Handgeschreven concept of vergadernotitie.
Origineel
Handgeschreven concept of vergadernotitie. (Doorhalingen zijn weergegeven met een streep erdoor; toevoegingen tussen regels of in de marge zijn tussen [ ] geplaatst)
deze stapelproducten in goede banen (2
te leiden.
De Heer Valstar kan volkomen ~~Amsterdam~~,
onderschrijven, dat de gemeente dit jaar
meer doet opslaan, dan verleden winter.
(Toen was nl. opgeslagen: 25 wagons rapen
10 " uien
15 " wortelen
1100 balen valgroente.
-
Het is echter een feit, dat toen de handel
zelf over belangrijke voorraden beschikte,
welke thans ~~in het geheel~~ niet aanwezig
zijn. De Heer Valstar achtte dan ook de door
de gemeente voor dit winterseizoen aan-
gevraagde hoeveelheden een zeer bescheiden
opslag, gezien de behoeften van een
stad als Amsterdam.Afgesproken is, dat de leider van de
A'damsche grossierscombinatie, de heer
Dijkstra, zich, ter verkrijging [van bovengemelde hoeveelheden, welke] van eerste
kwaliteit ~~vullingsvrij~~ [zullen zijn], in verbinding zal stellen
[Zal zorgdragen dat de gevraagde hoeveelheden ook tijdig worden geleverd] met den heer Velders, die ~~thans~~ het contact
met de leveranciers in den lande e.z.
de betreffende leveringen tot stand zal
brengen.
ad. 2 Ook [hieraan] ~~wijden~~ de betreff. partijinstan-
ties bij voortduring aandacht; wanneer
terzake moeilijkheden zouden ontstaan,
dient onmiddellijk overleg met het
Bureau Velders te worden gepleegd.
~~waarna~~
De kans bestaat dat, evenals bij vorige jaar
met de kool het geval was, met het oogstaande de
voorraden voor de stapel producten ruim zijn,
de teler, in afwachting van hoogere prijzen, de
goederen in onvoldoende mate op de veiling brengt.
De Heer Valstar zegt dat rapen, uien, wortelen en
kool in voldoende mate hoeveelheden aanwezig zijn.
Des noodig zullen dan zijnerzijds maatregelen
worden getroffen om de regelmatige aanvoer
van deze artikelen aan de veiling te verzekeren. Dit document betreft de strategische voedselvoorziening voor de stad Amsterdam voor een komend winterseizoen. De kernpunten zijn:
1. Opslaghoeveelheden: Er wordt geconstateerd dat de gemeente meer moet opslaan dan het voorgaande jaar, omdat de private handel (de 'vrije' markt) geen eigen voorraden meer heeft.
2. Bescheidenheid: Ondanks de toename worden de gevraagde hoeveelheden door de heer Valstar als "zeer bescheiden" gekwalificeerd voor een stad van de omvang van Amsterdam.
3. Logistieke Coördinatie: Er is een duidelijke taakverdeling tussen de Amsterdamse grossiers (via Dijkstra) en de centrale inkoop/bemiddeling (via Bureau Velders).
4. Marktbeheersing: Er wordt gewaarschuwd voor speculatie door telers die producten vasthouden in de hoop op hogere prijzen. Valstar geeft aan bereid te zijn dwingende maatregelen te nemen om de aanvoer naar de veilingen te garanderen. De in de tekst genoemde "Heer Valstar" is vrijwel zeker Simon Valstar, die tijdens de Duitse bezetting een cruciale rol speelde als hoofd van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd (RBVO). De genoemde producten (rapen, uien, wortelen, kool) waren de zogenaamde "stapelproducten" die essentieel waren voor het volksvoedsel toen luxere producten schaars werden.
Bureau Velders fungeerde in deze periode als een belangrijk uitvoerend orgaan voor de distributie en het contact met de landbouwgebieden. Het document illustreert de verschuiving van een vrije markteconomie naar een strak geleide distributie-economie, waarbij de overheid (en de gemeente) gedwongen werd de rol van de handel over te nemen om de voedselzekerheid in de steden te waarborgen. De angst voor prijsopdrijving door boeren ("hoogere prijzen") was een constant punt van zorg voor de autoriteiten tijdens de oorlogsjaren. Rijksbureau