Ambtelijke brief/correspondentie.
Origineel
Ambtelijke brief/correspondentie. 18 september 1918. Onbekend (gezien de inhoud waarschijnlijk de directeur of inspecteur van de Gemeentelijke Dienst van het Marktwezen). [Marginaal, linksboven:]
No 4655 M
[Rechtsboven:]
Amst. 18 Sept 1918
[Geadresseerde:]
Heeren B.W.
van Amsterdam
[Inhoud:]
Ter voldoening
aan uw schrijven d.d.
27 Augs no 491 A.S. (A)
heb ik de eer U mede
te deelen, dat bij den
dienst van het Markt-
wezen geen personen
zoodanigen lichamelijken
[ingevoegd in linker marge:] zwaren
arbeid verrichten dat
zij voor een extra rant-
soen levensmiddelen,
melk of voor ver-
korting van den
arbeidstijd in aanmer-
king komen. –
[Ondertekening:]
w.g.
[Onleesbare initialen/handtekening, mogelijk O.A.L.] Het document is een zakelijk, ambtelijk antwoord op een eerdere vraag van het Amsterdamse stadsbestuur. De schrijfstijl is formeel en hoffelijk ("heb ik de eer U mede te deelen"). De tekst is vlot geschreven in een typisch begin-20e-eeuws handschrift.
De kern van de boodschap is een afwijzing: na onderzoek binnen de dienst van het Marktwezen is geconcludeerd dat de werkzaamheden daar niet zwaar genoeg zijn om aanspraak te kunnen maken op extra privileges. Opvallend is de toevoeging van het woord "zwaren" in de marge, wat de nadruk legt op de fysieke ernst van de arbeid als criterium voor extra voorzieningen. Dit document stamt uit september 1918, de laatste maanden van de Eerste Wereldoorlog. Hoewel Nederland neutraal was, heerste er door de blokkades een enorme schaarste aan voedsel en brandstof. Er was een strikt distributiesysteem (bonnenstelsel) van kracht.
De overheid hanteerde specifieke regels waarbij personen die "zware lichamelijke arbeid" verrichtten, recht konden hebben op extra rantsoenen (zoals brood, vet of in dit geval specifiek genoemd: melk) om hun calorie-inname op peil te houden. Ook een verkorting van de arbeidstijd werd soms overwogen als compensatie voor de slechte voedselvoorziening en de daardoor afnemende fysieke weerstand van arbeiders. Uit deze brief blijkt dat de medewerkers van de Amsterdamse markten volgens hun superieur niet aan de strenge criteria voor deze extra steun voldeden. B.W. Marktwezen