Archief 745
Inventaris 745-356
Pagina 160
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Verslag van een bespreking (notulen).

19 november 1941.

Origineel

Verslag van een bespreking (notulen). 19 november 1941. Bespreking op 19 November 1941 van den Directeur van het Marktwezen, den heer J.Sieburgh, H.A.van Duinhoven met den heer Mr. Brandenhorst van het Bureau van den Gemachtigde voor de Prijzen.

De heer Brandenhorst deelt mede, ervan op de hoogte te zijn, dat het Bureau Valstar/Velders momenteel bezig is met het verzorgen van den opslag van bepaalde stapelproducten voor den a.s. winter, als reserve voor een eventueele vorstperiode. De grossiers zijn daarbij ingeschakeld, doch hoe wordt de positie van de grossiers ten deze?

Het is dringend noodig, dat de betreffende producten op doelmatige wijze en tegen de daarvoor gestelde maximumprijzen onder den kleinhandel worden verdeeld. De laatste weken zijn omtrent wijze van verdeeling en maximumprijzen door den kleinhandel vele klachten aan het adres van den groothandel gericht.

Spreker memoreert, dat de veilingprijzen momenteel vrijwel geheel onder contrôle zijn gesteld. Met de grossiersprijzen is dit echter nog lang niet het geval! Kan derhalve de verdeeling der grossiers beter in de hand worden verkregen, waardoor contrôle op de prijzen ook mogelijk wordt?

De Directeur geeft een uiteenzetting van de regeling te Amsterdam in de maand Augustus tijdens de schaarschte van bepaalde groentesoorten. Heeft toen zeer bevredigend gewerkt.

Ten aanzien van de positie der stapelproducten is de verwachting, dat er voldoende aanvoer zal zijn, doch anderzijds kan worden aangenomen, dat de vraag zeer groot zal worden. Het publiek heeft op dit punt nu eenmaal een zekere angst en men kan verwachten, dat er in groote mate zal worden opgeslagen, indien dat mogelijk is, waardoor een prijsopdrijving zal ontstaan.

De bonafide groothandel der Centrale Markt heeft een open oog voor de onderhavige aangelegenheid en heeft daarom het initiatief genomen om voor de geheele komende winterperiode (dus niet alleen voor de voor de Gemeente te reserveeren producten) den verkoop van stapelproducten gecentraliseerd te doen plaatsvinden. Hiertoe zullen verdeellijsten worden opgemaakt, waarbij iedere kleinhandelaar een toewijzing ontvangt naar rato van zijn toewijzing voor aardappelen. Hierdoor wordt een basis verkregen, waarop iedere kleinhandelaar naar billijkheid en voor een hoeveelheid, waarop hij recht heeft, kan worden toegewezen.

De verkoop zal plaatsvinden met bons, welke door de Nederlandsche Middenstandsbank voor de deelnemende grossiers zullen worden verkocht. Hiermede is een volkomen neutrale instantie ingeschakeld, waardoor handhaving van de maximumprijzen bij voorbaat is verzekerd. Met de door hem gekochte bon gaat de kleinhandelaar naar den op de Centrale Markt gevestigden grossier en ontvangt daar de door hem gekochte hoeveelheid stapelproducten.

De kleinhandel is met dit plan zeer ingenomen; de heer Valstar heeft eveneens zijn ingenomenheid reeds doen blijken, terwijl de Gemeente terzake alle medewerking zal verleenen en zoo noodig sancties zal toepassen (uitsluiting van de Centrale Markt, wanneer onregelmatigheden zouden worden gepleegd, wegens het verstoren van de orde op de Centrale Markt).

De heer Brandenhorst juicht de ontworpen regeling toe en zal trachten te bevorderen, dat een dergelijk stelsel ook in de andere groote Gemeenten wordt gevolgd. De heer Brandenhorst verzoekt toezending van het plan Amsterdam en deelt mede, dat hij [doorgehaald]. Dinsdag 25 November a.s. te 8.30 uur v.m. de Centrale Markt gaarne wil bezoeken.

