Archief 745
Inventaris 745-361
Pagina 142
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Officieel rapport van de Gemeente Amsterdam, Dienst van het Marktwezen.

25 april 1941 (met administratieve verwerking tot 1 mei 1941).

Origineel

Officieel rapport van de Gemeente Amsterdam, Dienst van het Marktwezen. 25 april 1941 (met administratieve verwerking tot 1 mei 1941). [Stempel/Nummering rechtsboven:]
№ 53/20 / 1 M. 1941 29/4

[Getypte tekst:]
R A P P O R T

G.v.d.Hoed, die als personeel van zijn vader, den kooper H. A. van der Hoed toegang heeft tot de Centrale Markt sedert Augustus 1940 is zelf in het bezit van een erkenning als kleinhandelaar in aardappelen onder No 7709. Hij verklaarde, dat hij altijd zelfstandig handelaar is geweest, doch dat zijn vader voor hem aan de markt kocht. Hoed. Jr had dan toch in het bezit moeten zijn van een kooperkaart voor de Centrale Markt. Waar hij echter na December 1940 de markt niet meer heeft bezocht, doch alleen van Augustus 1940 tot einde 1940 van zijn toegangskaart gebruik heeft gemaakt, is hij aan Marktwezen dan f. 5.- verschuldigd. Hoed heeft thans een kooperskaart aangevraagd.

Den Heer Bedrijfschef
v/h Marktwezen.

Amsterdam 25 April 1941
Controleur,

[Handgeschreven handtekening, mogelijk:] Velthuizen

[Handgeschreven aantekeningen links:]
Ves [?]
betalen f 5.-
kw. [kwitantie] 161.
28/4 1941
[Paraaf]

[Handgeschreven aantekening rechtsonder:]
Opb. [Opgeborgen / Opbrengst]
[Paraaf] 1/5 41 Dit document is een ambtelijk rapport over een administratieve overtreding op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is een zoon (G.v.d. Hoed) die als zelfstandig aardappelhandelaar opereerde, maar de markt betrad op een personeelspas van zijn vader (H.A. van der Hoed).

Omdat hij als zelfstandig ondernemer werd aangemerkt, had hij over de periode augustus t/m december 1940 over een eigen 'kooperskaart' moeten beschikken. De Dienst van het Marktwezen stelt vast dat hij hiervoor nog 5 gulden (f. 5.-) verschuldigd is. Uit de handgeschreven kanttekeningen blijkt dat het bedrag op 28 april 1941 is voldaan (verwijzend naar kwitantie 161) en dat de zaak op 1 mei 1941 administratief is afgehandeld en opgeborgen. Het document dateert uit april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een cruciaal punt voor de voedselvoorziening in de stad.

In deze periode was de administratieve controle op handelaren zeer streng, niet alleen vanwege de reguliere marktgelden, maar ook vanwege de toenemende schaarste en de invoer van de distributiebonnen. De bureaucratie rondom vergunningen ("erkenning als kleinhandelaar") en toegangsbewijzen ("kooperkaart") diende om de handelsstromen strikt te monitoren. Hoewel het hier om een relatief klein bedrag gaat, illustreert het rapport de nauwgezetheid waarmee de gemeentelijke diensten de regels handhaafden, zelfs in oorlogstijd.

Samenvatting

Dit document is een ambtelijk rapport over een administratieve overtreding op de Centrale Markt in Amsterdam. De kern van de zaak is een zoon (G.v.d. Hoed) die als zelfstandig aardappelhandelaar opereerde, maar de markt betrad op een personeelspas van zijn vader (H.A. van der Hoed).

Omdat hij als zelfstandig ondernemer werd aangemerkt, had hij over de periode augustus t/m december 1940 over een eigen 'kooperskaart' moeten beschikken. De Dienst van het Marktwezen stelt vast dat hij hiervoor nog 5 gulden (f. 5.-) verschuldigd is. Uit de handgeschreven kanttekeningen blijkt dat het bedrag op 28 april 1941 is voldaan (verwijzend naar kwitantie 161) en dat de zaak op 1 mei 1941 administratief is afgehandeld en opgeborgen.

Historische Context

Het document dateert uit april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een cruciaal punt voor de voedselvoorziening in de stad.

In deze periode was de administratieve controle op handelaren zeer streng, niet alleen vanwege de reguliere marktgelden, maar ook vanwege de toenemende schaarste en de invoer van de distributiebonnen. De bureaucratie rondom vergunningen ("erkenning als kleinhandelaar") en toegangsbewijzen ("kooperkaart") diende om de handelsstromen strikt te monitoren. Hoewel het hier om een relatief klein bedrag gaat, illustreert het rapport de nauwgezetheid waarmee de gemeentelijke diensten de regels handhaafden, zelfs in oorlogstijd.

Ambtenaren

Bedrijfschef

Kooplieden in dit dossier 100