Archief 745
Inventaris 745-272
Pagina 358
Dossier 27
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief/memorandum.

27 oktober 1939.

Origineel

Ambtelijke brief/memorandum. 27 oktober 1939. Model No. 408
No. 268 M.S. 1939 25/10
GEMEENTELIJK BUREAU VOOR
MAATSCHAPPELIJKEN STEUN
VS/Wi.

AMSTERDAM, 27 October 1939.
Reguliersdwarsstraat 65—71

Bijlagen: 5.
Gelieve bij beantwoording aan te halen:
Lett. C.
No. 258.

Aan den Heer Wethouder voor den
Maatschappelijken Steun,
Raadhuis,
AMSTERDAM. Centrum.

In antwoord op Uw apostille d.d. 12 October j.l. No. 268 M.S.
'39 en in aansluiting op mijn brief C 258 van 2 October daaraan
voorafgaand, moge ik U onderstaand motiveeren, waarom deze Dienst
geen bezwaar heeft tegen het intrekken van de standplaats-ver-
gunningen, uitgereikt aan de volgende personen.

Mw. Ch. Bleekrode-Kinsbergen, geb. 11-1-1877, is weduwe sinds
1 December '38. Zij heeft geen inwonende kinderen. Wijlen haar
echtgenoot stond altijd op de markt; de vrouw zelve nooit. Hoewel
zij aanvankelijk voornemens was den markthandel voort te zetten,
voelt zij zich thans door lichamelijke zwakte hiertoe niet in
staat. Bovendien ontbreekt haar alle ervaring, zoodat er weinig
succes is te verwachten. De vrouw geniet f.10,25 per week steun
krachtens de Armenwet en verwoont f.5,50 per week.

W.v.d. Berg, geb. 11-12-1880, is gehuwd en heeft vijf inwonende
kinderen van 20 tot 11 jaar, waarvan de drie oudste tezamen
f.15,50 per week verdienen. De man heeft een vergunning voor
het innemen van een standplaats op de Lindengracht, waarvan hij
geen gebruik maakt, omdat hij geen kans ziet daar iets te ver-
dienen. Hij handelt in hoofdzaak in oud ijzer en zakken, waar-
voor hij geen standplaats noodig heeft, en wordt af en toe dezer-
zijds met eenig handelsgeld geholpen. Het gezin verwoont f.4.-
per week.

E.v.d. Bijl, geb. 25-9-1901, is gehuwd en heeft vijf jonge
kinderen. Het gezin geniet f.16,25 per week steun krachtens de
Armenwet, waarvan dezerzijds de woninghuur ad f.4,75 wordt be-
taald. De man is lijdende aan een oogziekte en werd door den
Gem.Geneesk.Dienst bij attest van 20 Mei 1939 invalide verklaard.
Hij kan van zijn standplaatsvergunning (voor Uilenburg) geen
gebruik meer maken.

L. Schaap, geb. 12-8-1900, is gehuwd en heeft drie jonge kinderen.
Het gezin ontvangt f.16.- per week steun krachtens de Armenwet;
de woninghuur bedraagt f.7.- per week. De man is gebocheld en
lijdt aan bronchitis; in verband met zijn gezondheidstoestand
kan hij niet meer op de markt staan, zoodat hij van zijn ver-
gunning geen gebruik maakt. Dit document is een ambtelijk advies van het Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun (de toenmalige sociale dienst) aan de wethouder. De kern van de zaak is de intrekking van marktvergunningen van individuen die ook financiële steun ontvangen.

De argumentatie voor intrekking is in alle gevallen pragmatisch en economisch van aard:
1. Onvermogen en gebrek aan ervaring: In het geval van Mw. Bleekrode-Kinsbergen wordt geoordeeld dat zij fysiek te zwak is en te weinig ervaring heeft om de handel van haar overleden man voort te zetten.
2. Economische onrendabiliteit: W. v.d. Berg gebruikt zijn vergunning op de Lindengracht niet omdat hij er niets verdient; hij verkiest de ambulante handel in oud ijzer.
3. Medische invaliditeit: Bij E. v.d. Bijl en L. Schaap is sprake van objectieve medische redenen (oogziekte/invaliditeit en lichamelijke gebreken/bronchitis) waardoor zij hun werk op de markt (bijv. Uilenburg) niet meer kunnen uitvoeren.

Opvallend is de gedetailleerde vermelding van de financiële situatie van deze burgers: de hoogte van de steun ("Armenwet"), de gezinssamenstelling en de exacte huurkosten ("verwoont"). Dit illustreert de verregaande controle die de overheid destijds uitoefende op mensen in de bijstand. Het document dateert van oktober 1939, de vroege dagen van de Tweede Wereldoorlog (waarin Nederland nog neutraal was) en het staartje van de Grote Depressie. De economische nood was groot, en de sociale zorg was gebaseerd op de Armenwet, die hulp verleende onder strikte voorwaarden en toezicht.

