Archief 745
Inventaris 745-361
Pagina 359
Dossier 93
Jaar 1941
Stadsarchief

Administratief dossierstuk (bijblad/memo) betreffende brandstof- en transportvergunningen.

Origineel

Administratief dossierstuk (bijblad/memo) betreffende brandstof- en transportvergunningen. [Stempel linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 58/76/1 1941
DOORGEZONDEN: 7/10-41.

[Handgeschreven rechtsboven]
opmaken en brief terug
[Paraaf]
O/ho - 41
58/76/217 [in rood]
8/10/41
[Paraaf]

[Hoofdtekst handgeschreven]
Hr. Brouwer is in het bezit
van 2 benzinewagens. (toewijzing van het 50 L voor de 2 wag)
heeft pasjes aangevraagd. Met 2 à 3 weken klaar.
Rijdt vleesch. Nooit iets tegen hem.
Wil maandag benzine met auto.

[Aantekeningen rechtsonder]
Exp. Krt no. 7807
Exp. pers. Krt no. 7972
Toegang gelijk met koopakte uitgereikt op 10/10-41
Andere zoon momenteel ziek. [Paraaf] opb. hhd 15/10 '41

[Drukwerk linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Onderwerp: De aanvraag van benzine en transportvergunningen door een zekere de heer Brouwer, die werkzaam is in het vleestransport.
* Inhoud:
* Brouwer beschikt over twee voertuigen ("benzinewagens") en heeft een toewijzing van 50 liter brandstof.
* Er is een vertraging in de bureaucratie: de definitieve "pasjes" laten nog 2 tot 3 weken op zich wachten.
* Er is een korte antecedentencontrole uitgevoerd: "Nooit iets tegen hem", wat duidt op een goed gedrag of politieke betrouwbaarheid in de ogen van de toenmalige autoriteiten.
* De urgentie wordt aangegeven: hij heeft de benzine voor de eerstvolgende maandag nodig voor zijn auto/vrachtwagen.
* Onderaan worden specifieke kaartnummers genoteerd (Expeditiekaart en Persoonlijke Expeditiekaart), essentieel voor goederenvervoer tijdens de bezetting.
* Er is een menselijke noot toegevoegd: een andere zoon is ziek, wat mogelijk relevant was voor de toewijzing of de personele bezetting van het transportbedrijf. Dit document stamt uit de tweede helft van 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan brandstof en voedsel (vlees) groot, waardoor alles strikt gereguleerd was via het distributiestelsel. Transporteurs van essentiële goederen zoals vlees hadden speciale vergunningen ("Expeditiekaarten") en brandstoftoewijzingen nodig om hun werk te mogen doen. De controle "Nooit iets tegen hem" wijst op de screening die de bezetter en de meewerkende Nederlandse bureaucratie uitvoerden op personen in vitale sectoren. Het formulier weerspiegelt de complexe administratieve last waar burgers en ondernemers mee te maken kregen om basale economische activiteiten voort te kunnen zetten.

Samenvatting

  • Onderwerp: De aanvraag van benzine en transportvergunningen door een zekere de heer Brouwer, die werkzaam is in het vleestransport.
  • Inhoud:
    • Brouwer beschikt over twee voertuigen ("benzinewagens") en heeft een toewijzing van 50 liter brandstof.
    • Er is een vertraging in de bureaucratie: de definitieve "pasjes" laten nog 2 tot 3 weken op zich wachten.
    • Er is een korte antecedentencontrole uitgevoerd: "Nooit iets tegen hem", wat duidt op een goed gedrag of politieke betrouwbaarheid in de ogen van de toenmalige autoriteiten.
    • De urgentie wordt aangegeven: hij heeft de benzine voor de eerstvolgende maandag nodig voor zijn auto/vrachtwagen.
    • Onderaan worden specifieke kaartnummers genoteerd (Expeditiekaart en Persoonlijke Expeditiekaart), essentieel voor goederenvervoer tijdens de bezetting.
    • Er is een menselijke noot toegevoegd: een andere zoon is ziek, wat mogelijk relevant was voor de toewijzing of de personele bezetting van het transportbedrijf.

Historische Context

Dit document stamt uit de tweede helft van 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de schaarste aan brandstof en voedsel (vlees) groot, waardoor alles strikt gereguleerd was via het distributiestelsel. Transporteurs van essentiële goederen zoals vlees hadden speciale vergunningen ("Expeditiekaarten") en brandstoftoewijzingen nodig om hun werk te mogen doen. De controle "Nooit iets tegen hem" wijst op de screening die de bezetter en de meewerkende Nederlandse bureaucratie uitvoerden op personen in vitale sectoren. Het formulier weerspiegelt de complexe administratieve last waar burgers en ondernemers mee te maken kregen om basale economische activiteiten voort te kunnen zetten.

Kooplieden in dit dossier 100