Handgeschreven memo/lijst met ambtelijke instructie.
Origineel
Handgeschreven memo/lijst met ambtelijke instructie. 29 november 1941. S Deegen Valkenb. str. 21^III [rechtsboven:] 4^e bericht
O. Drukker Eendrachtstraat 27 [rechtsboven:] opger. 5/12 '41
G. Italiaander Dijkstraat 41^II
Er. Jacobs Geldersekade 100^II
R Knegt Ma Dan Theronstraat 15^II
Ab. Pille Pres. Brandstr. 70^III
D. Polak Afrikanerplein 37
D. Snoek Hofmeyrstraat 12
M. Kischjager Ruyschstraat 131^I
Al. Waterman Jodenbreestraat 62^h
S Winnik Retiefstraat 46^III
G. v. d. Woude Vrolikstraat 58^II
Gelieve bovenstaande exploitatiehouders
ten spoedigste op te roepen of bericht te
zenden dat het verlichtingsmateriaal
onverwijld moet worden ingeleverd.
Amsterdam, 29 November '41
[Handtekening: Vrij.]
s.v.p. model briefje zenden
B^2/12 '41
[Stempels:]
-1. DEC. 1941
No 27/62/1 M. 1941 2/12
[In rood schrift:] 27/62/2 M Dit document is een administratieve opdracht om een groep van twaalf 'exploitatiehouders' (waarschijnlijk winkeliers of horeca-eigenaren) te dwingen hun verlichtingsmateriaal in te leveren. De lijst bevat namen en adressen die geconcentreerd zijn in Amsterdamse buurten met een grote Joodse populatie in die tijd (zoals de Jodenbreestraat en de Transvaalbuurt). Namen als Italiaander, Polak, Waterman en Kischjager bevestigen dit beeld. De tekst "ten spoedigste" en "onverwijld" onderstreept de dwangmatige aard van de vordering. De kanttekening "s.v.p. model briefje zenden" duidt op een gestandaardiseerde bureaucratische procedure voor deze inbeslagnames. Eind 1941 was de Duitse bezetting van Nederland in een fase beland waarin de Joodse bevolking stelselmatig werd beroofd van bezittingen en bestaansmiddelen. 'Verlichtingsmateriaal' verwijst in deze context vermoedelijk naar metalen armaturen of neonreclames van winkels. Deze werden gevorderd, deels vanwege de verduisteringsvoorschriften (black-out), maar vaker om het metaal (zoals koper of ijzer) om te smelten voor de Duitse oorlogsindustrie. De datum van 1 december 1941 op de stempel plaatst dit document in de periode vlak voor de oprichting van de Joodse Raad-afdelingen die de registratie en vordering van Joods bezit moesten faciliteren. Dit document toont de kille, ambtelijke uitvoering van de bezettingsmaatregelen op lokaal niveau. D. Polak D. Snoek G. Italiaander G. v. d. Woude M. Kischjager O. Drukker