De genoemde locaties, zoals de Lindengracht en de wijk Uilenburg, waren belangrijke centra van handel voor de Amsterdamse arbeidersklasse en de Joodse bevolking. De namen in het document zijn ook tekenend voor de tijd; "Kinsbergen" en de buurt "Uilenburg" suggereren dat een deel van de betrokkenen uit de Joodse gemeenschap kwam, die in deze periode onder toenemende druk stond door de internationale ontwikkelingen.

Dit document biedt een inkijkje in de wijze waarop de gemeente Amsterdam probeerde de schaarse economische middelen (zoals marktkramen) te herverdelen door ze in te trekken bij degenen die ze door ziekte of onkunde niet meer effectief konden benutten.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies van het Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun (de toenmalige sociale dienst) aan de wethouder. De kern van de zaak is de intrekking van marktvergunningen van individuen die ook financiële steun ontvangen.

De argumentatie voor intrekking is in alle gevallen pragmatisch en economisch van aard:
1. Onvermogen en gebrek aan ervaring: In het geval van Mw. Bleekrode-Kinsbergen wordt geoordeeld dat zij fysiek te zwak is en te weinig ervaring heeft om de handel van haar overleden man voort te zetten.
2. Economische onrendabiliteit: W. v.d. Berg gebruikt zijn vergunning op de Lindengracht niet omdat hij er niets verdient; hij verkiest de ambulante handel in oud ijzer.
3. Medische invaliditeit: Bij E. v.d. Bijl en L. Schaap is sprake van objectieve medische redenen (oogziekte/invaliditeit en lichamelijke gebreken/bronchitis) waardoor zij hun werk op de markt (bijv. Uilenburg) niet meer kunnen uitvoeren.

Opvallend is de gedetailleerde vermelding van de financiële situatie van deze burgers: de hoogte van de steun ("Armenwet"), de gezinssamenstelling en de exacte huurkosten ("verwoont"). Dit illustreert de verregaande controle die de overheid destijds uitoefende op mensen in de bijstand.

Historische Context

Het document dateert van oktober 1939, de vroege dagen van de Tweede Wereldoorlog (waarin Nederland nog neutraal was) en het staartje van de Grote Depressie. De economische nood was groot, en de sociale zorg was gebaseerd op de Armenwet, die hulp verleende onder strikte voorwaarden en toezicht.

De genoemde locaties, zoals de Lindengracht en de wijk Uilenburg, waren belangrijke centra van handel voor de Amsterdamse arbeidersklasse en de Joodse bevolking. De namen in het document zijn ook tekenend voor de tijd; "Kinsbergen" en de buurt "Uilenburg" suggereren dat een deel van de betrokkenen uit de Joodse gemeenschap kwam, die in deze periode onder toenemende druk stond door de internationale ontwikkelingen.

Dit document biedt een inkijkje in de wijze waarop de gemeente Amsterdam probeerde de schaarse economische middelen (zoals marktkramen) te herverdelen door ze in te trekken bij degenen die ze door ziekte of onkunde niet meer effectief konden benutten.

Kooplieden in dit dossier 72

A. Brander Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Brander Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
R. Boeyen Zwanenburgwal Ziet voorloopig van marktplaats af.
R. Boeyen Zwanenburgwal Ziet voorloopig van marktplaats af.
T. van Dalen Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
T. van Dalen Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Vogel meerdere Kan op markten geen cent meer verdienen.
A. Vogel meerdere Kan op markten geen cent meer verdienen.
B.F. Reinen Uilenburg Kan wegens hooge prijzen der artikelen niet beginnen.
B.F. Reinen Uilenburg Kan wegens hooge prijzen der artikelen niet beginnen.
D.A. Mortel Waterlooplein Kan op de markt zyn brood niet verdienen.
D.A. Mortel Waterlooplein Kan op de markt zyn brood niet verdienen
D. de Rijke Waterlooplein Kan op de markt zijn brood niet verdienen.
D. de Rijke Waterlooplein Kan op de markt zijn brood niet verdienen.
David Overste Uilenburg Blijft voorlopig in steun.
D. Overste Uilenburg Blijft voorlopig in steun.
A. Hoogstraat Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Hoogstraat Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
E. v.d. Bijl Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
E. v.d. Bijl Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
C.P.F. Lemke Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven-
G. Lemke ✓ Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven-
H. Brilleman Uilenburg Kan in verband met gezondheidstoestand geen plaats meer op de markt innemen.
H. Brilleman Uilenburg Kan in verband met gezondheidstoestand geen plaats meer op de markt innemen.
H. Cosman Waterlooplein Kan op markten zijn brood niet verdienen.
H. Cosman Waterlooplein Kan op markten zijn brood niet verdienen.
H.F. van Dongen Zwanenburgwal Ziet geen kans op de markt zijn brood te verdienen.
H.F. van Dongen Zwanenburgwal Ziet geen kans op de markt zijn brood te verdienen.
H.J. Vieyra Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
H.J. Vieyra Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
Alle 72 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2