Archief 745
Inventaris 745-329
Pagina 253
Dossier 1
Jaar 1940
Stadsarchief

Handgeschreven ambtelijke notitie of rapportage.

Origineel

Handgeschreven ambtelijke notitie of rapportage. [1] Eenige kleinhandelaren w.o. Tabak,
[2] Van Gelder [onleesbaar, mogelijk: en v.d. Laan] worden op [doorgehaald: ge...] vertoon
[3] van papieren afgegeven door verschillende
[4] leiders van Duitsche onderdeelen, vroeg-
[5] er [doorgehaald: oppassen] op de Centrale Markt toegelaten, dan
[6] anderen.

[7] Van die toelating wordt gebruik
[8] gemaakt om behalve voor leveren
[9] aan Duitsche weermacht ook voor den
[10] eigen winkelverkoop in te koopen.

[11] Er zijn anderen die ook aan D.
[12] weermacht leveren maar niet op de
[13] C.M. binnen de uren, waarop kleinhandel
[14] toegang heeft behoeften dekken. Ook
[15] zijn er onderdeelen D. weermacht die zelf
[16] inkoopen op C.M., en eveneens binnen de
[17] hier bedoelde uren.

[18] Het vroeger toelaten van enkele
[19] kleinhandelaren, schept ongelijke concurrentie-
[20] voorwaarden, en verwekt daardoor
[21] ontevredenheid bij anderen.

[22] Het is blijkbaar niet noodig dat
[23] vervroegde toegang wordt verleend.

[24] In dit verband ware wenschelijk
[25] dat vanwege D. weermacht met de
[26] Centrale [document eindigt hier] De tekst beschrijft een probleem met de marktregulering op de Centrale Markt (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam). Een selecte groep kleinhandelaren (waaronder de genoemde "Tabak" en "Van Gelder") krijgt op vertoon van Duitse papieren eerder toegang tot de markt dan hun collega's.

De schrijver signaleert twee misstanden:
1. Misbruik van privileges: De bevoorrechte handelaren gebruiken hun vroege toegang niet alleen om voor de Wehrmacht in te kopen, maar ook om de beste voorraad in te slaan voor hun eigen particuliere winkelverkoop.
2. Ongelijke behandeling: Andere leveranciers die ook aan de Wehrmacht leveren, krijgen dit privilege niet. Bovendien kopen Duitse legereenheden soms ook direct in op de markt tijdens deze vroege uren.

De conclusie van de notitie is dat deze "vroegere toegang" niet noodzakelijk is en enkel leidt tot scheve concurrentieverhoudingen en onvrede onder de overige handelaren. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens deze jaren was er sprake van toenemende schaarste en distributiebonnen. De Centrale Markt was het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening.

De "Duitsche Wehrmacht" had prioriteit bij de toewijzing van goederen. Handelaren die aan de bezetter leverden, bevonden zich in een lastige maar vaak winstgevende positie. Dit document werpt licht op de dagelijkse corruptie en de frictie tussen handelaren: het bezit van een Duits bewijsje ("papieren afgegeven door verschillende leiders van Duitsche onderdeelen") gaf een enorme voorsprong op de rest van de markt, wat in deze tijd van schaarste direct leidde tot verrijking ten koste van anderen. De auteur van de notitie lijkt te pleiten voor een meer uniforme regeling om de rust op de markt te bewaren.

Samenvatting

De tekst beschrijft een probleem met de marktregulering op de Centrale Markt (waarschijnlijk de Centrale Markthallen in Amsterdam). Een selecte groep kleinhandelaren (waaronder de genoemde "Tabak" en "Van Gelder") krijgt op vertoon van Duitse papieren eerder toegang tot de markt dan hun collega's.

De schrijver signaleert twee misstanden:
1. Misbruik van privileges: De bevoorrechte handelaren gebruiken hun vroege toegang niet alleen om voor de Wehrmacht in te kopen, maar ook om de beste voorraad in te slaan voor hun eigen particuliere winkelverkoop.
2. Ongelijke behandeling: Andere leveranciers die ook aan de Wehrmacht leveren, krijgen dit privilege niet. Bovendien kopen Duitse legereenheden soms ook direct in op de markt tijdens deze vroege uren.

De conclusie van de notitie is dat deze "vroegere toegang" niet noodzakelijk is en enkel leidt tot scheve concurrentieverhoudingen en onvrede onder de overige handelaren.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945). Tijdens deze jaren was er sprake van toenemende schaarste en distributiebonnen. De Centrale Markt was het zenuwcentrum voor de voedselvoorziening.

De "Duitsche Wehrmacht" had prioriteit bij de toewijzing van goederen. Handelaren die aan de bezetter leverden, bevonden zich in een lastige maar vaak winstgevende positie. Dit document werpt licht op de dagelijkse corruptie en de frictie tussen handelaren: het bezit van een Duits bewijsje ("papieren afgegeven door verschillende leiders van Duitsche onderdeelen") gaf een enorme voorsprong op de rest van de markt, wat in deze tijd van schaarste direct leidde tot verrijking ten koste van anderen. De auteur van de notitie lijkt te pleiten voor een meer uniforme regeling om de rust op de markt te bewaren.

Gerelateerde Documenten 6