Handgeschreven brief (mogelijk een briefkaart).
Origineel
Handgeschreven brief (mogelijk een briefkaart). 11 juli 1940. S. Pais. [Aantekening in potlood door de tekst heen: onleesbaar, mogelijk "niet bev."]
A’dam 11 Juli 1940.
Mijnheer.
Bij deze deel ik u mede
dat er Maandags, Donderdags
en Vrijdag kooplui venten
in de Spaarndammer..
buurt en Barendstr..
die niet in het bezit
zijn van een ventverg..
ventende om lompen
metalen en aanverwante
artikelen en bieden
de menschen prijzen
die wij niet maken
kunnen. Verzoeke beleefd
daar eens een einde aan
te maken.
S. Pais.
Pieter Nieuwlandstr.. 39 II
A’dam. O. * Inhoud: De schrijver, S. Pais, dient een klacht in bij een onbekende instantie (waarschijnlijk de politie of de marktmeester) over illegale straathandel. Er wordt gemeld dat er op specifieke dagen (maandag, donderdag en vrijdag) in de Spaarndammerbuurt en de Barendszstraat ("Barendstr.") gevent wordt zonder de benodigde ventvergunning ("ventverg..").
* Kern van de klacht: Het gaat om de handel in lompen en metalen. De illegale handelaren bieden de bewoners hogere inkoopprijzen dan de legale handelaren (waartoe de schrijver waarschijnlijk behoort) kunnen bieden, wat duidt op oneerlijke concurrentie.
* Stijl: De brief is formeel en beleefd ("Verzoeke beleefd"), maar ook dwingend wat betreft de gewenste actie ("daar eens een einde aan te maken"). * Historisch moment: De brief is gedateerd 11 juli 1940, slechts twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste, waardoor de handel in afvalstoffen zoals oude metalen en textiel (lompen) economisch belangrijker werd.
* Sociaal-economisch: De handel in lompen en metalen was in Amsterdam traditioneel een sector waarin veel Joodse ondernemers actief waren. De achternaam "Pais" is een veelvoorkomende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Het document geeft een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel en de onderlinge concurrentie in deze sector aan het begin van de bezetting.
* Geografie: De schrijver woont zelf in de Dapperbuurt (Amsterdam-Oost), maar klaagt over activiteiten in de Spaarndammerbuurt (Amsterdam-West), wat suggereert dat zijn bedrijfsactiviteiten of die van zijn concurrenten de hele stad bestreken. S. Pais Politie
Samenvatting
- Inhoud: De schrijver, S. Pais, dient een klacht in bij een onbekende instantie (waarschijnlijk de politie of de marktmeester) over illegale straathandel. Er wordt gemeld dat er op specifieke dagen (maandag, donderdag en vrijdag) in de Spaarndammerbuurt en de Barendszstraat ("Barendstr.") gevent wordt zonder de benodigde ventvergunning ("ventverg..").
- Kern van de klacht: Het gaat om de handel in lompen en metalen. De illegale handelaren bieden de bewoners hogere inkoopprijzen dan de legale handelaren (waartoe de schrijver waarschijnlijk behoort) kunnen bieden, wat duidt op oneerlijke concurrentie.
- Stijl: De brief is formeel en beleefd ("Verzoeke beleefd"), maar ook dwingend wat betreft de gewenste actie ("daar eens een einde aan te maken").
Historische Context
- Historisch moment: De brief is gedateerd 11 juli 1940, slechts twee maanden na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste, waardoor de handel in afvalstoffen zoals oude metalen en textiel (lompen) economisch belangrijker werd.
- Sociaal-economisch: De handel in lompen en metalen was in Amsterdam traditioneel een sector waarin veel Joodse ondernemers actief waren. De achternaam "Pais" is een veelvoorkomende Sefardisch-Joodse naam in Amsterdam. Het document geeft een inkijkje in de strikte regulering van de straathandel en de onderlinge concurrentie in deze sector aan het begin van de bezetting.
- Geografie: De schrijver woont zelf in de Dapperbuurt (Amsterdam-Oost), maar klaagt over activiteiten in de Spaarndammerbuurt (Amsterdam-West), wat suggereert dat zijn bedrijfsactiviteiten of die van zijn concurrenten de hele stad bestreken.