Archief 745
Inventaris 745-272
Pagina 360
Dossier 55
Jaar 1939
Stadsarchief

Brief van het Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun te Amsterdam.

2 oktober 1939. Van: Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun (vS/Wi.).

Origineel

Brief van het Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun te Amsterdam. 2 oktober 1939. Gemeentelijk Bureau voor Maatschappelijken Steun (vS/Wi.). [Briefhoofd links:]
No. 268 M.S. 1939 3/10
GEMEENTELIJK BUREAU VOOR
MAATSCHAPPELIJKEN STEUN
vS/Wi.

Bijlagen: 2.
Gelieve bij beantwoording aan te halen:
Lett. C.
No. 258.

[Briefhoofd rechts:]
N° 152 L.M. 1939 5/10
AMSTERDAM, 2 October 19.39.
Reguliersdwarsstraat 65-71

[Adressering:]
Aan den Heer Wethouder voor den
Maatschappelijken Steun,
Raadhuis,
AMSTERDAM. Centrum.

[Handgeschreven aantekening linksboven, deels onleesbaar:]
Weth. Bm & St bespr.
[Handtekening/Paraaf]

[Handgeschreven aantekening in de marge links, met pijl naar de lijst namen:]
Hoe veel zijn deze menschen met welk artikel handel zij?

[Body tekst:]
In antwoord op Uw apostille No. 268 M.S.'39 d.d. 7 September '39 betreffende de standplaats-vergunningen van veertien kooplieden, die langer dan zes achtereenvolgende maanden hun vaste plaats op de markten niet hebben bezet in verband met aan hen verleende ondersteuning, moge ik U het volgende berichten.

Dezerzijds bestaat geen bezwaar tegen het intrekken van de standplaatsvergunningen uitgereikt aan:

Wed. Bleekrode-Kinsbergen - Barndesteeg 18, I.
W.v.d. Berg - IJselmondestraat 2.
E.v.d. Bijl - Zwanenburgerstr. 41, II.
L. Schaap - Waverstraat 81, I.
H. Cosman - St. Antoniesbreestr. 88, II.
P.J. Stubbe - Kl. Kattenburgerstr. 26, I.
L. Koning - 1e Jan Steenstraat 65 hs.
H.J. Vieyra - Lepelstraat 40, II.
Giersbergen-Kloppenburg - Willemsstraat 123, III.
L. Davidson - Govert Flinckstr. 150, I.

De Dienst heeft wel bezwaar tegen het intrekken van de vergunningen, verleend aan:

A. van Dalen, Langestraat 42 hs. Deze valide maatschappelijk gesteunde, die krachtens de Armenwet een wekelijksche uitkeering ontvangt van f. 14,83, is gehuwd en heeft vijf inwonende kinderen van 18 tot 3 jaar, waarvan de 18-jarige dochter wisselende verdiensten heeft (die geregeld volgens de geldende bepalingen op den steun in mindering worden gebracht) en een 16-jarige zoon f. 7,50 per week verdient. Het gezin verwoont f. 5.- per week. De man ziet op het oogenblik geen kans als koopman in eigen onderhoud te voorzien, maar wil dit weer probeeren, als de toestand iets beter wordt en heeft daarom bezwaar tegen intrekking van zijn standplaatsvergunning. Dit document is een ambtelijk advies over het intrekken van marktvergunningen. In de jaren '30 gold de regel dat wie sociale steun ontving maar zijn vaste marktplaats langer dan een half jaar niet gebruikte, deze vergunning kon kwijtraken. Dit was bedoeld om 'slapende' vergunningen te voorkomen en ruimte te maken voor actieve handelaren.

De brief toont een duidelijke tweedeling:
1. Een lijst van 10 personen waarbij de Dienst geen bezwaar heeft tegen intrekking. Dit suggereert dat zij de handel definitief hebben opgegeven of niet kunnen motiveren waarom zij de plek behouden.
2. Een individueel dossier (A. van Dalen) waarbij de Dienst juist adviseert de vergunning niet in te trekken. De motivatie is sociaaleconomisch van aard: een groot gezin, een krappe financiële situatie en de hoop van de betrokkene om in de toekomst weer zelfstandig in zijn onderhoud te kunnen voorzien zodra de economische toestand verbetert.

De handgeschreven vraag in de kantlijn ("Hoe veel zijn deze menschen met welk artikel handel zij?") duidt op een behoefte aan meer detailinformatie bij de besluitvormer over de aard van de handel en de omvang van de groep. De datum van de brief, 2 oktober 1939, is historisch relevant. De Tweede Wereldoorlog was net uitgebroken (hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was) en de economische onzekerheid was groot. Veel kleine zelfstandigen en marktkooplieden leefden op de rand van de armoede en waren afhankelijk van de 'steun' (de toenmalige bijstand onder de Armenwet van 1912).

