Ambtelijk schrijven / Adviesbrief.
Origineel
Ambtelijk schrijven / Adviesbrief. 4 april 1940. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst of de Marktcentrale). [Rechtsboven handgeschreven:]
M. Müller
[Midden boven:]
VP/HG.
[Linksboven:]
98/5/2 H.
1
[Rechtsboven:]
4 April 1940.
[Links:]
Bewaring archieven der
Doopsgezinde Gemeente
in Hal Centrale Markt.
[Rechts:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Hoofdtekst:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 27 Maart jl. om advies ontvangen stuk no.321 L.M.1940 heb ik de eer U te berichten, dat mijnerzijds tegen inwilliging van het in dit stuk vervatte verzoek geen bezwaar bestaat, mits de kosten van verwarming, water, enz. in rekening kunnen worden gebracht, terwijl de gebruikers zelf de kosten voor verlichting der kantoren aan de Gemeente Electriciteitswerken zullen moeten betalen.
Evenals ik in mijn rapport d.d. 26 Maart jl. (No. 98/4/2 H.) bereids mededeelde, betwijfel ik ten zeerste, of de hal op de Centrale Markt wel geschikt is om er in oorlogstijd kostbare stukken te bewaren. Ik meen veeleer, dat de hal bij uitstek een object voor eventueele luchtbombardementen zal zijn. Ik stel U daarom voor ook omtrent het onderhavige verzoek het advies te vragen van het Hoofd van den Luchtbeschermingsdienst.
[Rechtsonder:]
De Directeur, * Inhoud: De brief betreft een reactie op een verzoek van de Doopsgezinde Gemeente om hun archief onder te brengen in de "Hal Centrale Markt". De directeur gaat in principe akkoord, mits de kosten voor nutsvoorzieningen door de gebruikers worden voldaan.
* Kernpunt: De directeur uit echter een zeer ernstig voorbehoud wat betreft de veiligheid. Hij voorziet dat de markthallen een primair doelwit zullen vormen bij luchtaanvallen en acht de locatie ongeschikt voor de bewaring van kostbare historische stukken in oorlogstijd.
* Stijl: Formeel-ambtelijk taalgebruik, kenmerkend voor de vooroorlogse bureaucratie ("mijnerzijds", "inwilliging", "vervatte verzoek", "bereids mededeelde"). * Historische timing: Het document is gedateerd op 4 april 1940. Dit is slechts vijf weken voor de Duitse inval in Nederland (10 mei 1940). De brief ademt de gespannen sfeer van de 'Grote Paraatheid' uit; men hield serieus rekening met een naderende oorlog en de dreiging van bombardementen vanuit de lucht.
* Locatie: De "Centrale Markt" verwijst naar de Marktcentrale in Amsterdam-West (Jan van Galenstraat), destijds een cruciaal punt voor de voedselvoorziening en daardoor inderdaad een strategisch risicovol object.
* Luchtbeschermingsdienst (LBD): Het advies om de LBD te raadplegen toont aan hoe deze relatief nieuwe dienst in 1940 een centrale rol begon te spelen in de stedelijke organisatie en de bescherming van cultureel erfgoed.
* Doopsgezinde Gemeente: De Doopsgezinden beschikken over een rijke historie en omvangrijke archieven. De behoefte om deze veilig te stellen getuigt van het algemene besef dat belangrijke culturele goederen gevaar liepen.