Getypte memo / Logistiek calculatieblad.
Origineel
Getypte memo / Logistiek calculatieblad. Behoeften 800.000 personen, gedurende 42 dagen (Gerekend, dat personen, die zwaren arbeid verrichten eenerzijds en kinderen en zieken ander- zijds, elkaar compenseeren).
Boter } 500 gr in 18 dagen
Vet } 500 " " 17 dagen
Margarine 1000 " " 35 dagen.
in 42 dagen 1,2 kg per persoon
800.000 x 1,2 kg = 960.000 kg
Koelhuis.
Kaas: 100 gr in 7 dagen = 0.6 kg in 42 d.
800.000 x 0.6 kg = 480.000 kg
Vakkundig opslaan onder vakkundig toezicht in pakhuizen.
Eieren: 1 st. in 7 d. = 6 st. in 42 dagen.
800.000 x 6 = 4.800.000
Koelhuis of Kalken. Voorkeur kalken. Rekenen op rammelaars.
Ook omgeving Amsterdam b.v. Landsmeer.
Spek } 500 gr in 16 d.
Vleesch }
800.000 x 0.500 x 42/16 kg = 1.050.000 kg
Vrieskamers
Peulvruchten (ongeregeld)
500 gr in 3 weken
800.000 x 2 x 500 gr = 800.000 kg
Pakhuizen; deskundig toezicht.
Aardappelen 3 kg per week (3 kg wordt aangenomen)
800.000 x 3 x 6 = 14.400.000 kg
Overleggers Marktwezen.
Rijst : 250 gr in 28 dagen
800.000 x 42/28 x 250 gr = 300.000 kg
Pakhuizen.
Gort: 250 gr in 6 weken
800.000 x 1/4 kg = 200.000 kg * Doelgroep: De berekening is gebaseerd op 800.000 personen. Dit getal komt exact overeen met het geschatte inwoneraantal van de gemeente Amsterdam rond 1940-1944.
* Rantsoenering: Het document toont een zeer precieze berekening van de minimale behoeften. Er wordt rekening gehouden met een gemiddelde (waarbij zware arbeiders meer krijgen en kinderen/zieken minder, wat elkaar "compenseert").
* Logistiek: Er wordt specifiek verwezen naar opslagmethoden:
* Koelhuizen/Vrieskamers: Voor boter, vet en vlees.
* Kalken: Een conserveringsmethode voor eieren (bewaren in kalkwater).
* Rammelaars: Een term voor eieren die niet meer vers zijn (de dooier zit los), wat aangeeft dat men rekening hield met kwaliteitsverlies bij langdurige opslag.
* Locatie: De vermelding van "Landsmeer" en "Marktwezen" (mogelijk de Dienst voor het Marktwezen in Amsterdam) bevestigt de geografische focus op de regio Amsterdam. Dit document is vrijwel zeker een logistieke planning van de distributiediensten of de voedselvoorziening tijdens de Tweede Wereldoorlog. Gezien de omvang (800.000 personen) en de aard van de rantsoenen (zeer schaars: slechts 1 ei per week en 3 kg aardappelen), wijst dit op de voorbereiding voor een periode van extreme schaarste of een belegeringstoestand.
Dergelijke berekeningen waren cruciaal voor het Centraal Distributiekantoor (CDK) om te bepalen hoeveel voorraad er in de pakhuizen van de Amsterdamse haven en de koelhuizen aanwezig moest zijn om de bevolking voor zes weken (de genoemde 42 dagen) in leven te houden. De focus op "vakkundig toezicht" onderstreept hoe kostbaar deze voorraden waren in een tijd van honger en zwarte handel.