Getypte brief (4e vervolgblad).
Origineel
Getypte brief (4e vervolgblad). 13 mei 1937. 4e Vervolg brief d.d. 13 Mei 1937, Afd.L.M.1937, No.269.
ook niet aan beteekenis inboet, mits de contrôle niet steeds op
dezelfde dagen en uren in dezelfde wijken wordt uitgeoefend.
Op nog een ander punt kan het werk der controleurs mijns
inziens gevoegelijk worden verminderd. Blijkens Uw rapport wordt
op één of meer dagen per week den controleurs opgedragen, op vast-
gestelde uren in bepaalde rayons systematisch na te gaan, hoeveel
venters zij in die rayons aantreffen en met welke artikelen gevent
wordt. Dit werk kan zeker van beteekenis zijn, omdat daardoor waar-
devolle gegevens worden verzameld. Echter ben ik van meening, dat
dit werk niet op één of meer dagen per week behoeft te geschieden.
De waarde der gegevens wordt niet minder als deze telling eenmaal
[marge links: v. Duin, blz. 4.] of tweemaal per maand plaats heeft, temeer niet, daar Uw Dienst op
grond van de dagrapporten ook inzicht krijgt omtrent de "venters-
dichtheid" op bepaalde uren in bepaalde wijken.
Ten slotte hebben mijn aandacht getrokken de vele handelingen,
welke worden verricht alvorens een door een controleur opgemaakt
proces-verbaal bij de Justitie wordt ingeleverd.
Volg ik de omschrijving van de werkzaamheden ten deze goed,
dan vinden de volgende handelingen plaats:
a. het concept wordt door den verbaliseerenden ambtenaar ingele-
[marge links: zie] verd bij de daarvoor in de verschillende Politie-secties aan-
gewezen Inspecteurs;
b. de verbaliseerende controleur haalt dit concept - gecorrigeerd -
na een of twee dagen terug;
c. de verbaliseerende controleur levert het concept in bij Uw
Dienst, waar een net-exemplaar wordt getypt;
d. de verbaliseerende controleur levert dit net-exemplaar opnieuw
in bij het Politiebureau.
Voor de in 1936 opgemaakte 2000 processen-verbaal hebben de
controleurs dus duizenden malen de Politiebureaux moeten bezoeken. * Inhoud: De brief bespreekt voorstellen om de efficiëntie van de controleurs te verhogen door administratieve lasten en dubbel werk te verminderen.
* Kernpunten:
1. Frequentie van tellingen: De auteur stelt voor om de systematische tellingen van straatventers te verminderen van wekelijks naar één of twee keer per maand, aangezien reguliere dagrapporten al voldoende inzicht bieden in de "ventersdichtheid".
2. Bureaucratische rompslomp: Er wordt kritiek geuit op de omslachtige procedure voor het opstellen van een proces-verbaal. Voor elk proces-verbaal moet de controleur viermaal fysiek naar een kantoor of bureau (inleveren concept, ophalen correctie, inleveren voor uittypen, en inleveren van het definitieve exemplaar).
* Kwantificering: De tekst noemt dat er in 1936 maar liefst 2.000 processen-verbaal zijn opgemaakt, wat door de inefficiënte werkwijze leidde tot "duizenden" onnodige bezoeken aan politiebureaus.
* Toon: Zakelijk, observerend en gericht op procesverbetering. Dit document stamt uit mei 1937, een periode waarin de regulering van straathandel (venten) in Nederlandse steden strikt was. Het document geeft een inkijkje in de vooroorlogse gemeentelijke administratie en de samenwerking tussen specifieke controlediensten en de politie.
De "ventersdichtheid" was destijds een punt van zorg voor de overheid, zowel vanuit economisch oogpunt (concurrentie met winkeliers) als vanuit het oogpunt van openbare orde. De kritiek op de "vele handelingen" illustreert de uitdagingen van administratie in een tijdperk vóór digitalisering, waarin elk document handmatig getypt en fysiek rondgebracht moest worden. De handgeschreven kanttekening "v. Duin, blz. 4" suggereert dat dit document deel uitmaakte van een intern dossier bij een specifieke ambtenaar of afdeling. Politie