Financieel overzicht / grootboekblad.
Origineel
Financieel overzicht / grootboekblad. [Bovenaan de pagina:]
Personeels lasten
Sal. en loonen + bijdrage pens. fonds personeel + bijdrage gemeente + sociale lasten.
[Kolomkoppen:]
am [mogelijk: Ambtenaren] | Pm [mogelijk: Pensioenen of Politie] | Markten
[Tabelgegevens:]
1935
* am: 105.552,98 v / 6.646,67 v
* Pm: 17.789,61 v / 1.320,35 v
* Markten: 58.741,86 v / 15.567,72 / 74.309,58 / 6.896,54
1936
* am: 110.246,13 v / 8.255,14 v
* Pm: 17.543,92 v / 1.453,83 v
* Markten: 59.461,77 v / 16.985,08 / 76.446,85 / 7.594,51
1937
* am: 111.872,03 v / 8.886,05 v
* Pm: 17.954,56 v / 1.520,62 v
* Markten: 60.996,23 v / 17.014,44 / 78.010,67 / 7.658,44
1938
* am: 114.390,73 v / 9.436,74 v
* Pm: 18.838,47 v / 1.594,83 v
* Markten: 57.942,77 v / 16.828,29 / 74.771,06 / 7.230,72 / 67.540,34
1939
* am: 117.397.- v / 9.831.- v / 107.566
* Pm: 19.900.- v / 1.644.- v / 18.256
* Markten: 57.672.- / 13.541.- / 71.213 / [onleesbaar cijfer] / 74.528
1940
* am: 113.742.- v / 9.500.- v / 104.242
* Pm: 20.504.- v / 1.680.- v / 18.824
* Markten: 60.700.- / 17.813.- / 78.513 / 5.332.- / 73.181
[Linksonder in de marge:]
19900
- 1644
18256
[Onderaan de pagina:]
pers. lasten Markten
te schatten ± 25% ten laste verbruikers
75% [ten laste van] markten Het document is een interne administratieve staat van een Nederlandse gemeente. Het geeft een overzicht van de stijgende personeelskosten in de jaren dertig. Opvallend is de gedetailleerde uitsplitsing van de kosten voor de 'Markten'.
Er wordt een duidelijke berekeningswijze gehanteerd waarbij pensioenlasten en sociale lasten bij het brutoloon worden opgeteld. De afvinktekens suggereren dat dit blad is gebruikt voor een audit of een jaarverslag. In de latere jaren (1939-1940) worden de bedragen afgerond op hele guldens, wat kan duiden op een begroting of voorlopige cijfers in plaats van definitieve afrekeningen. De aantekening onderaan wijst op een beleidsbeslissing om de personeelskosten van de marktmeesters en bijbehorend personeel voor een kwart door te berekenen aan de gebruikers (waarschijnlijk via staangelden) en voor driekwart uit de algemene marktmiddelen te voldoen. Dit document stamt uit een roerige periode in de Nederlandse sociaal-economische geschiedenis. De jaren 1935-1939 vallen onder de staart van de Grote Depressie, waarin de overheid trachtte de kosten te beheersen (bezuinigingspolitiek van Colijn). De cijfers over 1940 weerspiegelen het eerste jaar van de Duitse bezetting; ondanks de oorlogssituatie liep de gemeentelijke bureaucratie en de financiële verslaglegging in eerste instantie nauwgezet door. De verdeling van kosten tussen 'verbruikers' en de 'markt' is een typisch voorbeeld van hoe gemeenten probeerden hun begroting sluitend te krijgen door specifieke diensten zelfvoorzienend te maken.