Archiefdocument
Origineel
30 september 1938 De Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen [Handgeschreven:] extra
VP/HG.
72/79/7 M.
30 September 1938.
Maatregel van orde tegen
venters met strikjes en
speldjes.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Naar aanleiding van Uw missive d.d. 6 Juli jl. (No. 468 L.M.1938) heeft de Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen de eer U te berichten, dat zij deze missive heeft behandeld in haar vergadering van 23 September jl. De Commissie vereenigt zich eenstemmig met den door U voorgestelden maatregel van orde. Zij zal het op prijs stellen, indien haar leden mededeeling mogen ontvangen, wanneer Burgemeester en Wethouders overeenkomstig Uw voorstel zullen hebben beslist, opdat deze mededeeling in de bladen der verschillende organisaties van straatkooplieden kan worden gepubliceerd. Bovendien stelt de Commissie voor, wel te willen bevorderen, dat door Burgemeester en Wethouders een circulaire wordt gericht aan de houders van vergunningen voor den verkoop van feestartikelen en/of speelgoed, waarin dezen vergunninghouders, onder mededeeling van den genomen ordemaatregel, wordt opgedragen voortaan het publiek geen overlast meer aan te doen.
Tenslotte geeft de Commissie U beleefd in overweging, ook aandacht te doen besteden aan den overlast, die van de venters met speldjes en strikjes wordt ondervonden nabij Schiphol. Wellicht kan ten deze de medewerking van Uw Ambtgenoot voor de Handelsinrichtingen of van het Gemeentebestuur van Haarlemmermeer worden gevraagd.
De Voorzitter,
De Secretaris, Dit document is een formeel ambtelijk advies van de "Permanente Commissie van Advies inzake ventvergunningen". De kern van het schrijven is de instemming met een voorgestelde maatregel om de overlast door bepaalde straatverkopers (venters) te beperken.
- Doelgroep: De maatregel richt zich specifiek op venters die "strikjes en speldjes" verkopen. Dit waren vaak goedkope souvenirs of versierselen die op dwingende wijze aan het publiek werden aangeboden.
- Handhaving en Communicatie: De commissie adviseert niet alleen de maatregel in te voeren, maar ook om de beroepsgroep actief te informeren via hun eigen vakbladen en via een directe circulaire aan vergunninghouders van feestartikelen en speelgoed.
- Locatie-specifieke problematiek: De brief noemt expliciet de overlast nabij Schiphol. Dit duidt erop dat de luchthaven (toen al een trekpleister voor dagjesmensen) een brandpunt was voor dit soort ongewenste verkoopactiviteiten.
- Intergemeentelijke samenwerking: Omdat Schiphol op het grondgebied van de gemeente Haarlemmermeer ligt, maar de problematiek waarschijnlijk de Amsterdamse markt aangaat (gezien de adressering "Alhier"), wordt geadviseerd om contact op te nemen met het gemeentebestuur van Haarlemmermeer. In de jaren '30 was straathandel een wijdverbreid fenomeen, maar ook een bron van zorg voor het stadsbestuur vanwege de vermeende "overlast" en de behoefte aan regulering van de openbare orde. De term "strikjes en speldjes" verwijst vaak naar kleine artikelen die bijvoorbeeld tijdens nationale feestdagen (zoals Koninginnedag) of bij grote evenementen werden verkocht.
De datering (september 1938) plaatst het document in een tijd van economische spanning en een strikte ordening van de samenleving. De luchthaven Schiphol was in die periode volop in ontwikkeling als nationaal symbool, waardoor men daar een ordelijke en representatieve omgeving wenste te behouden, vrij van "opdringerige" venters. Het document illustreert hoe de overheid via een stelsel van vergunningen en commissies grip probeerde te krijgen op de informele economie op straat.