Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 259
Dossier 100
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypte officiële bekendmaking / prijzenbeschikking op briefpapier.

1941 (specifieke datum van de beschikking volgt op het Prijzenbesluit van 2 april 1941).

Origineel

Getypte officiële bekendmaking / prijzenbeschikking op briefpapier. 1941 (specifieke datum van de beschikking volgt op het Prijzenbesluit van 2 april 1941). NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3-4 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 245271 TELEFOON 720080*
TELEGRAMADRES: NEDVISCEN INTERCOMM. XX

Nº 46/3/2/2 M. 1941 [handgeschreven: 295, 120, 117]
Nº 397
Gezien [paraaf]

PRIJZENBESCHIKKING ZOETWATERVISCH 1941 Nº 2

Ter vervanging van het Prijzenbesluit 1941 Zoetwatervisch van 2
April 1941, № 1403, Afdeeling Visscherijen, is deze Beschik-
king, welke op het volgende neerkomt, thans van kracht.
(De tabellen, waarnaar hieronder verwezen is, zijn achter los
bijgevoegd).

TABEL A
Kolom I.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in het
volgende geval te worden berekend:
bij verkoop van een visscher aan een rooker, groothandelaar
of kleinhandelaar al of niet over een afslag, m.a.w. aan
anderen dan aan den consument.

Kolom II.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in de
volgende gevallen te worden berekend:
a) bij verkoop door een visscher rechtstreeks aan den
consument;
b) bij verkoop door een groothandelaar aan den rooker,
kleinhandelaar of consument.

Bovendien wordt bepaald, dat een visscher niet rechtstreeks
aan den consument mag leveren, tenzij hij duidelijk kan
aantonen, dat hij in de jaren 1939 en 1940 als regel recht-
streeks aan den consument leverde.

De in tabel A kolom I vastgestelde prijzen gelden franco
station van verzending, met uitzondering van het geval, dat
de groothandelaar aan den rooker levert. In dat geval geldt
de conditie "franco rookerij".

Het komt meermalen voor, dat tusschen den visscher en den
kleinhandelaar meer dan één grossier is ingeschakeld. In dat
geval zullen de grossiers de aan den grossier toegekende be-
looning moeten deelen. De belooning van den grossier bestaat
uit het verschil tusschen den verkoopprijs voor den visscher
(kolom I) en den verkoopprijs voor den groothandelaar
(kolom II).

Commissiekoopers mogen ƒ 0,02 per ½ kg exclusief vracht aan
hun opdrachtgevers in rekening brengen. Vanzelfsprekend komt
deze belooning in mindering van de opdrachtgevers.

Kolom III.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in het
volgende geval te worden berekend:
bij verkoop van een kleinhandelaar, die de visch direct van
den visscher betrekt, dus niet door tusschenkomst van den
groothandelaar.
z.o.z.

(A) 19624 - '41

--- Dit document is een administratieve verordening die de prijzen en de distributie van zoetwatervis in Nederland reguleert. De kern van de beschikking is de indeling van prijsniveaus in drie categorieën (kolommen), afhankelijk van de positie van de koper en verkoper in de handelsketen.

Opvallende punten:
* Prijsbeheersing: Er worden strikte maxima gesteld aan verkoopprijzen om inflatie of woekerwinsten tegen te gaan.
* Distributiebeperking: Vissers mogen alleen direct aan consumenten verkopen als zij kunnen bewijzen dit ook vóór de oorlog (1939-1940) te hebben gedaan. Dit diende om de handel via officiële kanalen (zoals de afslag) te dwingen, waar controle makkelijker was.
* Margeregeling: Er is een specifieke bepaling voor het delen van marges wanneer er meerdere tussenhandelaren (grossiers) betrokken zijn, en een vastgestelde vergoeding voor commissiekopers (2 cent per pond).

--- Het document dateert uit 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een zogenaamde 'ordening' van het bedrijfsleven, ingesteld door de bezetter onder toezicht van het Departement van Landbouw en Visscherij.

In deze periode was er sprake van toenemende voedselschaarste. De bezetter voerde een strak distributie- en prijssysteem in om de voedselvoorziening te controleren, de zwarte markt in te dammen en ervoor te zorgen dat een aanzienlijk deel van de productie naar Duitsland kon worden geëxporteerd. Dergelijke beschikkingen waren essentieel voor de economische oorlogsvoering; ze maakten deel uit van de bureaucratische apparatuur die elke stap van de productie tot aan de consument vastlegde. De vermelding van de jaren 1939 en 1940 als referentiepunt toont aan hoe de overheid probeerde de "normale" vooroorlogse handelssituatie als maatstaf te gebruiken voor oorlogstijdse restricties.

Samenvatting

Dit document is een administratieve verordening die de prijzen en de distributie van zoetwatervis in Nederland reguleert. De kern van de beschikking is de indeling van prijsniveaus in drie categorieën (kolommen), afhankelijk van de positie van de koper en verkoper in de handelsketen.

Opvallende punten:
* Prijsbeheersing: Er worden strikte maxima gesteld aan verkoopprijzen om inflatie of woekerwinsten tegen te gaan.
* Distributiebeperking: Vissers mogen alleen direct aan consumenten verkopen als zij kunnen bewijzen dit ook vóór de oorlog (1939-1940) te hebben gedaan. Dit diende om de handel via officiële kanalen (zoals de afslag) te dwingen, waar controle makkelijker was.
* Margeregeling: Er is een specifieke bepaling voor het delen van marges wanneer er meerdere tussenhandelaren (grossiers) betrokken zijn, en een vastgestelde vergoeding voor commissiekopers (2 cent per pond).


Historische Context

Het document dateert uit 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een zogenaamde 'ordening' van het bedrijfsleven, ingesteld door de bezetter onder toezicht van het Departement van Landbouw en Visscherij.

In deze periode was er sprake van toenemende voedselschaarste. De bezetter voerde een strak distributie- en prijssysteem in om de voedselvoorziening te controleren, de zwarte markt in te dammen en ervoor te zorgen dat een aanzienlijk deel van de productie naar Duitsland kon worden geëxporteerd. Dergelijke beschikkingen waren essentieel voor de economische oorlogsvoering; ze maakten deel uit van de bureaucratische apparatuur die elke stap van de productie tot aan de consument vastlegde. De vermelding van de jaren 1939 en 1940 als referentiepunt toont aan hoe de overheid probeerde de "normale" vooroorlogse handelssituatie als maatstaf te gebruiken voor oorlogstijdse restricties.

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6