Officiële waarschuwingsbrief.
Origineel
Officiële waarschuwingsbrief. 4 januari 1940. De Directeur van de Dienst van het Marktwezen (DV), Amsterdam. Den Heer D. Visjager, Nieuwe Prinsengracht 90 III, Amsterdam. [Links boven:]
DV.
[Rechts boven, handgeschreven:]
Zev. tr. au hall.
[Links midden:]
90/1/2 M.
[Midden, handgeschreven:]
Noordeen 5/1 -'40
[Rechts midden:]
4 Januari 1940
den Heer D. Visjager,
Nwe. Prinsengracht 90 III,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 10.
Mij is gerapporteerd, dat U zich op 30 December j.l.
op de markt Mosplein heeft laten bijstaan door Uw dochter,
zonder daarvoor mijn toestemming te hebben gekregen.
- Ik waarschuw U hierbij ernstig dit voortaan na te
laten.
De Directeur, Het document is een formele waarschuwing aan een marktkoopman, David Visjager. De aanleiding is een overtreding van de marktreglementen op 30 december 1939 op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord). De overtreding bestond uit het feit dat Visjager zich liet helpen door zijn dochter zonder de vereiste officiële toestemming van de directeur van het Marktwezen.
De toon van de brief is streng en ambtelijk ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), wat typerend is voor de gezagsverhoudingen binnen de gemeentelijke diensten van die tijd. De afkorting "DV." bovenin de brief staat vrijwel zeker voor 'Dienst van het Marktwezen'. De handgeschreven aantekeningen zijn waarschijnlijk administratieve verwijzingen van archivarissen of commiezen ter verwerking van de correspondentie. Deze brief dateert van januari 1940, de periode van de 'Mobilisatie' in Nederland, slechts enkele maanden voor de Duitse inval. De geadresseerde, David Visjager (geboren in 1897), was een Joodse marktkoopman die op de Nieuwe Prinsengracht woonde, een straat in de Amsterdamse Jodenbuurt.
Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat David Visjager de oorlog niet heeft overleefd; hij werd in 1942 in Auschwitz vermoord. Dit document illustreert de strikte regulering en bureaucratie waarmee marktkooplieden in Amsterdam te maken hadden vlak voordat de bezetter de regels voor Joodse ondernemers drastisch zou gaan aanscherpen en hen uiteindelijk volledig van de markten zou verbannen. De brief toont aan dat zelfs kleine administratieve overtredingen, zoals hulp van een familielid, nauwlettend werden gerapporteerd door marktmeesters. D. Visjager Marktwezen