Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 130
Dossier 7
Jaar 1940
Stadsarchief

Getypt ambtelijk rapport/proces-verbaal (pagina 2).

20 juni 1940 (gebaseerd op het vage stempel bovenaan de pagina).

Origineel

Getypt ambtelijk rapport/proces-verbaal (pagina 2). 20 juni 1940 (gebaseerd op het vage stempel bovenaan de pagina). -2-
gevraagd gaf hij thans op te zijn genaamd:
...........CORNELIS MARINUS RODEMOND...........
geboren 18 Maart 1921 te Amsterdam, van beroep ijzerwerker, wo-
nende te Amsterdam, Azaleastraat No 21 huis.
Hij erkende, dat hij aanvankelijk aan mij rapporteur een valschen
naam had opgegeven.
Thans gaf hij weder een andere verklaring over de kisten, die
hij reeds aan van Dijk had verkocht en wilde verkoopen, name-
lijk het volgende:
Hij verklaarde, dat hij alle kisten die hij reeds had verkocht en
ook de kisten, die hij dezen morgen aan van Dijk wilde verkoopen,
althans tegen het statiegeld afleveren, ontvangen had van een hem
niet bij name bekenden jongen van ongeveer 18 jaar, die geen toe-
gangskaart tot de Centrale Markt bezat.
Hij verklaarde voor iedere partij kisten, die hij had afgeleverd
van dien onbekenden jongen 1 gulden had ontvangen.
Rodemond is aan het Bureau Admiraal de Ruyterweg in bewaring ge-
steld.
Ik rapporteur voeg bij dit rapport drie contrabonnen van genoem-
den van Dijk, respectievelijk genummerd 920- 84 en 331.
Op bon 920 zijn afgeleverd 18 kisten en op bon 84 zijn 26 kisten
afgeleverd, terwijl op bon 331 afgeleverd zijn 26 kisten, voor welke
kisten door van Dijk aan Rodemond is uitbetaald, op bon 920 f.10,44;
Op bon 84 f.15,08 en de bon genummerd 331 betreft de kisten, die
Rodemond op heden inleverde, doch die door het wantrouwen van ge-
noemden van Dijk niet zijn uitbetaald.
Verder verklaar ik rapporteur, dat door Karel Christiaan Blankensteyn
wonende Schimmelstraat 19, twee hoog, is te kennen gegeven dat van zijn
kar, staande op het parkeerterrein de Centrale Markt zijn ontvreemd
26 kisten, waarvan hij aangifte zal doen aan het Bureau Admiraal de
Ruyterweg alhier.
Verder verklaar ik rapporteur, dat genoemde Rodemond door mij reeds
eerder op het Marktterrein is gezien, en dat aan zijn houding dui-
delijk was te zien, dat hij op de Markt vertoefde met minder goede
bedoelingen, doch dat hij wel in het bezit was van een weekbon, zoo-
als reeds door mij in dit rapport is vermeld. Ook deze weekbon is
door mij met de statiegeldreçus bij dit rapport gevoegd.
De Controleur voornoemd,
(w.g. J.H.W. Bron)
AAN DEN HEER BEDRIJFSCHEF
VAN HET MARKTWEZEN TE AMSTERDAM * Inhoud: Dit document is het vervolg van een rapportage over de aanhouding van de 19-jarige Cornelis Marinus Rodemond. Hij wordt beschuldigd van het verhandelen van gestolen kisten op de Centrale Markt in Amsterdam. Rodemond bekent dat hij eerst een valse naam opgaf en claimt nu dat hij de kisten kreeg van een onbekende jongen zonder marktpas, waarbij hij een commissie van 1 gulden per partij ontving.
* Bewijsvoering: De rapporteur voert drie 'contrabonnen' (bewijzen van inlevering) op als bewijsmateriaal. Er is een directe link met een aangifte van diefstal: Karel Christiaan Blankensteyn miste exact 26 kisten, wat overeenkomt met de inhoud van één van de bonnen.
* Observatie: De controleur merkt expliciet op dat de verdachte hem al eerder was opgevallen vanwege verdacht gedrag ("minder goede bedoelingen"), ondanks dat de man wel over een geldige weekbon beschikte om op het terrein te mogen zijn.
* Fysieke staat: Het document vertoont duidelijke doorslag van de tekst op de voorzijde (spiegelbeeld), wat kenmerkend is voor dun papier dat in die tijd vaak voor kopieën of rapportages werd gebruikt. * Tijdsbeeld: Het rapport is gedateerd op 20 juni 1940, ruim een maand na de Nederlandse capitulatie. Hoewel de Duitse bezetting net was begonnen, bleven civiele diensten zoals het Marktwezen en de lokale politie (Bureau Admiraal de Ruyterweg) functioneren volgens de bestaande Nederlandse wetgeving en procedures.
* Locatie: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam in West) was een vitale schakel in de voedselvoorziening. Toegangsbewijzen (weekbonnen) en strikte controle op emballage (kisten met statiegeld) waren essentieel om diefstal en zwarte handel tegen te gaan.
* Sociaal-economisch: De verdachte is een jonge ijzerwerker. In tijden van crisis en beginnende schaarste was de handel in statiegeldemballage een veelvoorkomende vorm van kleine criminaliteit om extra inkomen te verwerven.

Samenvatting

  • Inhoud: Dit document is het vervolg van een rapportage over de aanhouding van de 19-jarige Cornelis Marinus Rodemond. Hij wordt beschuldigd van het verhandelen van gestolen kisten op de Centrale Markt in Amsterdam. Rodemond bekent dat hij eerst een valse naam opgaf en claimt nu dat hij de kisten kreeg van een onbekende jongen zonder marktpas, waarbij hij een commissie van 1 gulden per partij ontving.
  • Bewijsvoering: De rapporteur voert drie 'contrabonnen' (bewijzen van inlevering) op als bewijsmateriaal. Er is een directe link met een aangifte van diefstal: Karel Christiaan Blankensteyn miste exact 26 kisten, wat overeenkomt met de inhoud van één van de bonnen.
  • Observatie: De controleur merkt expliciet op dat de verdachte hem al eerder was opgevallen vanwege verdacht gedrag ("minder goede bedoelingen"), ondanks dat de man wel over een geldige weekbon beschikte om op het terrein te mogen zijn.
  • Fysieke staat: Het document vertoont duidelijke doorslag van de tekst op de voorzijde (spiegelbeeld), wat kenmerkend is voor dun papier dat in die tijd vaak voor kopieën of rapportages werd gebruikt.

Historische Context

  • Tijdsbeeld: Het rapport is gedateerd op 20 juni 1940, ruim een maand na de Nederlandse capitulatie. Hoewel de Duitse bezetting net was begonnen, bleven civiele diensten zoals het Marktwezen en de lokale politie (Bureau Admiraal de Ruyterweg) functioneren volgens de bestaande Nederlandse wetgeving en procedures.
  • Locatie: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam in West) was een vitale schakel in de voedselvoorziening. Toegangsbewijzen (weekbonnen) en strikte controle op emballage (kisten met statiegeld) waren essentieel om diefstal en zwarte handel tegen te gaan.
  • Sociaal-economisch: De verdachte is een jonge ijzerwerker. In tijden van crisis en beginnende schaarste was de handel in statiegeldemballage een veelvoorkomende vorm van kleine criminaliteit om extra inkomen te verwerven.

Locaties

De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam in West) was een vitale schakel in de voedselvoorziening. Toegangsbewijzen (weekbonnen) en strikte controle op emballage (kisten met statiegeld) waren essentieel om diefstal en zwarte handel tegen te gaan.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Gerelateerde Documenten 6