Archief 745
Inventaris 745-337
Pagina 298
Dossier 90
Jaar 1940
Stadsarchief

Formele brief/kennisgeving van een toegangsontzegging.

19 april 1940. Van: De Directeur (van de Centrale Markt Amsterdam).

Origineel

Formele brief/kennisgeving van een toegangsontzegging. 19 april 1940. De Directeur (van de Centrale Markt Amsterdam). [Linksboven:] HG.
[Daaronder:] 77/8/2 M.

[Midden boven, handgeschreven:] extra
[Rechtsboven, handgeschreven:] ter. Hr. Moen.

[Rechtsonder de kop:] 19 April 1940.

[Adresblok:]
den Heer J.Kist,
Van der Hoopstraat 129 hs,
Amsterdam-West.
Wijk 19A.

[Inhoud:]
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 16 April jl.
op de Centrale Markt heeft schuldig gemaakt aan diefstal sub-
sidiair verduistering van een bankbillet van ƒ 10,-. Op grond
van dit feit ontzeg ik U, ingevolge artikel 35 lid 1 van het
Reglement op de Centrale Markt, den toegang tot die markt
voor de periode van 20 April tot en met 3 Mei a.s., terwijl
ik aan Burgemeester en Wethouders de vraag ter beoordeeling
heb voorgelegd, of U voor langeren termijn behoort te worden
uitgesloten.

[Ondertekening:]
De Directeur, Dit document betreft een officiële administratieve sanctie opgelegd aan een burger door het marktwezen van Amsterdam. De kernpunten zijn:
* Aanleiding: Een vermeend incident op 16 april 1940 waarbij de heer Kist beschuldigd wordt van diefstal dan wel verduistering (een juridisch voorbehoud middels de term 'subsidiair') van 10 gulden.
* Juridische basis: Er wordt direct verwezen naar artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, wat wijst op een strak gereguleerde marktorde.
* Sanctie: Een direct toegangsverbod van twee weken.
* Escalatie: De directeur geeft aan dat de zaak is voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een eventuele zwaardere straf (langdurige uitsluiting).

De toon is streng en formeel, wat past bij de autoritaire stijl van het openbaar bestuur in die periode. De Centrale Markthallen in Amsterdam waren in 1940 cruciaal voor de voedselvoorziening van de stad. Orde en betrouwbaarheid onder handelaren en bezoekers waren essentieel. Een bedrag van 10 gulden was in die tijd een aanzienlijke som (vergelijkbaar met ongeveer 100 euro aan koopkracht vandaag de dag).

De datum van 19 april 1940 is historisch gezien interessant: het is slechts drie weken voor de Duitse inval in Nederland. Het document toont aan dat de reguliere civiele ordehandhaving tot vlak voor de oorlog onverstoord doorging. De wijkvermelding "Wijk 19A" was onderdeel van het toenmalige Amsterdamse administratieve systeem. De handgeschreven notitie "ter. Hr. Moen" duidt waarschijnlijk op een dossieroverdracht aan een specifieke ambtenaar of juridisch adviseur die de zaak bij B&W moest bepleiten. J. Kist Marktwezen

Samenvatting

Dit document betreft een officiële administratieve sanctie opgelegd aan een burger door het marktwezen van Amsterdam. De kernpunten zijn:
* Aanleiding: Een vermeend incident op 16 april 1940 waarbij de heer Kist beschuldigd wordt van diefstal dan wel verduistering (een juridisch voorbehoud middels de term 'subsidiair') van 10 gulden.
* Juridische basis: Er wordt direct verwezen naar artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, wat wijst op een strak gereguleerde marktorde.
* Sanctie: Een direct toegangsverbod van twee weken.
* Escalatie: De directeur geeft aan dat de zaak is voorgelegd aan het College van Burgemeester en Wethouders (B&W) voor een eventuele zwaardere straf (langdurige uitsluiting).

De toon is streng en formeel, wat past bij de autoritaire stijl van het openbaar bestuur in die periode.

Historische Context

De Centrale Markthallen in Amsterdam waren in 1940 cruciaal voor de voedselvoorziening van de stad. Orde en betrouwbaarheid onder handelaren en bezoekers waren essentieel. Een bedrag van 10 gulden was in die tijd een aanzienlijke som (vergelijkbaar met ongeveer 100 euro aan koopkracht vandaag de dag).

De datum van 19 april 1940 is historisch gezien interessant: het is slechts drie weken voor de Duitse inval in Nederland. Het document toont aan dat de reguliere civiele ordehandhaving tot vlak voor de oorlog onverstoord doorging. De wijkvermelding "Wijk 19A" was onderdeel van het toenmalige Amsterdamse administratieve systeem. De handgeschreven notitie "ter. Hr. Moen" duidt waarschijnlijk op een dossieroverdracht aan een specifieke ambtenaar of juridisch adviseur die de zaak bij B&W moest bepleiten.

Genoemde Personen 1

Locaties

Centrale Markt

Producten

Kruidenier (Droog): Meel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Kooplieden in dit dossier 2

Bur.v.Maatsch.Steun Waterlooplein 751
P. Werken Waterlooplein 697

Gerelateerde Documenten 4