Getypte brief of rapportfragment (doorslag op dun papier).
Origineel
Getypte brief of rapportfragment (doorslag op dun papier). De Directeur (organisatie onbekend, mogelijk van een marktwezen of vervoersbedrijf). verschillende deelen der stad te leveren. Van groente en
fruit zullen ook de lichtere artikelen ongetwijfeld in den
regel niet per tram, doch per paard en wagen of per handkar
worden vervoerd. Het tramvervoer zal dan ook in hoofdzaak
voor stapelartikelen zooals kool, wortelen, uien en hard
fruit kunnen dienen, doch zelfs van deze stapelartikelen zal
nog een belangrijk deel per schuit of op andere wijze worden
vervoerd.
Op grond van het bovenstaande moet het aantal kilo-
grammen, dat in elk geval voor vervoer door Uw dienst in
aanmerking zou komen, gering worden geschat. Feitelijk staat
van geen enkel product met zekerheid vast, dat het voor ver-
voer door de tram in aanmerking zal komen. Alleen bij vrie-
zend weer en bij ernstigen sneeuwval, zou de tram dringend
noodig kunnen zijn, doch met het oog daarop plegen de winke-
liers steeds eenigen voorraad te vormen. Mijnerzijds kan dan
ook niet worden aanbevolen om de groote kosten voor het aan-
leggen van een tramlijn naar de Centrale Markt te maken.
De Directeur, * **Inhoud:** Het fragment bevat een negatief advies betreffende de aanleg van een tramlijn naar een "Centrale Markt". De schrijver beargumenteert dat de meeste producten (lichte groenten/fruit) traditioneel per handkar of paard en wagen worden vervoerd. Voor de zwaardere stapelproducten (kool, wortelen, uien) blijft vervoer per schuit (waterweg) of andere middelen belangrijker dan de tram.
- Argumentatie: De tram zou alleen bij extreme weersomstandigheden (vorst, sneeuw) essentieel zijn, maar de auteur merkt op dat winkeliers hierop anticiperen door voorraden aan te leggen. De conclusie is dat de investering in een tramlijn niet opweegt tegen het geringe verwachte gebruik.
- Stijl: Formeel-zakelijk, in de toenmalige spelling (bijv. "deelen", "den regel", "eenigen"). * Historische logistiek: Dit document illustreert de overgangsfase in stedelijke distributie in Nederland in de vroege 20e eeuw. Verschillende modaliteiten (water, rails, wegvervoer met paarden) concurreerden met elkaar.
- Locatie: De term "Centrale Markt" in combinatie met de discussie over tramlijnen en schuiten wijst zeer waarschijnlijk op Amsterdam. De Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat werden geopend in 1934. Er is in die periode uitgebreid gesproken over de logistieke ontsluiting van dit terrein.
- Vervoer over rails: In steden als Amsterdam werd destijds geëxperimenteerd met goederentrams om de druk op de binnenstad te verminderen, maar zoals dit document aantoont, was men kritisch over de economische haalbaarheid ervan voor specifieke bestemmingen zoals de groothandelsmarkt.