Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 80
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Archiefdocument

11 juni 1941. Van: Directeur van het Marktwezen, Amsterdam.

Origineel

11 juni 1941. Directeur van het Marktwezen, Amsterdam. (Handgeschreven bovenaan midden:)
59/4/1 8

(Getypte tekst:)
Bladzijde 8 van brief No. 37/54/1 M. d.d. 11 Juni 1941 aan den
Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Directeur van
het Marktwezen.

Wat de door de N.V. Nederlandsche Veiling bereikte re-
sultaten betreft merk ik het volgende op.

De van de zijde der Gemeente gewenschte resultaten zijn
die, bedoeld in meergenoemd artikel 3 van het onderhavige con-
tract. Hiervan is in de practijk, zooals ik op bladzijde 3
reeds vermeldde, weinig terecht gekomen. Het overige deel der
werkzaamheden van de N.V. Nederlandsche Veiling was alleen wat
betreft bloemen en planten voor de Gemeente van belang. Van de
artikelen fruit, groente en aardappelen kan worden gezegd, dat
indien er te Amsterdam geen kleinhandelsveiling geweest ware,
er toch geen tekort voor de Amsterdamsche markt zou zijn ont-
staan. Deze artikelen zouden namelijk zijn aangevuld door een
grooteren aanvoer van de andere verkoopende groepen op de
markt. Bepalend voor den goodwill in den zin van het contract
is naar mijn meening echter wat de N.V. op dit gebied voor haar
eigen belangen heeft bereikt. De N.V.,(waarvan het maatschap-
pelijk kapitaal ƒ 25.000,- bedraagt (geheel geplaatst en vol-
gestort) heeft in den loop van de jaren tot en met het jaar
1938 geen winst uitgekeerd, terwijl over het jaar 1939 rond
ƒ 4.000,- voor winstuitkeering beschikbaar kwam. (Over het
jaar 1940 zijn nog geen cijfers beschikbaar). In de achtereen-
volgende contractjaren zijn reserves gekweekt en wel ƒ 4.500,-
als vernieuwingsfonds, ƒ 6.000,- loopende credietrisico's, ter-
wijl de emballage tot een bedrag van rond ƒ 46.000,-, de in-
ventaris tot een bedrag van rond ƒ 18.000,- en de oprichtings-
kosten ad rond ƒ 5.000,- geheel werden afgeschreven. Bovendien
werd in de jaren na 1935 afgeschreven het verlies over de jaren
1934 en 1935 ad rond ƒ 11.600,-. Hieruit valt af te leiden,
dat de N.V. in de laatste jaren gunstige financieele resultaten
heeft bereikt.

Hierbij merk ik op, dat zulks onder meer mogelijk is
geworden, doordat de pacht, gezien denomvang der onderhavige
inrichtingen, zeker laag gesteld is geweest. Over 1935 bestond
deze pacht uit de in het contract bepaalde vaste som van
ƒ 15.000,- per jaar, terwijl ontheffing werd verleend voor de
betaling van de contractueel aan de Gemeente te betalen omzet-
provisie ad 1 1/2% van den omzet voor zoover deze ƒ 2.000.000,-
niet te boven ging en 1% van het bedrag daarboven; successieve-
lijk werd de pacht teruggebracht tot laatstelijk (1-1-1938)
ƒ 12.000,- aan vast bedrag, benevens 1 1/4% van den omzet voor
zoover deze ƒ 750.000,- te boven ging.

Met de wijze waarop de winst verkregen werd zal bij
een eventueele bepaling van de vergoeding wegens goodwill,
welke krachtens artikel 14b van het onderhavige contract door
den Burgemeester zou moeten geschieden, uiteraard kunnen wor-
den rekening gehouden. Toch staat het naar mijn meening vast,
dat de bewuste bepalingen van artikel 14 van het contract ten
aanzien van den eventueelen nieuwen exploitant van de veiling
moeilijkheden zouden kunnen opleveren. Het is namelijk de
vraag in hoeverre bij verandering van exploitant de vroegere
relaties van de N.V. Nederlandsche Veiling voor den nieuwen
exploitant behouden zullen blijven. Het veilen te Amsterdam
gaf tot nu toe voor de inzenders dit voordeel, dat uitsluitend
aan den kleinhandel werd verkocht, zoodat daardoor betere
prijzen konden worden gemaakt, dan op de veilingen in het
land, waar hoofdzakelijk aan groothandelaren werd verkocht.
Hierdoor werden de hoogere transportkosten naar Amsterdam ge-

