Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier (Bijblad).
Origineel
Handgeschreven ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier (Bijblad). m.i. in dit geval geen besluit tot restitutie
laten nemen gezien het geringe bedrag
maar aan Hem berichten, dat hij tegen
afgifte van bijgaande kwitantie, die hij
moet teekenen, [doorgestreept: waarna een bedrag] een bedrag à f 1.- teruggave kan krijgen
ten kantore Gstr 14. Indien gewenscht
kan hij de kwitantie ook in betaling geven
voor [doorgestreept: het] intreegeld der eerstvolgende maanden. De tekst is een intern ambtelijk advies over de afhandeling van een restitutieverzoek. De essentie van de notitie is als volgt:
* Besluitvorming: De auteur adviseert om vanwege het kleine bedrag (één gulden) geen formeel besluit tot restitutie te laten nemen, vermoedelijk om de administratieve lasten laag te houden.
* Procedure: In plaats van een officieel besluit krijgt de verzoeker een kwitantie toegestuurd. Na ondertekening kan hij hiermee het bedrag van f 1,- ophalen bij een specifiek kantoor (Gstr 14, mogelijk een afkorting voor een straatnaam of gebouwnummer).
* Alternatief: De verzoeker krijgt ook de optie om de kwitantie te gebruiken als betaling voor 'intreegeld' (waarschijnlijk een lidmaatschap of abonnementsgeld) voor de komende maanden. Dit document stamt uit de beginperiode van de Duitse bezetting van Nederland (maart 1941). Het geeft een inkijkje in de dagelijkse bureaucratie van die tijd, waarbij zelfs voor kleine bedragen zoals één gulden (destijds wel meer waard dan nu, maar nog steeds een bescheiden som) zorgvuldige procedures werden gevolgd. De afkorting "m.i." staat voor "mijns inziens". Het gebruik van de 'ee' in "teekenen" is typerend voor de toenmalige spelling. De context van "intreegeld" suggereert dat dit document afkomstig zou kunnen zijn uit de administratie van een vereniging of een overheidsinstelling die diensten of lidmaatschappen aanbood. M. No
Samenvatting
De tekst is een intern ambtelijk advies over de afhandeling van een restitutieverzoek. De essentie van de notitie is als volgt:
* Besluitvorming: De auteur adviseert om vanwege het kleine bedrag (één gulden) geen formeel besluit tot restitutie te laten nemen, vermoedelijk om de administratieve lasten laag te houden.
* Procedure: In plaats van een officieel besluit krijgt de verzoeker een kwitantie toegestuurd. Na ondertekening kan hij hiermee het bedrag van f 1,- ophalen bij een specifiek kantoor (Gstr 14, mogelijk een afkorting voor een straatnaam of gebouwnummer).
* Alternatief: De verzoeker krijgt ook de optie om de kwitantie te gebruiken als betaling voor 'intreegeld' (waarschijnlijk een lidmaatschap of abonnementsgeld) voor de komende maanden.
Historische Context
Dit document stamt uit de beginperiode van de Duitse bezetting van Nederland (maart 1941). Het geeft een inkijkje in de dagelijkse bureaucratie van die tijd, waarbij zelfs voor kleine bedragen zoals één gulden (destijds wel meer waard dan nu, maar nog steeds een bescheiden som) zorgvuldige procedures werden gevolgd. De afkorting "m.i." staat voor "mijns inziens". Het gebruik van de 'ee' in "teekenen" is typerend voor de toenmalige spelling. De context van "intreegeld" suggereert dat dit document afkomstig zou kunnen zijn uit de administratie van een vereniging of een overheidsinstelling die diensten of lidmaatschappen aanbood.