Inspectierapport / Dienstverslag van de marktinspectie.
Origineel
Inspectierapport / Dienstverslag van de marktinspectie. 30 december 1939 (met een latere kanttekening van 2 februari 1940). Waarschuwing 2-2-40 Lelleau | Rapport | markt Waterlooplein
De volgende vaste plaatshouders op het W.Plein
lieten zich op 30 Dec. 1939 vervangen of bijstaan
zonder toestemming.
-
No 96 H. Prins Polak heeft zich door zoon en dochter
laten vervangen – -
No 106 D. Visjager laat zich bijstaan door dochtertje.
-
No 108 W. v. d. Hoek laat zich bijstaan door zoon.
-
No 120 J. H. Hofman laat zich bijstaan door vader.
Plaatshouder n: 115 M. Cohen is e. d. dagen } aanteekenen
gehuwd met plaatshoudster n: 104 }
J. Goldschalk-Pieper. }
Aan den heer adres
202.
Inspecteur.
Amsterdam
30-12-1939
[S. Bijlsma] Het document is een ambtelijk rapport van een marktinspecteur (vermoedelijk S. Bijlsma) betreffende de dagelijkse gang van zaken op de markt aan het Waterlooplein. De inspecteur constateert dat op 30 december 1939 vier kooplui de regels hebben overtreden door familieleden (zoon, dochter, vader) in de kraam te laten werken zonder dat daarvoor de vereiste officiële toestemming was verleend. De aantekening linksboven ("Waarschuwing 2-2-40") suggereert dat dit rapport heeft geleid tot een formele disciplinaire maatregel in februari 1940.
Onderaan wordt melding gemaakt van het huwelijk tussen twee andere plaatshouders, M. Cohen en J. Goldschalk-Pieper. De toevoeging "aanteekenen" wijst op de noodzaak om de administratie van de standplaatsvergunningen aan te passen aan de nieuwe gezinssituatie. Dit rapport biedt een inkijkje in het strikte toezicht op de Amsterdamse markten vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De namen op het document (zoals Polak, Visjager, Cohen en Goldschalk) weerspiegelen het overwegend Joodse karakter van de markt op het Waterlooplein in die periode. Hoewel dit rapport nog handelt over reguliere marktverordeningen, zouden de omstandigheden voor deze specifieke groep kooplui na de Duitse inval in mei 1940 drastisch veranderen door de invoering van anti-Joodse maatregelen, die uiteindelijk leidden tot het volledig verbannen van Joden van de openbare markten. Dit document is daarmee een tastbaar bewijs van het normale 'vooroorlogse' leven dat onder streng ambtelijk toezicht stond.