Getypte zakelijke brief op grijs papier met handgeschreven kanttekeningen.
Origineel
Getypte zakelijke brief op grijs papier met handgeschreven kanttekeningen. 21 juni 1940. De Directeur (instelling niet nader gespecificeerd, mogelijk een markt- of distributie-instantie). [Handgeschreven rechtsboven:] M. Müller
[Handgeschreven middenboven:] verzonden 22/6
37/85/3 M.
D/G.
21 Juni 1940.
N.V. Blaauwhoedenveem-Vriesseveem,
St. Jobsweg 10,
R o t t e r d a m.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 8 Juni jl. bericht ik U, dat tot heden uit wagon 17913 werd verkocht:
3070 stuks witte kool opbrengst: ƒ 83,75.
1696 stuks witte kool moeten nog worden verkocht, indien dat mogelyk is. Een gedeelte van den inhoud van den onderhavigen wagon moest worden vernietigd.
Aangezien de verkoop plaats vindt in opdracht van de Nederlandsche Spoorwegen zal de opbrengst te zyner tyd aan deze onderneming worden afgedragen, die dan voor verrekening met de rechthebbenden zal zorgdragen.
De Directeur, * Logistieke afwikkeling: De brief betreft de financiële en materiële afhandeling van een gestrande of vertraagde lading bederfelijke waren (witte kool) in wagon 17913.
* Status van de lading: Van de partij zijn 3070 stuks verkocht voor een bedrag van 83,75 gulden. Een aanzienlijk deel (1696 stuks) wacht nog op verkoop, terwijl een ander (ongespecificeerd) deel wegens bederf is vernietigd.
* Betrokken partijen:
* Blaauwhoedenveem-Vriesseveem: Een toonaangevend Rotterdams overslag- en pakhuisbedrijf (voorloper van Pakhoed).
* Nederlandsche Spoorwegen (NS): De opdrachtgever voor de verkoop, wat suggereert dat de goederen onder hun beheer waren komen te staan, mogelijk door het uitblijven van instructies van de oorspronkelijke eigenaar.
* Taalgebruik: Formeel, ambtelijk Nederlands met de toen gebruikelijke spelling ("mogelyk", "den onderhavigen", "zyner tyd"). * Tijdsgewricht: De brief is gedateerd 21 juni 1940, slechts vijf weken na de Nederlandse capitulatie en het bombardement op Rotterdam (14 mei 1940).
* Oorlogsomstandigheden: In deze periode heerste er enorme chaos in de logistiek en voedseldistributie. Spoorwegen waren beschadigd of bezet voor militair transport, waardoor ladingen vers verse producten in wagons bleven staan en bedierven. Dit verklaart waarom een deel van de kool vernietigd moest worden.
* Economische impact: De brief toont de administratieve realiteit van de vroege bezettingstijd, waarbij getracht werd de economische schade van gestrande goederen te beperken door noodverkoop, uitgevoerd onder toezicht van de NS en gerapporteerd aan grote logistieke spelers zoals Blaauwhoedenveem. De locatie aan de St. Jobsweg in Rotterdam lag in het havengebied dat deels gespaard was gebleven van de directe bominslagen in het centrum, maar waar de bedrijfsvoering door de oorlogssituatie ernstig verstoord was.