Getypt afschrift van een ambtelijke brief.
Origineel
Getypt afschrift van een ambtelijke brief. 13 mei 1938. AFSCHRIFT.
Bureau tot bestrijding
der Werkloosheid
AMSTERDAM.
Amsterdam, 13 Mei 1938.
Hierbij heb ik de eer U te doen toekomen een
schrijven van de N.V. Algemeene Transport Onderneming.
Inderdaad heeft ook mij het bedoelde venten
herhaaldelijk onaangenaam getroffen; ik kan mij niet indenken,
dat de gebruikelijke werkwijze aan de bedoeling van de ventver-
gunning beantwoordt.
Bovendien is het gevaar, dat reëele collecten
worden verward met deze inzamelingen, niet denkbeeldig.
Ik heb briefschrijfster bericht, dat haar
klacht door Uw afdeeling zal worden onderzocht en dat haar t.z.t.
nader zal worden bericht.
De Leider van het Bureau tot
bestrijding van de Werkloosheid
w.g.onleesbaar. * Inhoud: De Leider van het Amsterdamsche Bureau tot bestrijding der Werkloosheid stuurt een klacht door naar een andere afdeling voor nader onderzoek. De klacht, afkomstig van de "N.V. Algemeene Transport Onderneming" (mogelijk via een vrouwelijke correspondent, gezien de term "briefschrijfster"), betreft de wijze waarop er op straat wordt gevent.
* Beoordeling: De ambtenaar onderschrijft de klacht persoonlijk. Hij stelt dat de manier waarop de venters te werk gaan ("gebruikelijke werkwijze") niet in lijn is met wat de overheid met een ventvergunning beoogt.
* Kernpunt: Er is specifiek bezorgdheid over het feit dat deze vorm van venten (mogelijk vermomd als een vorm van fondsenwerving voor de werklozen) verward kan worden met "reëele collecten" (legitieme liefdadigheidsinzamelingen). Dit suggereert dat de venters zich mogelijk voordeden als inzamelaars voor een goed doel, wat de geloofwaardigheid van echte inzamelingen ondermijnde. * Tijdsgewricht: Mei 1938 valt in de late jaren van de Grote Depressie. De werkloosheid in Nederland was destijds nog steeds zeer hoog.
* Sociale situatie: Het "Bureau tot bestrijding der Werkloosheid" was een belangrijke instantie in die tijd, belast met steunverlening en werkverschaffing. Veel werklozen probeerden door middel van straathandel (venten) of het ophalen van bijdragen het hoofd boven water te houden.
* Regulering: Om wildgroei, overlast en fraude te voorkomen, was de overheid strikt in het verlenen van ventvergunningen en het reguleren van collectes. De vrees voor 'nep-inzamelingen' die in dit document wordt geuit, was een veelvoorkomend thema in die periode, waarbij de grens tussen overlevingsstrategie van de individuele werkloze en misleiding van het publiek vaak dun was. N.V. Algemeene
Samenvatting
- Inhoud: De Leider van het Amsterdamsche Bureau tot bestrijding der Werkloosheid stuurt een klacht door naar een andere afdeling voor nader onderzoek. De klacht, afkomstig van de "N.V. Algemeene Transport Onderneming" (mogelijk via een vrouwelijke correspondent, gezien de term "briefschrijfster"), betreft de wijze waarop er op straat wordt gevent.
- Beoordeling: De ambtenaar onderschrijft de klacht persoonlijk. Hij stelt dat de manier waarop de venters te werk gaan ("gebruikelijke werkwijze") niet in lijn is met wat de overheid met een ventvergunning beoogt.
- Kernpunt: Er is specifiek bezorgdheid over het feit dat deze vorm van venten (mogelijk vermomd als een vorm van fondsenwerving voor de werklozen) verward kan worden met "reëele collecten" (legitieme liefdadigheidsinzamelingen). Dit suggereert dat de venters zich mogelijk voordeden als inzamelaars voor een goed doel, wat de geloofwaardigheid van echte inzamelingen ondermijnde.
Historische Context
- Tijdsgewricht: Mei 1938 valt in de late jaren van de Grote Depressie. De werkloosheid in Nederland was destijds nog steeds zeer hoog.
- Sociale situatie: Het "Bureau tot bestrijding der Werkloosheid" was een belangrijke instantie in die tijd, belast met steunverlening en werkverschaffing. Veel werklozen probeerden door middel van straathandel (venten) of het ophalen van bijdragen het hoofd boven water te houden.
- Regulering: Om wildgroei, overlast en fraude te voorkomen, was de overheid strikt in het verlenen van ventvergunningen en het reguleren van collectes. De vrees voor 'nep-inzamelingen' die in dit document wordt geuit, was een veelvoorkomend thema in die periode, waarbij de grens tussen overlevingsstrategie van de individuele werkloze en misleiding van het publiek vaak dun was.