Openbare kennisgeving (bekendmaking).
Origineel
Openbare kennisgeving (bekendmaking). 4 juni 1940. GEMEENTE AMSTERDAM
No. 591.
OPENBARE KENNISGEVING
Wijziging Reglement Centrale Markt.
Burgemeester en Wethouders van Amsterdam brengen ter openbare kennis, dat zij besloten hebben art. 5 van het Regle-ment op de Centrale Markt als volgt te doen luiden:
"Als koopers van aardappelen, groente en/of fruit worden, onverminderd het ter zake elders in dit Reglement bepaalde, tot de Centrale Markt alleen toegelaten personen, die de bo-vengenoemde producten uitsluitend van de op de Centrale Markt gevestigde verkoopers betrekken.
In bijzondere gevallen te zijner beoordeeling kan de Directeur van het Marktwezen aan bepaalde koopers voor een door hem vast te stellen tijdsduur geheele of gedeeltelijke ontheffing van het in het eerste lid bepaalde verleenen.
Als bezoekers worden tot de Centrale Markt alleen toege-laten personen die, zonder tot een der in het eerste lid van artikel 1 onder a of b genoemde categorieën te behooren, ten genoegen van den Directeur van het Marktwezen aannemelijk maken, dat zij op redelijke motieven toegang tot de Centrale Markt verlangen".
TG.
Amsterdam, 4 Juni 1940.
Burgemeester en Wethouders voornoemd,
DE VLUGT
de Secretaris,
VAN LIER. Dit document is een officiële wijziging van de toegangsregels voor de Centrale Markt in Amsterdam (de huidige Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat). De kern van de wijziging in Artikel 5 is een strengere regulering van wie het terrein mag betreden:
- Beperking voor kopers: Alleen kopers die hun producten uitsluitend bij de gevestigde handelaren op de Centrale Markt inkopen, krijgen toegang. Dit is waarschijnlijk bedoeld om de handel te concentreren en 'wildgroei' of buitenmarktse handel te voorkomen.
- Discretionaire bevoegdheid: De Directeur van het Marktwezen krijgt de macht om uitzonderingen (ontheffingen) te maken voor bepaalde kopers en voor een bepaalde duur.
- Toegang voor bezoekers: Toevallige bezoekers die geen officiële kopers of handelaren zijn, moeten voortaan een "redelijk motief" aantonen aan de directeur om toegelaten te worden.
De toon is strikt administratief en juridisch, gericht op het beheersen van de logistieke stroom en de actoren op de belangrijkste voedselmarkt van de stad. De datum van dit document, 4 juni 1940, is historisch zeer significant. Nederland was op dat moment minder dan een maand bezet door nazi-Duitsland (de capitulatie vond plaats op 15 mei 1940).
Hoewel dit document eruitziet als een routineuze gemeentelijke verordening, moet het gezien worden in het licht van de vroege bezettingsperiode:
* Continuïteit van bestuur: Burgemeester Willem de Vlugt was nog in functie. Hij zou in 1941 door de bezetter worden ontslagen en vervangen door een NSB-burgemeester. Het feit dat de normale gemeentelijke bureaucratie doorwerkte, is kenmerkend voor de eerste maanden van de bezetting.
* Voedselvoorziening en Controle: In tijden van oorlog en bezetting is controle over de voedseldistributie cruciaal. Door de toegang tot de Centrale Markt te beperken tot geregistreerde handelaren, kon de overheid (en indirect de bezetter) de distributie van schaarse goederen beter monitoren en de zwarte handel proberen in te dammen.
* Vroege beperkingen: Dit soort maatregelen vormden de bureaucratische basis voor de steeds strengere regulering en uiteindelijke rantsoenering die de oorlogsjaren zouden kenmerken.