Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 114
Dossier 5
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven conceptbrief of verslag (pagina 3).

Origineel

Handgeschreven conceptbrief of verslag (pagina 3). [Rechtsboven: 3]

maximaal mochten berekenen) op
f 9.- bepaalde.
~~Of elders prijzen van f 14.- tot~~
~~f 16.- bestonden was niet relevant,~~
Dat de marktwaarde ~~van de partij~~ citroenen
op het bewuste tijdstip
varieerde van f 14.- tot f 16.- moet ik
dus wel ernstig betwijfelen ; ~~hoe dat zelf~~
zij; ik moest afgaan op de deskundige
adviezen en heb dienovereenkomstig naar
goede trouw gehandeld. Indien het
waar is, dat diezelfde citroenen op 7 Mei
j.l. zijn gekocht voor 7 1/2 gulden, mocht
ik krachtens Wettelijk voorschrift
den grossiersprijs daarboven niet doen
uitgaan. ~~Dienovereenkomstig heb ik~~
~~gehandeld, en ik acht het daarom~~
~~bewering dat mij de onjuiste~~
~~handelingen beticht.~~
Uw mededeeling, dat het
voorschrift was de citroenen in veiling Het document is een pagina uit een dossier waarin een betrokkene (waarschijnlijk een handelaar of ambtenaar) zich verantwoordt voor de gehanteerde prijzen van een partij citroenen. De kern van het betoog is dat de schrijver heeft gehandeld op basis van "deskundige adviezen" en te "goeder trouw".

Er is een juridisch/administratief conflict over de waarde:
1. Er wordt een maximumprijs van f 9,- genoemd.
2. De schrijver trekt in twijfel dat de marktwaarde elders f 14,- tot f 16,- zou zijn geweest.
3. Er wordt gerefereerd aan een inkoopprijs van f 7,50 op 7 mei, wat volgens een "Wettelijk voorschrift" de marge voor de grossiersprijs (groothandelsprijs) beperkte.

De vele doorhalingen wijzen erop dat dit een concepttekst is waarbij de auteur zorgvuldig zoekt naar de juiste formulering om beschuldigingen van "onjuiste handelingen" te weerleggen. Dit document lijkt afkomstig uit een archief gerelateerd aan de Prijsbeheersing. In Nederland was er, met name tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog (de periode van schaarste en wederopbouw), strikte wetgeving tegen prijsopdrijving en woekerwinsten. Instanties zoals de Prijsbeheersingsdienst controleerden of handelaren zich hielden aan vastgestelde marges en maximumprijzen. De brief is waarschijnlijk een reactie op een controle of een proces-verbaal betreffende de handel in schaarse goederen (in dit geval citroenen).

Samenvatting

Het document is een pagina uit een dossier waarin een betrokkene (waarschijnlijk een handelaar of ambtenaar) zich verantwoordt voor de gehanteerde prijzen van een partij citroenen. De kern van het betoog is dat de schrijver heeft gehandeld op basis van "deskundige adviezen" en te "goeder trouw".

Er is een juridisch/administratief conflict over de waarde:
1. Er wordt een maximumprijs van f 9,- genoemd.
2. De schrijver trekt in twijfel dat de marktwaarde elders f 14,- tot f 16,- zou zijn geweest.
3. Er wordt gerefereerd aan een inkoopprijs van f 7,50 op 7 mei, wat volgens een "Wettelijk voorschrift" de marge voor de grossiersprijs (groothandelsprijs) beperkte.

De vele doorhalingen wijzen erop dat dit een concepttekst is waarbij de auteur zorgvuldig zoekt naar de juiste formulering om beschuldigingen van "onjuiste handelingen" te weerleggen.

Historische Context

Dit document lijkt afkomstig uit een archief gerelateerd aan de Prijsbeheersing. In Nederland was er, met name tijdens en kort na de Tweede Wereldoorlog (de periode van schaarste en wederopbouw), strikte wetgeving tegen prijsopdrijving en woekerwinsten. Instanties zoals de Prijsbeheersingsdienst controleerden of handelaren zich hielden aan vastgestelde marges en maximumprijzen. De brief is waarschijnlijk een reactie op een controle of een proces-verbaal betreffende de handel in schaarse goederen (in dit geval citroenen).

Gerelateerde Documenten 6