Archief 745
Inventaris 745-273
Pagina 142
Dossier 11
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijke brief/rapportage (afschrift of minuut).

Origineel

Ambtelijke brief/rapportage (afschrift of minuut). [Handgeschreven rechtsboven:] Mr. Muller [?]
[Handgeschreven middenboven:] verzonden 1/3

20/5/2 M
VP/G.

28 Februari 1939.

Onregelmatigheden bij het bezetten van marktplaatsen.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.

Onder terugzending van den met Uw missive d.d. 20 Januari jl. (No. 89 L.M.1939) om advies ontvangen brief van Uw Ambtgenoot voor de Arbeidszaken d.d. 10 Januari jl. (No. 19/3 A.V.) heb ik de eer U te berichten, dat ik naar de in laatstgenoemden brief vermelde feiten, waaromtrent ik had verzocht op de hoogte te worden gesteld, een nauwkeurig onderzoek deed instellen. Daarbij is het navolgende gebleken:

I. Geval B.M. Ledegang:
Ledegang voornoemd liet zich op 19 October 1932 inschrijven op de sollicitantenlijst voor de markt Lindengracht. Hiermede gaf hij te kennen, dat hij als gegadigde voor een vaste plaats op de bedoelde markt wenschte te worden aangemerkt. De inschrijving beteekende echter geenszins, dat hem ook een plaats op de markt werd verleend: dit zou eerst het geval zijn, wanneer alle personen, die zich eerder dan Ledegang lieten inschrijven in de gelegenheid waren gesteld om een vaste plaats te aanvaarden, aangezien de toewijzing der plaatsen in de volgorde van inschrijving op de sollicitantenlijst geschiedt.

Totdat bij Besluit van Burgemeester en Wethouders d.d. 24 Juli 1936 (No. 330 L.M. 1936) het Reglement op de Markten onder andere ook met nadere bepalingen hieromtrent werd aangevuld, was de gang van zaken na de inschrijving aldus, dat de sollicitanten niets anders hadden te doen dan * Administratieve context: De brief is een formele rapportage aan de Wethouder voor de Levensmiddelen (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam, gezien de referentie naar de Lindengracht). Er is sprake van een ambtelijke correspondentie tussen verschillende departementen (Levensmiddelen en Arbeidszaken).
* Juridische basis: De toewijzing van marktplaatsen was gebaseerd op een chronologische wachtlijst ("sollicitantenlijst"). Er wordt verwezen naar een specifiek B&W-besluit uit 1936 dat het "Reglement op de Markten" wijzigde.
* Casus Ledegang: Het document onderzoekt de aanvraag van B.M. Ledegang uit 1932. De kern van de rapportage is het verduidelijken dat een inschrijving op de lijst slechts een blijk van belangstelling is en geen direct recht geeft op een standplaats.
* Toon: De tekst is strikt zakelijk en procedureel, kenmerkend voor de Nederlandse bureaucratie in de jaren '30. Dit document stamt uit de late jaren '30, een periode van economische schaarste waarbij een vaste marktplaats op een populaire markt zoals de Lindengracht in de Jordaan (Amsterdam) van groot essentieel belang was voor het levensonderhoud. De strikte regels en de jarenlange wachttijden (Ledegang schreef zich in 1932 in en in 1939 loopt er nog een onderzoek) leidden vaak tot klachten over vermeende onregelmatigheden of vriendjespolitiek.

Dergelijke onderzoeken waren nodig om de transparantie en rechtvaardigheid van het gemeentelijk marktwezen te waarborgen. Het feit dat er in 1936 nieuwe reglementen kwamen, suggereert dat het oude systeem uit de vroege jaren '30 onvoldoende handvatten bood voor de grote druk op de standplaatsen.

Samenvatting

  • Administratieve context: De brief is een formele rapportage aan de Wethouder voor de Levensmiddelen (waarschijnlijk van de gemeente Amsterdam, gezien de referentie naar de Lindengracht). Er is sprake van een ambtelijke correspondentie tussen verschillende departementen (Levensmiddelen en Arbeidszaken).
  • Juridische basis: De toewijzing van marktplaatsen was gebaseerd op een chronologische wachtlijst ("sollicitantenlijst"). Er wordt verwezen naar een specifiek B&W-besluit uit 1936 dat het "Reglement op de Markten" wijzigde.
  • Casus Ledegang: Het document onderzoekt de aanvraag van B.M. Ledegang uit 1932. De kern van de rapportage is het verduidelijken dat een inschrijving op de lijst slechts een blijk van belangstelling is en geen direct recht geeft op een standplaats.
  • Toon: De tekst is strikt zakelijk en procedureel, kenmerkend voor de Nederlandse bureaucratie in de jaren '30.

Historische Context

Dit document stamt uit de late jaren '30, een periode van economische schaarste waarbij een vaste marktplaats op een populaire markt zoals de Lindengracht in de Jordaan (Amsterdam) van groot essentieel belang was voor het levensonderhoud. De strikte regels en de jarenlange wachttijden (Ledegang schreef zich in 1932 in en in 1939 loopt er nog een onderzoek) leidden vaak tot klachten over vermeende onregelmatigheden of vriendjespolitiek.

Dergelijke onderzoeken waren nodig om de transparantie en rechtvaardigheid van het gemeentelijk marktwezen te waarborgen. Het feit dat er in 1936 nieuwe reglementen kwamen, suggereert dat het oude systeem uit de vroege jaren '30 onvoldoende handvatten bood voor de grote druk op de standplaatsen.

Kooplieden in dit dossier 69

A.F. Boomstra Waterlooplein
A.F. Boomstra Uilenburg
A. v. d. Ven Waterlooplein
A. v. d. Ven Waterlooplein
A.W. Rees Waterlooplein
A.W. Rees Uilenburg
W. Hendrixx Uilenburg
C. Ravesteyn Waterlooplein
G.J. Emons *Dapperstr. Uilenburg, zoon amstelveen, 6-6-86.* Uilenburg
G.J. Emons Waterlooplein
G. Lisser *Dapperstr.* Uilenburg
G. Lisser Waterlooplein
G.M. Waterman Waterlooplein
G.M. Waterman Uilenburg
G.W. Kragten Waterlooplein
G.W. Kragten Uilenburg
H. Ballering Waterlooplein
H. Ballering Uilenburg
H.H. Jonkman { *geb. 6/5 95 Dapperstr. Leeuwenmond. waterloopl.* Uilenburg
H. Jonkman Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
H. van Elburg Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Mullem Waterlooplein
J. Salomons Waterlooplein
J. Salomons *Uilenburg* Uilenburg
J. Stodel Waterlooplein
L. Baudoux Uilenburg
J. Stouwer Waterlooplein
J. Stouwer Uilenburg
Alle 69 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1