(Handgeschreven in de linkermarge:)
39 - 16 %
ƒ 6000 x 5 jaar
gedeeld door 10
voor helft 1940 * Inhoud: De tekst is een kritische financiële en operationele doorlichting van de "N.V. Nederlandsche Veiling", die een contract had met de gemeente Amsterdam voor het veilen van groenten, fruit en bloemen. De directeur van het Marktwezen stelt dat de door de gemeente beoogde resultaten (artikel 3) nauwelijks zijn behaald en dat de veiling voor de voedselvoorziening niet strikt noodzakelijk was.
* Financiële status: De N.V. is pas recentelijk (vanaf 1939) winstgevend geworden. Deze winstgevendheid wordt deels toegeschreven aan de zeer lage pachtvoorwaarden die de gemeente stelde. De onderneming heeft reserves opgebouwd en schulden/opstartkosten versneld afgeschreven.
* Goodwill-problematiek: Er wordt gediscussieerd over de berekening van "goodwill" (artikel 14b) bij een eventuele overdracht. De directeur twijfelt of het succes van de veiling – gebaseerd op directe verkoop aan de detailhandel tegen hogere prijzen – wel overdraagbaar is naar een nieuwe exploitant.
* Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de kenmerkende spelling en naamvallen van vóór de spellingwijziging van 1947 (bv. zooals, financieele, den omzet). * Tijdsgewricht: Het document dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
* Historische betekenis: Tijdens de bezetting stond de voedselvoorziening en marktregulering onder grote druk. De gemeente Amsterdam probeerde grip te houden op de exploitatie van markt- en veilingfaciliteiten. De discussie over contractbeëindiging of wijziging van exploitant suggereert een herstructurering van de distributieketen in een tijd van toenemende schaarste.
* Handgeschreven notities: De aantekeningen in de marge lijken rekensommen te zijn om de winstgevendheid of een vergoeding over het jaar 1940 in te schatten op basis van eerdere cijfers.

Samenvatting

  • Inhoud: De tekst is een kritische financiële en operationele doorlichting van de "N.V. Nederlandsche Veiling", die een contract had met de gemeente Amsterdam voor het veilen van groenten, fruit en bloemen. De directeur van het Marktwezen stelt dat de door de gemeente beoogde resultaten (artikel 3) nauwelijks zijn behaald en dat de veiling voor de voedselvoorziening niet strikt noodzakelijk was.
  • Financiële status: De N.V. is pas recentelijk (vanaf 1939) winstgevend geworden. Deze winstgevendheid wordt deels toegeschreven aan de zeer lage pachtvoorwaarden die de gemeente stelde. De onderneming heeft reserves opgebouwd en schulden/opstartkosten versneld afgeschreven.
  • Goodwill-problematiek: Er wordt gediscussieerd over de berekening van "goodwill" (artikel 14b) bij een eventuele overdracht. De directeur twijfelt of het succes van de veiling – gebaseerd op directe verkoop aan de detailhandel tegen hogere prijzen – wel overdraagbaar is naar een nieuwe exploitant.
  • Taalgebruik: Formeel ambtelijk Nederlands met de kenmerkende spelling en naamvallen van vóór de spellingwijziging van 1947 (bv. zooals, financieele, den omzet).

Historische Context

  • Tijdsgewricht: Het document dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland.
  • Historische betekenis: Tijdens de bezetting stond de voedselvoorziening en marktregulering onder grote druk. De gemeente Amsterdam probeerde grip te houden op de exploitatie van markt- en veilingfaciliteiten. De discussie over contractbeëindiging of wijziging van exploitant suggereert een herstructurering van de distributieketen in een tijd van toenemende schaarste.
  • Handgeschreven notities: De aantekeningen in de marge lijken rekensommen te zijn om de winstgevendheid of een vergoeding over het jaar 1940 in te schatten op basis van eerdere cijfers.

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6