Ambtsbrief / Rapport
Origineel
Ambtsbrief / Rapport 1 maart 1940 (Linksboven:)
vP/DV.
72/9/2 M.
Overlast van venters
met strikjes.
(Middenboven:)
extra
(Rechtsboven handgeschreven:)
ten. H. de Kan.
(Rechtsmidden:)
1 Maart 1940.
den Heer Wethouder voor de
Levensmiddelen,
A l h i e r.
Ten vervolge op mijn rapport d.d. 12 December jl. (No.72/68/4 M.) heb ik de eer U te berichten, dat op 23 Febru- ari jl. door twee contrôleurs van mijn dienst is gecontrôleerd op venters met strikjes in de nabijheid der Apollohal, waar een Ford-automobieltentoonstelling werd gehouden. Bij deze contrôle, die op vorenvermelden datum plaats vond van ± 11 uur v.m. tot 1 uur n.m.; van 2 uur n.m. tot 4 uur n.m. en van 7 uur n.m. tot 9 uur n.m. werden ter plaatse in totaal vijf venters met een gel- dige ventvergunning aangetroffen en één persoon zonder ventver- gunning. Tegen den laatste werd verbaliseerend opgetreden.
Ook de vijf venters met vergunning gedroegen zich echter op hinderlijke en opdringerige wijze tegen het publiek; van eigenlijk venten was weinig of geen sprake. Getracht werd de strijkjes ongevraagd op jassen van bezoekers der tentoonstelling te spelden; soms werd erbij gezegd: "wat U geeft is goed"; het optreden dezer venters droeg het karakter van bedelarij. Ik ben daarom van meening, dat overwogen dient te worden om de aan deze venters verleende vergunningen, wegens bedelarij, in te trekken. Wellicht vindt U aanleiding terzake ook het advies te vragen van den Hoofdcommissaris van Politie en van mijn Ambtgenoot voor Maatschappelijken Steun.
De namen der hierbedoelde venters zijn: * Kernboodschap: De afzender rapporteert over wangedrag van venters bij de Apollohal in Amsterdam tijdens een autotentoonstelling. Hoewel de meeste venters een vergunning hadden, wordt hun gedrag (het ongevraagd opspelden van "strijkjes" en vragen om een vrijwillige bijdrage) geclassificeerd als bedelarij in plaats van legitieme handel.
* Terminologie:
* Strikjes / strijkjes: Het document gebruikt beide spellingen. Het gaat hier om kleine decoratieve speldjes of lintjes die vaak voor een (al dan niet fictief) goed doel werden verkocht.
* Venten: Het op straat of aan de deur verkopen van goederen.
* Verbaliserend optreden: Het opmaken van een proces-verbaal (een boete uitschrijven).
* Handhavingsaspect: Er wordt geadviseerd om de ventvergunningen in te trekken op basis van de kwalificatie "bedelarij". Er wordt voorgesteld om de politie en de dienst Maatschappelijk Steun bij het besluit te betrekken.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands uit de vooroorlogse periode (bijv. "jl." voor jongstleden, "v.m./n.m." voor voormiddag/namiddag). * Historische setting: De brief is gedateerd op 1 maart 1940, slechts twee maanden voor de Duitse inval in Nederland. De sfeer in Amsterdam was in deze periode gespannen door de mobilisatie en dreigende schaarste.
* Locatie: De Apollohal in Amsterdam-Zuid was (en is) een prominente plek voor evenementen. De Ford-automobieltentoonstelling was een groot publieksevenement dat veel bezoekers trok, wat weer venters en bedelaars aantrok.
* Sociale controle: In de jaren '30 en '40 werd er streng toegezien op 'publieke orde'. Bedelarij werd gezien als een sociaal kwaad dat streng aangepakt moest worden. Het feit dat de "Wethouder voor de Levensmiddelen" wordt aangeschreven, suggereert dat deze specifieke toezichthoudende dienst onder zijn portefeuille viel, waarschijnlijk gerelateerd aan marktwezen en straathandel.
* Archivistische context: De handgeschreven naam "H. de Kan" verwijst waarschijnlijk naar een ambtenaar of secretaris die het stuk in behandeling nam. De vermelding "extra" duidt op een zekere mate van urgentie of een bijzondere categorie binnen de administratie. H. de Kan Marktwezen Politie