Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 170
Dossier 55
Jaar 1941
Stadsarchief

Dienstbrief / Circulaire

1941 (specifiek 21 juni 1941 volgens stempel). Van: Nederlandsche Veehouderijcentrale (NVC), afdeling Voorraadbeheer.

Origineel

Dienstbrief / Circulaire 1941 (specifiek 21 juni 1941 volgens stempel). Nederlandsche Veehouderijcentrale (NVC), afdeling Voorraadbeheer. N E D E R L A N D S C H E V E E H O U D E R I J C E N T R A L E

III/No.8878 Voorraadbeheer Gr./S. 's-Gravenhage, '41.

[Handgeschreven rechtsboven:]
M. v. Dien
H. Jonkman

Betreft: ( No.6 )
Brand- en grondstoffen
koelhuizen.

[Stempel links:]
63 / 4 / 1 M. 1941 21/6

Aan Houders van Koel-en/of vrieshuizen.

Teneinde het ongestoord functioneeren van Uw koel-en/of vrieshuis zooveel mogelijk te waarborgen is het gewenscht dat wij weten, welke hoeveelheden grondstoffen (steenkolen, olie, amoniak enz.) voor Uw bedrijf noodig zijn in het tijdvak van 1 April '41 - 31 Maart '42.
Aangezien de benoodigde hoeveelheden afhankelijk zijn van de bezetting van Uw koel-en vriesruimte, zal het niet mogelijk zijn thans reeds op te geven hoe groot het verbruik der bedoelde grondstoffen tot 31 Maart '42 zal zijn.
U kunt dan ook volstaan met ons een opgave te verstrekken over het tijdvak van 1 April '40 - 31 Maart '41; indien echter naar Uw meening het verbruik in het eerst genoemde tijdvak, wegens uitbreiding of uit andere hoofde, waarschijnlijk belangrijk zal afwijken van het verbruik in het laatst bedoelde tijdvak, gelieve U zulks onder opgave van redenen te omschrijven onder het hoofd "nadere aanteekeningen", op de vragenlijst welke wij U ingesloten doen toekomen.
Bij het invullen der lijst gelieve U er rekening mede te houden, dat alleen die grondstoffen worden opgegeven welke noodig zijn voor het koelen en vriezen. Indien Uw bedrijf bepaalde grondstoffen ook gebruikt voor andere afdeelingen dient U, wanneer zulks in Uw administratie niet geschied mocht zijn, het verbruik van die bepaalde grondstoffen te verdeelen in de hoeveelheden welke naar Uw schatting noodig zijn voor het koelen en vriezen en de hoeveelheden welke voor andere doeleinden worden gebruikt.
Uit den aard der zaak moet U dan op de vragenlijst alleen de eerst bedoelde hoeveelheden invullen.

Verder maken wij U er nog op opmerkzaam, dat niet vermeld moeten worden de materialen welke U voor herstellingswerkzaamheden of eventueel nieuwbouw noodig mocht hebben.

NEDERLANDSCHE VEEHOUDERIJCENTRALE

[Twee handtekeningen in inkt]

Bijlage: 1 stencil No. 8873

[Rechtsonder handgeschreven:] 63 In deze brief vraagt de Nederlandsche Veehouderijcentrale aan exploitanten van koel- en vrieshuizen om een gedetailleerde opgave van hun verwachte verbruik van essentiële grondstoffen (brandstoffen zoals steenkool en olie, en koelmiddelen zoals ammoniak) voor het jaar 1941-1942.

De kernpunten uit de brief zijn:
1. Methodiek: Omdat toekomstig verbruik onzeker is (afhankelijk van de bezettingsgraad), dienen de cijfers van het voorgaande jaar (1940-1941) als basis.
2. Specificatie: Er moet strikt onderscheid worden gemaakt tussen verbruik voor koeling en verbruik voor andere bedrijfsactiviteiten.
3. Uitsluitingen: Materialen voor onderhoud, reparaties of bouwprojecten mogen niet worden meegeteld in deze specifieke aanvraag.
4. Verantwoording: Afwijkingen ten opzichte van het voorgaande jaar moeten worden gemotiveerd onder "nadere aanteekeningen". Het document dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Veehouderijcentrale (NVC) was een van de crisisorganen (later onderdeel van de bedrijfschappen) die door de overheid werden ingezet om de productie, distributie en prijsvorming van agrarische producten te reguleren.

In een tijd van toenemende schaarste was een strakke centrale planning noodzakelijk. Brandstoffen (zoals kolen) waren op de bon en werden door de bezetter gerantsoeneerd. Om de voedselvoorziening veilig te stellen, moesten koelhuizen blijven functioneren. Deze brief is een instrument van de distributiepolitiek: door precies te weten wat er nodig was, kon de centrale overheid de schaarse middelen toewijzen. De nadruk op het strikte onderscheid tussen koeling en "andere doeleinden" wijst op de noodzaak om verspilling of oneigenlijk gebruik van brandstoffen te voorkomen.

Samenvatting

In deze brief vraagt de Nederlandsche Veehouderijcentrale aan exploitanten van koel- en vrieshuizen om een gedetailleerde opgave van hun verwachte verbruik van essentiële grondstoffen (brandstoffen zoals steenkool en olie, en koelmiddelen zoals ammoniak) voor het jaar 1941-1942.

De kernpunten uit de brief zijn:
1. Methodiek: Omdat toekomstig verbruik onzeker is (afhankelijk van de bezettingsgraad), dienen de cijfers van het voorgaande jaar (1940-1941) als basis.
2. Specificatie: Er moet strikt onderscheid worden gemaakt tussen verbruik voor koeling en verbruik voor andere bedrijfsactiviteiten.
3. Uitsluitingen: Materialen voor onderhoud, reparaties of bouwprojecten mogen niet worden meegeteld in deze specifieke aanvraag.
4. Verantwoording: Afwijkingen ten opzichte van het voorgaande jaar moeten worden gemotiveerd onder "nadere aanteekeningen".

Historische Context

Het document dateert uit juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Veehouderijcentrale (NVC) was een van de crisisorganen (later onderdeel van de bedrijfschappen) die door de overheid werden ingezet om de productie, distributie en prijsvorming van agrarische producten te reguleren.

In een tijd van toenemende schaarste was een strakke centrale planning noodzakelijk. Brandstoffen (zoals kolen) waren op de bon en werden door de bezetter gerantsoeneerd. Om de voedselvoorziening veilig te stellen, moesten koelhuizen blijven functioneren. Deze brief is een instrument van de distributiepolitiek: door precies te weten wat er nodig was, kon de centrale overheid de schaarse middelen toewijzen. De nadruk op het strikte onderscheid tussen koeling en "andere doeleinden" wijst op de noodzaak om verspilling of oneigenlijk gebruik van brandstoffen te voorkomen.

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6