verblijf in werkelijken dienst van den ingeschrevene nog aan de in vak 5 bedoelde personen ten goede komt. f. f.
3. Bedrag, dat de dienstplichtige gemiddeld per week aan de in vak 5 bedoelde personen:
a. afstaat ...................................... a. f. 20,—
b. volgens den geldenden maatstaf voor eigen levensonderhoud kost. b. f. 6,30
4. Zullen door het verblijf in werkelijken dienst de inkomsten van de in vak 5 bedoelde personen nog andere verminderingen ondergaan?
Zoo ja:
a. hoeveel zal deze vermindering per week bedragen a. f.
b. wat is de reden van deze vermindering? b.
5. Geslachts- en voornamen van de personen, te wier behoeve vergoeding of vrijstelling wordt gevraagd, met opgaaf omtrent ieder hunner van:
a. de familiebetrekking van dezen tot den dienstplichtige (b.v. echtgenoote, vader, enz.);
b. adres (ook straat en huisnummer);
c. leeftijd;
d. beroep;
e. verdiensten, gemiddeld per week.
Hendrik W.Schiermeier, vader 25,—
61 jaar, gepensioneerd
Johanna Faasse, moeder 59
jaar, zonder beroep
Hendrik Willem Schiermeier,
zoon 5 jaar (moeder, echtge-
noote van dienstplichtige, is
overleden).
6. Komen tijdens het verblijf in werkelijken dienst nog andere inkomsten dan de in vak 5 bedoelde ten goede aan de in dat vak bedoelde personen?
Zoo ja :
a. op welk bedrag kunnen die inkomsten per week worden gesteld? a. f. neen
b. waaraan worden die inkomsten ontleend? b. neen
7. Doen zich ten aanzien van het gezin omstandigheden voor die aanleiding zouden kunnen geven bij de berekening van de gezinsbehoeften van den geldenden maatstaf af te wijken? Zoo ja, welke zijn die omstandigheden?
8. Redenen, waarom opkomst op den vastgestelden datum bezwaren oplevert. (Duidelijk en omstandig te omschrijven).
9. In welke maanden de bezwaren zich niet of in mindere mate voordoen.
10. Indien de dienstplichtige reeds eerder herhalingsoefeningen heeft vervuld, in welk tijdvak.
11. Bijzondere opmerkingen.
Z.O.Z. Het document is een ingevuld bureaucratisch formulier bedoeld om de sociaaleconomische status van een huishouden te bepalen in het kader van de militaire dienstplicht. De centrale figuur (de dienstplichtige) is een gemeenteambtenaar bij de Amsterdamse Marktwezen met een wekelijks inkomen van 34 gulden. Hij draagt substantieel (20 gulden per week) bij aan het huishouden.
De kern van de aanvraag ligt in vak 5, waar de afhankelijke gezinsleden worden opgesomd:
1. Een gepensioneerde vader van 61 jaar met een klein pensioen (25 gulden).
2. Een moeder van 59 jaar zonder eigen inkomen.
3. Een 5-jarige zoon.
Cruciaal voor de bewijsvoering is de handgeschreven toevoeging dat de echtgenote van de dienstplichtige is overleden. Dit maakt de dienstplichtige niet alleen de hoofdkostwinner, maar ook de enige overgebleven ouder. Zijn afwezigheid door militaire dienst zou betekenen dat de zorg voor het kind volledig bij de oudere, deels behoeftige grootouders komt te liggen, wat de basis vormt voor een verzoek om vrijstelling of een financiële tegemoetkoming. Tijdens de periode van de algemene dienstplicht in Nederland was het gebruikelijk dat mannen die 'onmisbaar' waren voor het onderhoud van hun gezin (kostwinners) een beroep konden doen op speciale regelingen. De overheid toetste deze aanvragen streng door middel van gedetailleerde formulieren over inkomsten en uitgaven.
Dit document biedt een inkijkje in de Amsterdamse arbeiders- of lagere middenklasse in het midden van de 20e eeuw. De bedragen geven een indicatie van de toenmalige levensstandaard: een loon van 34 gulden per week was een bescheiden maar stabiel inkomen voor een gemeenteambtenaar. De vermelding van "Marktwezen" duidt op de dienst die de markten in de stad controleerde en reguleerde. Het overlijden van de partner op jonge leeftijd (gezien de zoon van 5) was een zware sociale en economische klap, waarvoor dit formulier de officiële vastlegging vormt. W. Schiermeier Gemeente Amsterdam Marktwezen