Officieel besluit/reglement betreffende de distributie van levensmiddelen.
Origineel
Officieel besluit/reglement betreffende de distributie van levensmiddelen. [Pagina 2]
2
Artikel II.
Aan een beperkt aantal door de R. C. T. aangewezen vereenigingen op het gebied van den eierhandel en grossiers in eieren kunnen vervoerbewijzen worden uitgereikt:
a. voor vervoer van eieren naar de opslagplaatsen dier vereenigingen en grossiers (vervoerbewijzen A), indien door die vereenigingen of grossiers voldoende waarborgen zijn gesteld, dat zij van die vervoerbewijzen een juist gebruik zullen maken, een en ander ter beoordeeling van de R. C. T.;
b. voor vervoer van eieren van de opslagplaatsen, sub a genoemd, naar door de R. C. T. aan te wijzen gemeenten of naar het bestuur van den bond van eierkalkers in Nederland (vervoerbewijzen B).
In bijzondere gevallen kan de R. C. T. ook aan andere vereenigingen en handelaren vervoerbewijzen verstrekken, zulks ter beoordeeling van die Rijkscommissie.
Artikel III.
De vereenigingen en handelaren, bedoeld in artikel II, zullen bij hunne eerste aanvraag om ontheffing moeten overleggen eene door hen geteekende verklaring, waarbij zij zich verbinden alle bij hen met vervoerbewijzen aangevoerde eieren, verminderd met ten hoogste 15 pct. van die hoeveelheid wegens uitval, te leveren, op de in artikel IV genoemde voorwaarden, aan de door de R. C. T. aan te wijzen gemeente(n) of aan het bestuur van den in artikel II genoemden bond, tegen ten hoogste den vastgestelden maximum-tusschenhandelprijs, welke prijs onder geen voorwaarde mag worden verhoogd, noch voor verpakking, noch voor thuisbezorgen, noch voor vracht, noch voor eenige andere door den verkooper te verrichten werkzaamheid.
Tegelijk met de opgaaf der R. C. T., aan wien de eieren moeten worden afgeleverd, zendt de R. C. T. de hiervoor benoodigde vervoerbewijzen.
Artikel IV.
De verzending der volgens aanwijzing van de R. C. T. voornoemd aan de gemeenten of aan het bestuur van de in artikel II genoemden bond te leveren eieren moet geschieden franco station van afzending en gedekt zijn door het door de R. C. T. aan den aanvrager uitgereikt vervoerbewijs.
Het risico der zending wordt door den kooper gedragen.
Alleen indien schade aan eene ontvangen zending veroorzaakt is door onvoldoende verpakking of minderwaardige hoedanigheid der eieren, komt deze ten laste van den afzender, mits het ontvangende gemeentebestuur of het bestuur van den bond voornoemd binnen 2 maal 24 uur na ontvangst der eieren van die schade telegrafisch heeft kennis gegeven aan de R. C. T. Alsdan zullen door de R. C. T. twee deskundigen worden aangewezen die vaststellen de grootte der schade en wie daarvoor aansprakelijk moet worden gesteld.
Artikel V.
De eieren worden door den leverancier berekend tegen ten hoogste den maximum-tusschenhandelprijs. De emballage moet binnen 14 dagen franco en in goeden staat, d. w. z. ook voorzien van het volledige verpakkingsmateriaal, worden teruggezonden.
Als waarborg voor de richtige terugzending van de emballage wordt door den leverancier op rekening gesteld en door de ontvangende gemeente voorloopig voldaan:
1°. voor lange kisten voor 1200 eieren ten hoogste f 3 per kist;
2°. voor kisten met cartonnage-verpakking (voor 500 à 600 eieren) ten hoogste f 5 per kist.
De leverancier is verplicht deze op rekening gestelde bedragen na terugontvangst der zich in goeden staat bevindende emballage franco terug te zenden.
De betaling van eieren en emballage moet uiterlijk binnen 3 dagen na ontvangst der eieren door het ontvangende gemeentebestuur aan den leverancier franco zonder eenige korting plaats hebben.
Artikel VI.
