Archiefdocument
Origineel
18 juni 1940 Onbekend (vermoedelijk een ambtenaar verbonden aan de Spoorwegen of een distributiedienst) Directie N.V. Solbandera, Veerkade 9, Rotterdam C. A'dam 18 juni 1940
Directie NV Solbandera
Veerkade 9
Rotterdam C.
Naar aanl. v. Uw brief d.d. 15 dezer bericht ik U, dat de door U bedoelde citroenen inderdaad door mijn dienst, zonder dat mij de rechthebbenden bekend waren, op verzoek van de Nederlandsche Spoorwegen zijn verkocht.
De verkoop is desnerzijds gepleegd aan eenige als zeer vakkundig bekende grossiers, de heeren De Geus, Beugel, enz., wier deskundigheid trouwens ook in Uw brief niet in twijfel wordt getrokken.
Aanleiding om de citroenen te bewaren, hetgeen uiteraard nimmer bevorderlijk kan zijn voor de qualiteit, bestond niet, omdat er voldoende gegadigden waren, die ze wilden koopen. (In de marge: Ten bovendien onkosten veroorzaakte,) Als koopprijs kwam in aanmerking de prijs, die op 9 Mei 1940 voor dit product gold. Volgens verklaring van de bovenbedoelde deskundigen bedroeg die prijs toen ƒ 7,50 à ƒ 8,—. Ik vertrouwde dat de deskundigen mij juist hebben ingelicht en ik stelde den prijs voor... Het document is een zakelijke correspondentie waarin verantwoording wordt afgelegd over het eigenmachtig verkopen van een bederfelijke partij goederen (citroenen). De kernpunten zijn:
- Onwetendheid over eigendom: De afzender stelt dat op het moment van verkoop niet bekend was dat N.V. Solbandera de eigenaar was.
- Rol van de NS: De verkoop vond plaats op verzoek van de Nederlandse Spoorwegen. Dit wijst erop dat de goederen waarschijnlijk gestrand waren tijdens het transport.
- Bederfelijkheid: De afzender rechtvaardigt de snelle verkoop door te wijzen op het kwaliteitsverlies bij bewaring en de extra kosten die dit met zich mee zou brengen.
- Prijsbepaling: Er wordt expliciet verwezen naar de prijs van 9 mei 1940 (de dag vóór de Duitse inval in Nederland). Dit duidt erop dat men probeerde terug te vallen op de laatst bekende stabiele marktprijs van vóór de oorlogshandelingen. De brief is geschreven op 18 juni 1940, slechts een maand na de Nederlandse capitulatie. Tijdens de meidagen van 1940 raakte het goederenvervoer per spoor volledig ontregeld. Veel zendingen met bederfelijke waren (zoals fruit van importeurs als N.V. Solbandera uit Rotterdam) bleven staan op rangeerterreinen. Om totale verspilling te voorkomen, werden deze goederen vaak ter plaatse door de NS of lokale autoriteiten verkocht aan erkende handelaren. Dit document vormt een schakel in de administratieve en financiële afwikkeling van dergelijke noodverkopen tijdens de chaos van de eerste oorlogsmaanden.