Archief 745
Inventaris 745-331
Pagina 2
Dossier 82
Jaar 1940
Stadsarchief

Doorslag van een officiële brief.

8 Juni 1940 (Verzonden 10/6 - '40). Van: De Directeur (organisatie niet expliciet genoemd, vermoedelijk gerelateerd aan visserijbeheer). Aan: den Heer A. van der Veer, Edisonstraat 45, IJmuiden.

Origineel

Doorslag van een officiële brief. 8 Juni 1940 (Verzonden 10/6 - '40). De Directeur (organisatie niet expliciet genoemd, vermoedelijk gerelateerd aan visserijbeheer). den Heer A. van der Veer, Edisonstraat 45, IJmuiden. VP/DV.

46A/23/2 M.

[Handgeschreven: Verzonden 10/6 - '40.]

[Handgeschreven rechtsboven:
ten. h. de Raad
ten. h. Müller]

8 Juni 1940.

den Heer A. van der Veer,
Edisonstraat 45,
I J M U I D E N.

Naar aanleiding van Uw brief d.d. 1 dezer bericht ik U, dat U dezerzijds tot nu toe nimmer gegevens werden verstrekt. Ik moet vooralsnog bezwaar maken om U in te lichten omtrent de besommingen, die door individueele visschers aan den Gemeentelijken Vischafslag zijn gemaakt. Alleen indien U mij zoudt kunnen aantoonen, dat U van andere Vischafslagen -en met name van dien te IJmuiden- wel de bedoelde gegevens ontvangt, zou ik bereid zijn Uw verzoek andermaal in overweging te nemen.

Wat Uw verzoek inzake opgelegde visscherijschepen betreft diene, dat ik met deze aangelegenheid niet bekend ben. Desgewenscht kunt U Uw desbetreffende vraag richten tot den heer Havenmeester te Amsterdam.

De Directeur, In deze brief reageert een onbekende directeur op een informatieverzoek van de heer A. van der Veer uit IJmuiden. Het verzoek betreft twee zaken:

  1. Besommingen: Van der Veer wilde inzage in de individuele opbrengsten (besommingen) van vissers bij de Gemeentelijke Visafslag. De directeur wijst dit af, met het argument dat dergelijke gegevens nooit eerder zijn verstrekt. Hij laat een kleine opening: als de aanvrager kan bewijzen dat hij deze gegevens van andere afslagen (zoals die in IJmuiden zelf) wel krijgt, kan het verzoek opnieuw worden overwogen. Dit duidt op een strikt privacybeleid en bescherming van de concurrentiepositie van individuele vissers.
  2. Opgelegde vissersschepen: Op de vraag over schepen die uit de vaart zijn genomen of in beslag zijn genomen ("opgelegd"), verklaart de directeur niet bevoegd of op de hoogte te zijn. Hij verwijst de briefschrijver door naar de Havenmeester van Amsterdam. De brief is gedateerd op 8 juni 1940, minder dan een maand na de Duitse inval en de Nederlandse capitulatie (mei 1940). De context van de vroege bezettingsperiode is essentieel:

  3. Visserij in oorlogstijd: De visserijsector werd direct zwaar getroffen door de oorlog. Schepen werden gevorderd door zowel de Nederlandse als later de Duitse marine, of mochten de haven niet uit vanwege mijnengevaar en Britse blokkades. Het verzoek van Van der Veer over "opgelegde" schepen is in dit licht zeer actueel.

  4. IJmuiden: Als een van de belangrijkste vissershavens van Nederland was IJmuiden een strategisch knooppunt. De regels omtrent informatievoorziening werden onder het militaire bestuur van de bezetter waarschijnlijk aangescherpt.
  5. Bureaucratie: De brief toont de formele, bijna defensieve houding van de bureaucratie in een tijd van grote onzekerheid. De directeur houdt vast aan bestaande procedures ("nimmer gegevens werden verstrekt") om geen precedenten te scheppen in een instabiele politieke situatie. N.

Samenvatting

In deze brief reageert een onbekende directeur op een informatieverzoek van de heer A. van der Veer uit IJmuiden. Het verzoek betreft twee zaken:

  1. Besommingen: Van der Veer wilde inzage in de individuele opbrengsten (besommingen) van vissers bij de Gemeentelijke Visafslag. De directeur wijst dit af, met het argument dat dergelijke gegevens nooit eerder zijn verstrekt. Hij laat een kleine opening: als de aanvrager kan bewijzen dat hij deze gegevens van andere afslagen (zoals die in IJmuiden zelf) wel krijgt, kan het verzoek opnieuw worden overwogen. Dit duidt op een strikt privacybeleid en bescherming van de concurrentiepositie van individuele vissers.
  2. Opgelegde vissersschepen: Op de vraag over schepen die uit de vaart zijn genomen of in beslag zijn genomen ("opgelegd"), verklaart de directeur niet bevoegd of op de hoogte te zijn. Hij verwijst de briefschrijver door naar de Havenmeester van Amsterdam.

Historische Context

De brief is gedateerd op 8 juni 1940, minder dan een maand na de Duitse inval en de Nederlandse capitulatie (mei 1940). De context van de vroege bezettingsperiode is essentieel:

  • Visserij in oorlogstijd: De visserijsector werd direct zwaar getroffen door de oorlog. Schepen werden gevorderd door zowel de Nederlandse als later de Duitse marine, of mochten de haven niet uit vanwege mijnengevaar en Britse blokkades. Het verzoek van Van der Veer over "opgelegde" schepen is in dit licht zeer actueel.
  • IJmuiden: Als een van de belangrijkste vissershavens van Nederland was IJmuiden een strategisch knooppunt. De regels omtrent informatievoorziening werden onder het militaire bestuur van de bezetter waarschijnlijk aangescherpt.
  • Bureaucratie: De brief toont de formele, bijna defensieve houding van de bureaucratie in een tijd van grote onzekerheid. De directeur houdt vast aan bestaande procedures ("nimmer gegevens werden verstrekt") om geen precedenten te scheppen in een instabiele politieke situatie.

Genoemde Personen 1

N.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch Vleeswaren: Vlees Vleeswaren: Wild

Thema's

Dwang/Vordering Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 45

Gerelateerde Documenten 2