Opvallend is de lijst met namen. Namen zoals Bleekrode, Kinsbergen, Cosman, Vieyra en Davidson wijzen op een sterke vertegenwoordiging van de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse markthandel van die tijd. De adressen (zoals Barndesteeg en St. Antoniesbreestraat) situeren veel van deze personen in of nabij de toenmalige Joodse buurt. Dit document biedt daarmee een inkijkje in de kwetsbare sociaaleconomische positie van deze groep, vlak voordat de Duitse bezetting hun leven en handel volledig onmogelijk zou maken.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk advies over het intrekken van marktvergunningen. In de jaren '30 gold de regel dat wie sociale steun ontving maar zijn vaste marktplaats langer dan een half jaar niet gebruikte, deze vergunning kon kwijtraken. Dit was bedoeld om 'slapende' vergunningen te voorkomen en ruimte te maken voor actieve handelaren.

De brief toont een duidelijke tweedeling:
1. Een lijst van 10 personen waarbij de Dienst geen bezwaar heeft tegen intrekking. Dit suggereert dat zij de handel definitief hebben opgegeven of niet kunnen motiveren waarom zij de plek behouden.
2. Een individueel dossier (A. van Dalen) waarbij de Dienst juist adviseert de vergunning niet in te trekken. De motivatie is sociaaleconomisch van aard: een groot gezin, een krappe financiële situatie en de hoop van de betrokkene om in de toekomst weer zelfstandig in zijn onderhoud te kunnen voorzien zodra de economische toestand verbetert.

De handgeschreven vraag in de kantlijn ("Hoe veel zijn deze menschen met welk artikel handel zij?") duidt op een behoefte aan meer detailinformatie bij de besluitvormer over de aard van de handel en de omvang van de groep.

Historische Context

De datum van de brief, 2 oktober 1939, is historisch relevant. De Tweede Wereldoorlog was net uitgebroken (hoewel Nederland op dat moment nog neutraal was) en de economische onzekerheid was groot. Veel kleine zelfstandigen en marktkooplieden leefden op de rand van de armoede en waren afhankelijk van de 'steun' (de toenmalige bijstand onder de Armenwet van 1912).

Opvallend is de lijst met namen. Namen zoals Bleekrode, Kinsbergen, Cosman, Vieyra en Davidson wijzen op een sterke vertegenwoordiging van de Joodse gemeenschap in de Amsterdamse markthandel van die tijd. De adressen (zoals Barndesteeg en St. Antoniesbreestraat) situeren veel van deze personen in of nabij de toenmalige Joodse buurt. Dit document biedt daarmee een inkijkje in de kwetsbare sociaaleconomische positie van deze groep, vlak voordat de Duitse bezetting hun leven en handel volledig onmogelijk zou maken.

Kooplieden in dit dossier 72

A. Brander Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Brander Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
R. Boeyen Zwanenburgwal Ziet voorloopig van marktplaats af.
R. Boeyen Zwanenburgwal Ziet voorloopig van marktplaats af.
T. van Dalen Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
T. van Dalen Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Vogel meerdere Kan op markten geen cent meer verdienen.
A. Vogel meerdere Kan op markten geen cent meer verdienen.
B.F. Reinen Uilenburg Kan wegens hooge prijzen der artikelen niet beginnen.
B.F. Reinen Uilenburg Kan wegens hooge prijzen der artikelen niet beginnen.
D.A. Mortel Waterlooplein Kan op de markt zyn brood niet verdienen.
D.A. Mortel Waterlooplein Kan op de markt zyn brood niet verdienen
D. de Rijke Waterlooplein Kan op de markt zijn brood niet verdienen.
D. de Rijke Waterlooplein Kan op de markt zijn brood niet verdienen.
David Overste Uilenburg Blijft voorlopig in steun.
D. Overste Uilenburg Blijft voorlopig in steun.
A. Hoogstraat Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
A. Hoogstraat Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
E. v.d. Bijl Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
E. v.d. Bijl Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven.
C.P.F. Lemke Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven-
G. Lemke ✓ Uilenburg Aan oproeping geen gevolg gegeven-
H. Brilleman Uilenburg Kan in verband met gezondheidstoestand geen plaats meer op de markt innemen.
H. Brilleman Uilenburg Kan in verband met gezondheidstoestand geen plaats meer op de markt innemen.
H. Cosman Waterlooplein Kan op markten zijn brood niet verdienen.
H. Cosman Waterlooplein Kan op markten zijn brood niet verdienen.
H.F. van Dongen Zwanenburgwal Ziet geen kans op de markt zijn brood te verdienen.
H.F. van Dongen Zwanenburgwal Ziet geen kans op de markt zijn brood te verdienen.
H.J. Vieyra Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
H.J. Vieyra Waterlooplein Aan oproeping geen gevolg gegeven.
Alle 72 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2