Archiefdocument
Origineel
Blad 4.
- a. Waarom koopt het publiek op de markt? ****
b. Komt het publiek er nog om andere redenen dan om de lage prijzen? ****
(De enquêteur moet de volgende mogelijkheden niet zelf noemen doch het antwoord van den koopman afwachten)
- om zelf te kunnen uitzoeken;
- om te kunnen afdingen;
- om bij niet sluiten van den koop gemakkelijk te kunnen doorloopen;
- of is het hoofdzakelijk de begeerte om "koopjes" te halen?
- a. Hoeveel geld hebt U voor het drijven van Uw zaak nodig? ****
[handgeschreven] b. Hoeveel geldswaarde zit er in Uw handel?
[getypte 'b.' doorgehaald, handgeschreven 'c.'] Hoe wordt dit geld verkregen? ( [handgeschreven] van doorloopend crediet of leveranciers of )
[getypte 'c.' doorgehaald, handgeschreven 'e.'] Is dit geld van U zelf, geleend van familieleden, geleend van leveranciers of van personen buiten den markthandel om, of is het crediet U van overheidswege verstrekt? ****
[handgeschreven onder 'overheidswege':] (Handelsgeld)
d. Zoo ja, hoe groot is dan dat overheidscrediet? ****
[handgeschreven toevoegingen:]
e. Hoeveel is Uw gemiddelde weekomzet op deze markt?
f. Hoeveel Uw netto-verdienst op deze markt.
g. " Uw kosten op deze markt.
**TOT ZOOVER MET Dr.v.d.LAAN BESPROKEN**
[handgeschreven boven 9e:] Hoeveel rente (welke percentage) betaalt U voor
9. e. Hoe groot is de rentevoet bij het door U geleende geld? ****
f. Acht U dezen rentevoet te hoog? ****
[handgeschreven 'gever' boven 'vershaffer']
g. Heeft de credietvershaffer invloed op de leiding van Uw bedrijf? ****
h. Verkoopt U ook voor rekening van anderen? ****
i. Zoo ja, welke artikelen en tegen welke voorwaarden? ****
--- Dit document is een pagina uit een gedetailleerde vragenlijst voor een sociaal-economisch onderzoek naar de markthandel. De structuur van het document onthult verschillende aspecten van de onderzoeksmethodiek:
- Vraagstelling: De vragen richten zich op twee kerngebieden: de psychologie van de marktbezoeker (vraag 8) en de financiële structuur van de marktkraam (vraag 9). Er wordt expliciet instructie gegeven aan de enquêteur om antwoorden niet te suggereren, wat duidt op een streven naar objectiviteit.
- Financiële focus: Vraag 9 gaat diep in op de financiering van de onderneming, met aandacht voor leningen, leverancierskrediet, rentepercentages en zelfs de mate van controle die kredietverstrekkers uitoefenen op de bedrijfsvoering.
- Revisieproces: De vele handgeschreven aantekeningen tonen aan dat de vragenlijst tijdens het proces werd verfijnd. De toevoeging van vragen over weekomzet, nettowinst en kosten suggereert dat men behoefte kreeg aan hardere cijfers over de winstgevendheid.
- Redactionele opmerking: De zin "TOT ZOOVER MET Dr.v.d.LAAN BESPROKEN" geeft aan dat dit document een werkversie is die is afgestemd met een deskundige of projectleider.
--- Hoewel een exacte datum ontbreekt, wijst het taalgebruik (zoals de buigings-n in "den koopman") en de spelling op de eerste helft van de 20e eeuw, waarschijnlijk de jaren '30 of net na de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er een toenemende interesse van de overheid en sociologen in de 'middenstand' en kleine zelfstandigen.
Dergelijke enquêtes werden vaak uitgevoerd om de economische gezondheid van een sector in kaart te brengen, mogelijke misstanden (zoals woekerrentes of te grote afhankelijkheid van leveranciers) op te sporen, of om beleid te formuleren met betrekking tot markten en handel. De vermelding van "overheidswege verstrekt crediet" (Handelsgeld) wijst op bestaande steunmaatregelen voor kleine ondernemers, mogelijk in een tijd van economische crisis of wederopbouw.