[Handgeschreven tekst onderaan:]
bergen in map winteropslag 1941/1942
ThD (paraaf) Dit document vormt een belangrijke primaire bron voor de studie naar de voedselvoorziening en distributie in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert de overgang van een vrije markt naar een strak gereguleerde distributie-economie onder toezicht van de bezetter en lokale autoriteiten.

De kern van de bespreking is de vrees voor prijsopdrijving en "oppotten" (hamsteren) door zowel burgers als handelaren als gevolg van schaarste en angst voor de komende winter. Om de zwarte markt tegen te gaan, wordt een gecentraliseerd systeem voorgesteld waarbij de verkoop via bankbons (Nederlandsche Middenstandsbank) verloopt. Dit creëert een papieren spoor waarmee prijzen strikt gecontroleerd kunnen worden.

Opvallend is de dreiging met zware sancties, zoals uitsluiting van de Centrale Markt, wat voor een handelaar in die tijd het einde van zijn bedrijfsvoering betekende. De "Amsterdamse regeling" dient hierbij als blauwdruk voor andere grote steden. In november 1941 was de Duitse bezetting ruim anderhalf jaar gaande. De distributie van levensmiddelen werd steeds nijpender. Het Bureau van den Gemachtigde voor de Prijzen was een orgaan dat door de bezetter was ingesteld (onderdeel van het Departement van Economische Zaken) om de inflatie en de zwarte handel te beteugelen.

De genoemde "stapelproducten" waren essentiële, lang houdbare gewassen zoals aardappelen, kool, wortelen en uien. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was het logistieke hart van de voedselstroom naar de stad. De referentie naar de "winteropslag 1941/1942" herinnert aan de bureaucratische inspanningen om een hongersnood te voorkomen, jaren voordat de beruchte Hongerwinter van 1944-1945 daadwerkelijk zou plaatsvinden.

Samenvatting

Dit document vormt een belangrijke primaire bron voor de studie naar de voedselvoorziening en distributie in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het illustreert de overgang van een vrije markt naar een strak gereguleerde distributie-economie onder toezicht van de bezetter en lokale autoriteiten.

De kern van de bespreking is de vrees voor prijsopdrijving en "oppotten" (hamsteren) door zowel burgers als handelaren als gevolg van schaarste en angst voor de komende winter. Om de zwarte markt tegen te gaan, wordt een gecentraliseerd systeem voorgesteld waarbij de verkoop via bankbons (Nederlandsche Middenstandsbank) verloopt. Dit creëert een papieren spoor waarmee prijzen strikt gecontroleerd kunnen worden.

Opvallend is de dreiging met zware sancties, zoals uitsluiting van de Centrale Markt, wat voor een handelaar in die tijd het einde van zijn bedrijfsvoering betekende. De "Amsterdamse regeling" dient hierbij als blauwdruk voor andere grote steden.

Historische Context

In november 1941 was de Duitse bezetting ruim anderhalf jaar gaande. De distributie van levensmiddelen werd steeds nijpender. Het Bureau van den Gemachtigde voor de Prijzen was een orgaan dat door de bezetter was ingesteld (onderdeel van het Departement van Economische Zaken) om de inflatie en de zwarte handel te beteugelen.

De genoemde "stapelproducten" waren essentiële, lang houdbare gewassen zoals aardappelen, kool, wortelen en uien. De Centrale Markt in Amsterdam (gelegen aan de Jan van Galenstraat) was het logistieke hart van de voedselstroom naar de stad. De referentie naar de "winteropslag 1941/1942" herinnert aan de bureaucratische inspanningen om een hongersnood te voorkomen, jaren voordat de beruchte Hongerwinter van 1944-1945 daadwerkelijk zou plaatsvinden.

Kooplieden in dit dossier 3

Kistenhuur is 20.000 kisten à 20 cent per kist = Uilenburg
Pand Medan

Gerelateerde Documenten 6