Ambbtelijke notitie/bijblad op een voorgedrukt formulier (Algemene Zaken Model No. 14).
Origineel
Ambbtelijke notitie/bijblad op een voorgedrukt formulier (Algemene Zaken Model No. 14). [Linksboven in kader:]
B I J B L A D V A N :
M. No. 85 / 15 / I / 1940
26/2 - ’40.
DOORGEZONDEN:
[Rechtsboven, schuin:]
oproepen 47
28-2-40
de Haan [handtekening]
[Hoofdtekst:]
Kan als afgedaan worden beschouwd.
Na ampele besprekingen is uiteinde-
lijk overeengekomen, dat de stallen-
verhuurder A. Schaap met ingang van
15 april 1940 zal zorg dragen dat den
marktkoopman Roodveld een kar in huur
wordt afgestaan, zooals door den [onduidelijk]
wordt gewenscht.
[Midden links:]
14-4-40
de Haan [handtekening]
[Midden, schuin geschreven:]
v. berg. [etc?]
geschillen =
opb
[Rechterzijde, verticale kolom met notities:]
O 1/3
Schaap f 1.-
Martens f 1.50
—————
2.50
kan hier geen
afgesloten kar
leveren.
Heeft voorheen in
Centrum gewoond.
Thans 2 jaar markt-
koopman op markt
Alb. Cuypstraat.
Bespreken in geschillen-
commissie.
Heeft betrekking behouden bij
Maarten.
[Rechtsonder:]
16-4-40 [Paraaf]
[Linksonder:]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft de afhandeling van een zakelijk geschil tussen een stallenverhuurder (A. Schaap) en een marktkoopman (Roodveld) in Amsterdam. De kern van de zaak is de verhuur van een marktkraam of kar voor de handel op de markt.
Uit de aantekeningen blijkt dat er na "ampele besprekingen" (uitvoerig overleg) en bemoeienis van een geschillencommissie een akkoord is bereikt. Vanaf 15 april 1940 moet Schaap een kar leveren die voldoet aan de wensen van de koopman. De rechterkolom bevat achtergrondinformatie over de marktkoopman (die voorheen in het centrum woonde en nu twee jaar op de Albert Cuypmarkt staat) en een financiële uitsplitsing van de kosten (totaal f 2.50).
De notitie is door meerdere ambtenaren geparafeerd, wat wijst op een zorgvuldige bureaucratische afwikkeling van een schijnbaar klein conflict in de Amsterdamse markthandel. Het document dateert uit het voorjaar van 1940, de maanden direct voorafgaand aan de Duitse inval in Nederland (mei 1940). Het biedt een uniek tijdsbeeld van de lokale economie in Amsterdam, specifiek rondom de Albert Cuypmarkt, die toen al een centrale rol speelde in de stad.
Het gebruik van "Model No. 14" van de afdeling Algemene Zaken toont de hoge mate van standaardisatie binnen het Amsterdamse gemeenteapparaat in die tijd. Dergelijke bijbladen werden gebruikt om dossiers aan te vullen zonder het hoofddocument te vervuilen, wat essentieel was voor de dossiervorming in een tijdperk van louter papieren administratie. De vermelding van een "geschillencommissie" duidt op een georganiseerde vorm van zelfregulering of gemeentelijke arbitrage binnen de marktsector. A. Schaap M. No