Zij, aan wie vervoerbewijzen A worden uitgereikt, hebben er voor zorg te dragen:
1°. dat door den afzender der eieren op denzelfden dag, waarop het vervoer een aan-
[Pagina 3]
3
vang neemt, de aan het vervoerbewijs bevestigde briefkaart behoorlijk ingevuld en franco per post wordt opgezonden aan de R. C. T. voornoemd;
2°. dat alle, aan hen op de vervoerbewijzen toegezonden hoeveelheden eieren, onmiddellijk bij aankomst worden ingeschreven in een daarvoor bestemd register;
3°. dat de vervoerbewijzen welke deze zendingen hebben begeleid, na afteekening door den ontvanger op den dag van ontvangst der eieren franco per post aan de R. C. T. worden toegezonden;
4°. dat elk vervoerbewijs, hetwelk voor vervoer van eieren wordt gebruikt, zoowel bij vertrek als aankomst dier eieren moet worden afgestempeld door of namens de Maatschappij of Onderneming, die het vervoer op zich heeft genomen;
5°. dat voor elke zending eieren anders dan per trein, tram of boot, het vervoerbewijs, dat die zending dekt, slechts één dag geldig is en wel op den dag, waarop het vervoer dier zending plaats heeft. Op het bewijs moet met inkt de datum zijn vermeld waarop het vervoer geschiedt.
Een bewijs dat een anderen of geen datum draagt, is ongeldig.
De gemeentebesturen of het bestuur van den in artikel II genoemden bond welke eieren, door bemiddeling der R. C. T. ontvangen, moeten de vervoerbewijzen B, welke deze zendingen begeleiden, onmiddellijk na ontvangst der zending inzenden aan het bureau der R. C. T. te 's-Gravenhage.
Verstrekking van vervoerbewijzen zal niet meer plaats hebben aan den aanvrager, die nalatig is gebleven in de nakoming der bovenstaande voor hem geldende bepalingen.
De aanvragen van de gemeentebesturen om eieren, zullen moeten worden ingediend bij het Rijks-Centraal-Administratiekantoor voor de Distributie van Levensmiddelen.
Artikel VII.
De kosten van ieder uitgereikt vervoerbewijs A bedragen 25 cent. Deze kosten zijn bij vooruitbetaling door den aanvrager van het bewijs te voldoen.
Voor de vervoerbewijzen B, dienende voor de verzending naar door de R. C. T. aangewezen plaatsen, worden geen kosten in rekening gebracht.
De Minister voornoemd,
POSTHUMA. Dit document bevat de administratieve en logistieke richtlijnen voor de handel in eieren onder een staat-gecontroleerd distributiesysteem. De kernpunten zijn:
* Vervoerbewijzen: Er wordt onderscheid gemaakt tussen type A (transport naar groothandels) en type B (transport naar gemeenten/eindbestemmingen).
* Prijsbeheersing: Er gelden strikte maximum-tussenhandelsprijzen. Extra kosten voor verpakking of transport mogen niet aan de koper worden doorberekend buiten de vastgestelde marges.
* Controle en Bureaucreatie: Handelaren moeten registers bijhouden, vervoerbewijzen laten afstempelen door vervoerders en gebruikte documenten per post terugsturen naar het hoofdkantoor in Den Haag (de R.C.T.).
* Logistiek: Er zijn specifieke regels voor emballage (kisten), inclusief statiegeldregelingen (f 3 tot f 5 per kist).
* Sancties: Bij het niet naleven van de administratieve regels wordt de verstrekking van nieuwe vervoerbewijzen stopgezet. De tekst stamt uit de periode van de Eerste Wereldoorlog (1914-1918). Hoewel Nederland neutraal was, ontstonden er grote tekorten door de blokkades op zee. De overheid greep in met de Distributiewet van 1916 om eerlijke prijzen en de beschikbaarheid van voedsel te garanderen.
Folkert Posthuma, die het document ondertekent, was als Minister van Landbouw, Nijverheid en Handel verantwoordelijk voor dit complexe systeem. Hij werd enerzijds geprezen om de organisatie, maar anderzijds diep gehaat door de bevolking vanwege de schaarste en de bureaucratie, wat uiteindelijk leidde tot het Aardappeloproer in 1917. De genoemde R. C. T. (Rijks-Centraal-Administratiekantoor) was het uitvoerende orgaan dat de enorme hoeveelheid papierwerk en toewijzingen beheerde die nodig waren om de nationale voedselvoorziening draaiende te houden.