Handgeschreven concept/ontwerp voor een reglementswijziging.
Origineel
Handgeschreven concept/ontwerp voor een reglementswijziging. 9 maart 1939. [Linksboven in rood potlood/stempel:] [ 5 doorsl. ]
Concept
MW.
Aanvulling Reglement op de CM.
[In rood/blauw potlood:] 17/3/1
[Rechtsboven:] A'dam, 9 Maart 1939.
[Doorgehaald:] MEP
W-L.M.
40/3-139 [gevolgd door paraaf/teken]
Krachtens artikel 16 lid 1 van het Reglement op de CM is degene, die aldaar een plaats voor een kalenderjaar wenscht te bezetten, verplicht een desbetreffende verklaring te onderteekenen.
In de practijk is de wenschelijkheid gebleken, om dergelijke verklaringen ook ~~te verlangen~~ van degenen, die een ~~vaste plaats~~ [ingevoegd:] plaats voor een kalendermaand of voor een kalenderweek (dit laatste komt soms voor in de hal, op grond van het Besluit van B en W d.d. 28 Mei 1937 No. 397/nl 1937).
~~Het lijkt~~ Door de bedoelde verklaringen in te voeren kan de controle op de heffing van het verschuldigde marktgeld, worden verbeterd en vereenvoudigd. Een en ander is met den accountant der afdeeling Financiën, den heer Rosenberg besproken, die zich met de gewijzigde controle-maatregelen vereenigde. Het lijkt mij daarom gewenscht art. 16 ~~van lid 1~~ van het Reglement op de CM ~~te doen luiden als volgt:~~
[Marge-aantekening links:]
De vermelding in het tweede lid van art. 16 der sedert 2 Dec. jl. ingevoerde verordening behoort m.i. tevens worden vervangen door het daarvoor in de plaats getreden artikel uit de Heffingsverordening.
"Degene, die een plaats wenscht in te nemen, is verplicht een desbetreffende verklaring te kantore van het Marktwezen te onderteekenen.
Indien ~~de in het vorige lid bedoelde verklaring~~ een plaats voor een kalenderjaar wordt bezet, zal ~~zij tevens~~ de desbetreffende verklaring tevens inhouden, of de aanvrager verlangt, dat B en W ~~te zijnen aanzien~~ gebruik maken van de bevoegdheid, hun verleend in het vijfde lid van art. 34 der Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en rentgelden."
Het is den laatsten tijd eenige keeren voorgekomen, dat grossiers, die op de CM een verkoopplaats of pakhuis bezetten, op de plaats of in het pakhuis van een andere grossier als verkooper optreden. De thans op dit stuk geldende bepalingen geven mij niet de bevoegdheid dit te verbieden, terwijl het tot zeer ongewenschte toestanden aanleiding kan geven. De mogelijkheid bestaat n.l. dat een... [einde pagina] Dit document is een ambtelijk concept (waarschijnlijk van de dienst Marktwezen, zie "MW") voor de wijziging van de marktreglementen in Amsterdam kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het hoofddoel van de voorgestelde wijziging is het aanscherpen en vereenvoudigen van de fiscale controle op de inning van marktgelden.
De kernpunten zijn:
1. Uitbreiding van de verklaringsplicht: Waar voorheen alleen voor jaarplaatsen een schriftelijke verklaring nodig was, wordt voorgesteld dit ook verplicht te stellen voor maand- en weekplaatsen. Dit moet administratieve onduidelijkheid over verschuldigde gelden voorkomen.
2. Afstemming met Financiën: Er is expliciet overleg geweest met de accountant van de afdeling Financiën, de heer Rosenberg, om de controlemaatregelen te stroomlijnen.
3. Onbevoegd optreden van grossiers: Het concept signaleert een probleem waarbij handelaren op elkaars toegewezen plekken verkopen. De huidige regelgeving schiet tekort om dit tegen te gaan, wat tot "ongewenschte toestanden" leidt. De Centrale Markt aan de Jan van Galenstraat (geopend in 1934) was in 1939 het kloppend hart van de voedseldistributie in Amsterdam. In deze periode was er een sterke behoefte aan strakke regulering en efficiënte belastinginning om de gemeentelijke financiën op orde te houden en de eerlijke handel op de markt te waarborgen.
De genoemde "Heffingsverordening" en de verwijzing naar besluiten uit 1937 tonen aan dat het marktbeheer in die jaren volop in ontwikkeling was. De documentatie weerspiegelt de bureaucratische zorgvuldigheid van die tijd, waarbij elke wijziging in lidmaatschap of termijn (jaar, maand, week) juridisch en financieel dichtgetimmerd moest worden. De datum, maart 1939, plaatst dit document in een roerige tijd waarin de normaliteit van de marktwerking nog voortduurde, vlak voordat de oorlogssituatie voor een geheel andere distributiedynamiek zou zorgen. Rosenberg (De heer) Marktwezen